Over rusteloosheid

boek vrijdag 04 maart 2011

Arjen van Veelen

Sociale netwerksites als Hyves, Network en Facebook zijn op het internet bijzonder populair. Facebook heeft momenteel al meer dan 500 miljoen actieve leden en elke dag sluiten er zich duizenden nieuwe gebruikers bij aan. Via dit netwerk kan men op een eenvoudige manier in contact komen met talloze ‘vrienden’ en gelijkgestemden, chatten, foto’s en video’s delen, enz. Dat de oprichter en directeur Mark Zuckerberg hiermee wereldsucces boekte, blijkt niet alleen uit het grote aantal leden, maar nog meer uit de schatting van de waarde van het bedrijf, namelijk 15 miljard dollar en dat ondanks het feit dat nog maar nauwelijks geld werd verdiend met de massaal gebruikte site. Daar zal waarschijnlijk snel verandering in komen. Facebook begon in 2007 met een programma waarmee advertenties worden getoond op basis van voorkeuren en gedrag van gebruikers en vrienden. Dit lokte heel wat reacties uit bij de gebruikers van Facebook wegens schending van de privacy. Het programma werd stopgezet maar het is duidelijk dat netwerksites munt willen en zullen slaan uit de enorme hoeveelheid persoonlijke informatie die door de gebruikers dagelijks bewust of onbewust wordt ingetikt. Facebook is intussen zo ingeburgerd dat het juist opvalt wanneer iemand er niet aan meedoet.

Over Facebook en andere populaire internettoepassingen zoals Twitter, Skype, Google Earth, Street View en Hyves schreef de Nederlandse classicus Arjen van Veelen een hoogst vermakelijk boekje onder de titel Over Rusteloosheid. De auteur die klassieke talen, journalistiek en nieuwe media studeerde, gaat hierin op zoek naar het gedrag, de motieven en de verwachtingen van de gebruikers van deze nieuwe internetsites en vergelijkt die met het menselijk gedrag zoals beschreven door tal van Griekse en Romeinse filosofen. En dan merk je dat het menselijk handelen nog steeds gestuurd wordt door dezelfde innerlijke drijfveren: behaagzucht, hoogmoed, ijdeltuiterij, naijver, de zucht naar roem, en vooral de vrees om onopgemerkt te blijven. Het bekende ‘Je pense, donc je suis’ van Descartes heeft allang de plaats moeten ruimen voor wat de jonge filosofen Stine Jensen en Rob Wijnberg in hun boek Dus ik ben omschrijven als ‘Ik hoor erbij, dus ik ben’, ‘het verlangen om verlangd te worden’ of ‘de zucht van elke mens naar erkenning’. Die hang naar erkenning is dan ook een van de redenen van het succes van Facebook waar mensen alle kansen krijgen om zich via foto’s, video’s en teksten zo gunstig mogelijk voor te stellen om aantrekkelijk gevonden te worden. ‘Niet de mens verandert, alleen zijn faciliteiten’, dat was al de boodschap van de befaamde Griekse geschiedschrijver Thucydides, zo merkt Van Veelen op.

‘Esse est percipi’ of ‘Zijn is opgemerkt worden’, schrijft de auteur, die toegeeft dat hijzelf tijdens zijn schrijfwerk om de paar minuten op Facebook gaat. Het is zijn draad van Adriadne in zijn labyrint zonder dewelke hij gek zou worden. ‘De gemiddelde Facebookgebruiker leest het ‘boek’ een uur per dag; ofwel een werkdag per week’, waarmee de auteur aantoont hoe ernstig we dit schijnbare spel nemen. We verkondigen uur na uur waar we mee bezig zijn en lezen gretig wat de anderen doen. We sluiten vriendschappen met zo goed als onbekende medemensen en oordelen over onszelf en over anderen dat we het ‘leuk’ vinden. Iets ‘stom’ vinden kan niet, daarvoor hebben de ontwikkelaars maar al te goed begrepen dat we enkel de zonnige kanten van het leven willen delen met de rest van de wereld. Natuurlijk schrijven we ook soms trieste zaken over afgebroken liefdes, milde ziektes en ongenoegen over het gedrag van anderen, een inzicht in onze selfish passions, maar ook dat doen we doelbewust met oog op zelfverwacht medeleven, troost en bijval. Maar veel meer aandacht geven we aan alles wat ons blij maakt, waarbij we hopen de aandacht te trekken zodat de anderen ons ‘leuk’ zou vinden, in het bijzonder die ene persoon waarnaar men verlangt en waar men via een handige omweg zijn diepste verlangens op projecteert.

Daarbij trekken we alle registers open en maken we ons vrolijk over de lotgevallen van de bekenden der aarde. Zo gedraagt menige internetgebruiker zich als een onvervalste ‘columnist, paparazzo, etaleur, spindokter, talkshowhost, kunstenaar, persvoorlichter, onderzoeksjournalist en televisiepsychiater’, aldus Van Veelen, en is Facebook gewoon een kopie van het echte bestaan. Wie op dit netwerk actief is, weet dat hij of zij bij elke update van zijn of haar status nadenkt over zijn of haar publieke imago. Hoe zal ik hiermee overkomen? Zal ik mezelf wat ‘opsmukken’? Eenvoudig is dit niet, schrijft de auteur, want ‘je echte vrienden lezen ook mee en je kunt dus geen harde leugens verkondigen’. Net zoals in het echte leven heeft een Facebookgebruiker immers snel door wie overdrijft, wie ‘naturel’ is, en zelfs wie naar zijn of haar aandacht hengelt. En hetzelfde bij het wisselen van profielfoto, alhoewel sommigen zover gaan om zowat hun hele privé-leven in beeld aan de wereld te verkondigen, zo worden op Facebook maandelijks drie miljard foto’s geplaatst. Met het grootste gemak gooit men op die manier zijn privacy te grabbel en wie zijn instellingen niet zorgvuldig heeft ingesteld, beseft niet dat duizenden anderen zich vergapen op hun ‘intiemste’ bezigheden. ‘Ben ik een vieze voyeur als ik door fotoalbums blader van mensen die ik nauwelijks ken?’, zo vraagt de auteur zich af, maar neen, diegenen die dat toelaten willen dat juist. ‘Als ik voyeur ben, zijn zij exhibitionist’.

Met Facebook creëren we ons een eigen droomwereld in de hoop om zo de ridder op het witte paard tegen te komen, de man of vrouw van onze dromen en daarvoor zijn alle middelen goed. Zo bestaat er Doppelgänger Week (‘een week die weken duurde’) waarbij men zijn profielfoto kon wijzigen in een beroemdheid en dan hopen op bijval van de ‘vrienden’. ‘Het is vleiend om te horen dat je op een beroemdheid lijkt’, zegt Van Veelen die de menselijke psyche blijkbaar goed kent, want het werd inderdaad een megasucces. Plots doken overal foto’s op van sporthelden en filmsterren waarop de Facebookgebruiker in min of meerdere mate gelijkenissen zou vertonen, alsof de kwaliteiten van de beroemdheid plots de eigen aantrekkingskracht zouden verhogen. Opvallend trouwens dat niemand zich vereenzelvigde met de foto van een politicus want dat zou het eigen imago wel eens kwaad kunnen doen. En als men geen inspiratie heeft dan kan men nog steeds aan een van de vele Facebookapplicaties vragen op wie men trekt, zoals een figuur van de Simpsons, een Griekse godheid, een filosoof of een filmster. Het lijkt allemaal onschuldig maar intussen geven we wel heel wat informatie door aan de uitbaters van de sites. ‘Met elk muisklikje, elke comment, elk filmpje dat ik bekijk en elke krant die ik hier opensla, vertel ik hem wie ik ben’, aldus de auteur die goed beseft dat al die applicaties, van Google tot Facebook, uiteindelijk geld willen verdienen aan ons.

Er is nog één horde te nemen, de privacywetgeving die ons als een Firewall beschermt tegen de Dagobert Ducks van het internet. Over die privacy was trouwens veel te doen bij Google Earth en Street View. Google Earth is een vrij te downloaden applicatie waarmee men vrijwel elke plek op de wereld kan opzoeken met behulp van luchtfoto's. Met Street View is het mogelijk om iets boven ooghoogte straten te bekijken. De beelden in Nederland werden genomen met een Opel Vectra met op het dak een fotocamera. Sommigen vinden het niet kunnen dat hun huis, laat staan zijzelf, zo ongevraagd te kijk staan op het internet. Dat de meerderheid daar geen bezwaar tegen maakt blijkt uit het feit dat overal waar Street View beschikbaar kwam mensen als eerste begonnen met ‘hun coördinaten in te toetsen, in de hoop een glimp te vinden van zichzelf. In de hoop te bestaan.’ Vandaar ook de verwarring onder de gebruikers als iemand meldt dat hij of zij zich uit Facebook terug gaat trekken – wat trouwens niet zo eenvoudig is. Dan krijgt de betrokkene plots een resem berichtjes van ‘vrienden’ met de vraag om dit alstublieft niet te doen, alsof hun eigen bestaan en de zin van hun leven erdoor in het gedrang komt.

Maar vaak zijn die internetapplicaties ook heel nuttig. Via de website Couchsurfing.com kan men gratis een slaapplaats vinden in talloze steden in de wereld. En, bijzonder handig, er staan beoordelingen bij, zowel van de gastheren als van de bezoekers, een uitstekende manier om de kwaliteit van de dienstverlening op voorhand te toetsen, zoals ook het geval is met de verkopers op E-Bay die een rating krijgen. Maar ook op andere vlakken staat de dertigjarige classicus opvallend positief tegenover het internet als sociaal netwerk. In strijd met veel intellectuelen die wijzen op het erbarmelijke woordgebruik dat vaak grenst aan het infantiele, wijst hij erop dat het internet onze taal veel vaker verrijkt. Hij wijst bijvoorbeeld op de trend om literaire tatoeages te zetten, iets waarover duizenden Nederlandse vrouwen discussiëren op Tattoosonchicks.hyves.nl. Blijkbaar zijn (tot vreugde van de auteur) Latijnse spreuken daarbij heel populair, het Nederlands daarentegen is taboe.

Sociale netwerken op het internet zijn meer dan een hype. Dat wordt duidelijk na lezing van Over Rusteloosheid, waarbij het begrip ‘rusteloosheid’ slaat op een prettig gestoorde vorm van nieuwsgierigheid. Het toont ook nogmaals aan dat het individu niet zonder waardering van anderen kan. Dat schreef de moraalfilosoof Adam Smith reeds in zijn Theory of Moral Sentiments. ‘Hoe zelfzuchtig de mens ook verondersteld kan worden te zijn, er zijn duidelijk beginselen in zijn natuur, die het lot van anderen voor hem van belang doen zijn en hem hun geluk noodzakelijk maken, ook al levert hem dat niets anders op dan het plezier het te zien.’


Recensie door Dirk Verhofstadt


Arjen Van Veelen, Over Rusteloosheid, Augustus, 2010, 208 blz.

Arjen van Veelen

Links
mailto:verhofstadt.dirk@pandora.be
Share |

Nieuwsbrief

Schrijf je in op onze wekelijkse nieuwsbrief door hieronder je e-mailadres in te vullen.

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Andreas Tirez
gsm: +32485 24 46 71
andreas@liberales.be