De derde feministische golf

boek vrijdag 20 oktober 2006

Dirk Verhofstadt

Vrijwel onmiddellijk na de communistische machtsovername in 1917 in Rusland deed zich een fenomeen voor dat vandaag volledig weggedeemsterd is, namelijk het verschijnsel van de fellowtraveller, meestentijds westerse intellectuelen die - ofschoon geen lid van de Partij (mét hoofdletter!) - toch sympathiseerden met het het communisme, erdoor verleid werden en door de machthebbers in het Westen als een soort politieke onderzeeërs werden beschouwd. Voorbeelden daarvan waren onder anderen Ignazio Silone en Arthur Koestler, die later in een befaamde bundel opstellen over het sovjetsyteem spraken als ‘the god that failed’. Een netwerk van dit soort intellectuelen was tot eind jaren vijftig over heel Europa werkzaam maar had vooral veel succes tijdens het interbellum: iemand als de veel te weinig bekende culturele stalinist Willi Münzenberg was hun grote manipulator. Weerwerk werd toentertijd geboden door een briljant denker als Raymond Aron die over het communisme later sprak als over de opium van de intellecuelen.

Het is fascinerend om vast te stellen dat zich vandaag een gelijkaardig fenomeen voordoet ten opzichte van de islam, een ander totalitair systeem in de zin van Hannah Arendt: de islam als een ‘andere’ verleidelijke god die elke dag weer faalt maar die door legio westerse intellectuelen verschoond wordt (‘verschonen’ in de twee betekenissen van dat woord) op een manier die elke ratio mist. Het islamisme is vandaag inderdaad een nieuwe totalitaire dreiging zoals het het fascisme, het nazisme en het stalinisme ooit waren. Vreemd echter is het billijken ervan door westerse feministes, die na twee golven van vrouwenemancipatie blind zijn voor de vele retrograde trekjes van deze godsdienst en niet merken dat er een derde feministische golf opduikt van moslima’s die hen impliciet terechtwijzen.

Wat westerse feministes, en bij uitbreiding de meeste westerse intellectuelen, van het katholicisme nooit gepikt zouden hebben, praten zij in een niet vol te houden cultuurrelativisme goed van de jongste monotheïstische godsdienst. Het is inderdaad hallucinant en onbegrijpelijk om vast te stellen dat heel wat feministes hun islamitische zusters op die manier in de steek laten. Er is immers een nieuwe lichting niet-westerse feministes aangetreden die op een erg lucide wijze de vinger leggen op de vele wonde islamplekken, die durven getuigen van het misogyne karakter van ‘hun’ religie, van de misplaatste trots die sommige islamitische vrouwen vinden in een godsdienst die op de eerste plaats door mannen wordt geregisseerd.

De houding van deze moslimvrouwen is een paroxistische vorm van masochisme die psycho-analytisch beschouwd als pathologisch kan worden aangemerkt en sociologisch gesproken uit een wanhopig zoeken naar identiteit kan worden gezien. Maar ook de westerse feministes die op een politiek correcte wijze de islamitische mores op een of andere manier vergoelijken en “een vreemde alliantie aangaan met de baardige imams” (Elisabeth Badinter) vertonen rare trekjes en moeten aan de kaak worden gesteld wanneer zij bijvoorbeeld het dragen van hoofddoekjes goedpraten: de sluier is immers, zoals Fadela Amara, voorzitster van ‘Ni putes ni soumises’, het stelt een middel van onderdrukking, vervreemding, discriminatie en een machtsmiddel van mannen tegenover vrouwen.

Kwamen de twee eerste golven van het feminisme uit het Westen (al kan men ze ook in de negentiende en twintigste eew al bijvoorbeeld in Egypte en Turkije signaleren), dan kan men vandaag niet anders dan constateren dat de derde golf er een is van vrouwelijke ‘islamitische’ denkers, afkomstig uit zo verschillende landen als Somalië (Ayaan Hirsi Ali en Yasmine Allas), Naima El Bezaz (Marokko), Nahed Selim (Egypte), Irshad Manji (Oeganda) en Naema Tahir (Pakistan).

In zijn pas verschenen De derde feministische golf (Houtekiet) interviewt Dirk Verhofstadt boven genoemde vrouwen. Het zijn voor de lezers van Liberales geen onbekenden en dat ze bij ons ondertussen op enige renommee kunnen bogen, is onder meer te danken aan de blijvende inzet van de auteur van dit boek die als een van de weinigen bij ons aandacht is blijven vragen voor een problematiek die lange tijd werd ondergeschoffeld en die in niet onaanzienlijke mate tot het succes van het Vlaams Belang heeft bijgedragen, hoe vrouwonvriendelijk die partij zelf ook is. De aanklacht echter tegen de islam die deze vrouwen uitbrengen is schrijnend en het is een gotspe dat vele progressieven het niet hebben aangedurfd daarover te zijner tijd te berichten. Wie echter in progressieve kringen tot niet langer dan een jaar of twee geleden kritiek durfde te spuien op de islam werd al vlug in het rijtje van de malcontenten en de verzuurden gezet, al zijn er vandaag wel late bekeringen te bespeuren.

In een verhelderend stuk vooraf schetst Dirk Verhofstadt de geschiedenis van het feminisme, gaat hij nader in op de onderdrukking van de islamvrouw en laat hij niet na de dubbelzinnige houding en het gebrek aan belangstelling van het westen aan te klagen. Hij wijst op de ‘paradox van de onderdrukking’ (term gemunt door Ayaan Hirsi Ali), pleit zoals Paul Cliteur voor een universele seculiere moraal (in het Arabisch of Perzisch bestaat er zelfs geen equivalent voor ‘laïcité’), drukt ons nog eens met de neus op de kern van het islamprobleem, namelijk de manier van omgaan met seksualiteit, hij vraagt aandacht voor fenomenen als de eerwraak (ook in Nederland en Duitsland komt dit fenomeen meer voor dan men denkt), de Nederlandse blijf-van-mijn-lijfhuizen, bewoond door overwegend moslimvrouwen (in verhouding tot hun aantal in de samenleving), hij schrijft over de vrijheid van meningsuiting die in het Westen onder druk komt te staan, het religieuze obscurantisme en al die verschijnselen waaraan seculier ingestelde en rationeel denkende mensen zich zo ergeren en die een heuse bedreiging vormen voor een samenleving die wat ingedommeld is, verwend als ze is door onze democratische verworvenheden.

In zijn ‘uitleiding’ pleit Dirk Verhofstadt voor een kosmopolitisch humanisme. Hij herinnert er ons nog eens aan dat de zes vrouwen die hij interviewde het levende bewijs zijn van de modernisering en de emancipatie binnen de westerse moslimwereld, ook al is hun gedachtegoed bijlange na niet doorgedrongen tot de meeste moslims. Met een eerlijke hartstocht keert hij zich tegen de herleving van de religie in de vorm van allerlei achterlijke gebruiken maar ook refereert hij tegelijk aan het christelijke nihilisme (Michel Onfray), hij nagelt elk religieus fanatisme aan de schandpaal en verdedigt met gepaste trots het kennisideaal zoals dat bij ons gestalte kreeg en zoals dat ook binnen het geloof moet kunnen worden toegepast (zoals Averroës het al deed in de twaalfde eeuw en ‘moslimrefusenik’ Irshad Manji het verdedigt in haar eerherstel van ‘ijtihad’, de islamitische traditie van kritisch denken). Samen met progressieve denkers als Onfray, Rushdie en Konrad klaagt hij de waanzin aan van heilige teksten, in alledrie de monotheïstische godsdiensten – Konrad, zo schrijft Dirk Verhofstadt, is ongenadig voor alle religies, want die zijn hem niet heilig genoeg en te zeer verbonden met macht en materialisme, een idee die ook tot uiting komt in het pas verschenen boek van René de Preter ‘Geld en macht’ (Epo), waarin hij heel wat inspirerende passages wijdt aan de hijgende synergie van godsdienst en Mammon.

De auteur verwijst in zijn uitleiding ook zeer terecht naar het boek van Michiel Hegener Vrijheid van godsdienst (besproken in Liberales) dat een pleidooi houdt voor het recht op afvalligheid, een al te lang veronachtzaamd probleem (in de koran staat dat afvalligen moeten worden gedood - en dat dit geen ijdele praat is weten we ondertussen). Hij durft het aan het multiculturele ideaal zoals dat als een mantra en oppervalkkig geleerde les lange tijd werd opgedreund in vraag te stellen, niet vanuit welke xenofobie of welk danig racisme ook, integendeel, maar vanuit een kosmopolitisch humanisme dat durft te stellen dat niet alle cultuuruitingen gelijkwaardig zijn. Hoe zou men immers, zo voeg ik eraan toe, het islamitisch fascisme of het islamitisch ‘denken’ tout court gelijk kunnen stellen met bijboorbeeld het rechtvaardigheidsdenken van een John Rawls, of een Martha Nussbaum? Of met het kritische denken van Popper?

Het boek van Dirk Verhofstadt met interviews van zo verschillende kritisch denkende moslima’s, van wie slechts één atheïste (Ayaan Hirsi Ali), is een moedige stellingname die het politiek correcte denken langzaam zal ondermijnen en nieuwe wegen zal openen waarin het individualisme en het kritisch rationalisme een kans krijgen. Het is verheugend te mogen vaststellen dat er zich stilaan een groter wordende groep mensen vormt die het opneemt tegen de verschrikkingen van een door (seksuele) obsessies verscheurde godsdienst. Mensen als Paul Cliteur, Paul Scheffer, Guus Kuijer, Geert Lernout, Herman Philipse, Michel Onfray, Sylvain Ephimenco, Sadik al-Azm, Afshin Ellian, Gassan Asha, Bassam Tibi, Ibn Warraq, Bruce Bawer, Betsy Undink, Hélène Orain – en ik noem er slechts enkele - nemen vandaag duidelijk stelling, ieder met eigen accenten.

Dat er zich nu ook een schare moslima’s aandient die soms nog kritischer zijn dan hun mannelijke collega’s verheugt ons: zij ervoeren het obscurantistische, totalitaire en door en door mannelijke systeem van binnenin. Laten we hun programma symbolisch samenvatten met de titel van het boek van de Iraanse Chahdortt Djavann: ‘Bas les voiles!’ en laten we nu wachten op een vierde feministische golf, namelijk interviews met joodse ‘gesluierde’ vrouwen, want romans over (Amerikaanse) chassidische vrouwen die ‘uittreden’ zijn er al en de film Kadosh van Amos Gitai was jaren geleden in dat verband al een eye opener. Krijgt u echter niet genoeg van de monotheïstische godsdienstwaanzin, blader dan eens in Israel Shahaks studie ‘Jewish history, jewish religion. The weight of three thousand years’ uit 1994, hilarisch maar helaas echt.

Jodendom, christendom, islam en hun vele obediënties en sektes hebben de wereld al millennia met bloed gekleurd; diegenen die menen dat zij een integrerende en moraliserende rol in de samenleving kunnen spelen, zijn allicht te goeder trouw. Zij zijn echter ook beneveld door allerlei wanen, tradities en machtsposities, al vertrouwen zijn hun dagdagelijkse leven impliciet toch liever maar toe aan het door de wetenschappen geïnspireerde kritisch-rationele denken. Het zijn niet slechts mijn woorden maar ook die van Orhan Pamuk, pas Nobelprijswinnaar. Misschien werpt dat nu iets meer gewicht in de schaal.


Recensie door Wim van Rooy



Liberales en uitgeverij Houtekiet organiseren op zondag 12 november om 14u30 een debat over ‘De derde feministische golf’ in de zaal Architectura van de Boekenbeurs in Antwerpen. Deelnemers zijn Naima El Bezaz, Nahed Selim, Yasmine Allas en Naema Tahir. Moderator is Mia Doornaert. Wie de Boekenbeurs gratis wil bezoeken en dit debat wil volgen, kan via email maximaal vier kaarten aanvragen op dirkv@liberales.be.

Dirk Verhofstadt, De derde feministische golf, Houtekiet, 2006

Links
mailto:wimvanrooy@gmail.com
Share |

De welvaart en trots van naties

Liberales organiseert op dinsdag 28 mei (20u) een gespreksavond met Olivier Boehme over zijn laatste boek 'De welvaart en trots van naties', waarin de auteur een geschiedenis geeft van het economische nationalisme, zowat het tegendeel van de liberale economische school. Klik hier voor meer info en inschrijven.

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Andreas Tirez
gsm: +32485 24 46 71
andreas@liberales.be