Wat een ongelooflijk potje hebben we er van gemaakt. Als we kijken naar de huidige vorm van ons land, is er bijna geen andere vaststelling mogelijk. Ook al was de overgang van een unitair België, naar een federale staat waar regio’s een belangrijke rol spelen een noodzakelijk, misschien zelfs onafwendbaar proces, dan nog stelt zich de vraag of stilstand op bijna alle domeinen de enige mogelijke oplossing was. Waar zijn we fout geweest? Wat opvalt is in elk geval dat zelden of nooit enig debat is gevoerd omtrent het doel van de opeenvolgende rondes in de staatshervorming. Integendeel, elke regio probeerde vanuit zijn eigen bekommernissen van het moment, voor Vlaanderen oorspronkelijk de gerechtvaardige strijd voor culturele ontvoogding, voor Wallonië de vraag om de uitdagingen gesteld door het verdwijnen van de zware industrie zelf te kunnen aanpakken, zijn eigen positie binnen het geheel te verbeteren. Het resultaat is een schabouwelijke constructie, waarmee de opeenvolgende staatshervormingen vaak als voornaamste doel, het rechtzetten van de fouten uit de vorige staatshervormingen, leken te hebben. Natuurlijk is de staatshervorming een moeilijk dossier, eens te meer door dat decennia van getimmer aan de Belgische constructie - kan het verwonderlijk zijn dat Jean-Luc Dehaene, die als een van de vaders geldt van België in zijn huidige vorm, genoegzaam als loodgieter wordt omschreven – geleid hebben tot een ontzettende technische complexiteit. De vaststelling dringt zich op zich dat de limieten van ons model bereikt zijn. Het ontbreken van een visie op ons land, zorgt ervoor dat men bij elke volgende staatshervorming botst op de limieten van de vorige. Elk moeizaam bereikt compromis wordt een principe, een hoeksteen van al wat volgt. Bij elke nieuwe onderhandelingsronde wordt de ruimte voor compromissen kleiner en is er de confrontatie met de evenwichten uit het verleden, waaraan zonder visie omtrent de eindbestemming niet getornd kan worden. Wat we nodig hebben is een nieuw elan, een open debat omtrent de toekomst van ons land, een hervorming die onze instellingen doet werken, en die rust brengt in onze immer schuivende staatsstructuur. Persoonlijk geloof ik niet dat een splitsing van België een oplossing is. Onder meer de bedreiging voor de internationale rol van Brussel, de lange termijn voordelen van een sociale zekerheid die een zo groot mogelijk aantal personen dekt en het nutteloze karakter van nationalisme om het nationalisme, sterken mij in deze gedachte, al kan men hierover van mening verschillen. Als we uitgaan van het voortbestaan van België, moeten we ook durven kiezen voor sterke regio’s. Het lijkt logisch elk van de drie bestaande regio’s volwaardige en gelijke bevoegdheden te geven. Dit is dus niet enkel een pleidooi voor het samenvoegen van gewesten en gemeenschappen, maar eveneens voor een volwaardige derde regio, Brussel, waarbij eventuele waarborgen om de internationale rol van Brussel te vrijwaren mogelijk moeten zijn. Het aanvaarden van de realiteit, een staatsstructuur met drie deelentiteiten met een bijzonder regime voor de Duitstalige gemeenschap, zou op zichzelf reeds een opmerkelijke vereenvoudiging met zich meebrengen. Er kan echter slechts sprake zijn van drie sterke regio’s, indien elke regio ook verantwoordelijk wordt voor haar eigen inkomsten en uitgaven. Elke regio moet dus de kosten dragen van haar eigen werking en ook zelf en onafhankelijk belastingen kunnen heffen om deze werking te financieren. Dotaties van het ene niveau aan het andere zouden dus niet langer nodig zijn. Dit zou de verschillende overheden responsabiliseren, de financieringswet overbodig maken en een belangrijke hypotheek op de financiële toekomst van ons land lichten. Ook bevoegdheden zijn vanzelfsprekend een belangrijk aspect. In deze discussie zou eigenlijk de voorkeur moeten gegeven worden aan technische argumenten om bevoegdheden aan het ene of andere niveau toe te kennen, waarbij subsidiariteitsbeginsel als uitgangspunt genomen wordt. Als voorbeeld lijken mij sociale zekerheid, het verzekeringsprincipe indachtig, maar ook justitie, defensie en buitenlands beleid, bij uitstek federale bevoegdheden. Daartegenover staat dat bijvoorbeeld economisch beleid, onderwijs en arbeidsmarktbeleid uitgesproken regionale bevoegdheden lijken. Ook de politieke organisatie is belangrijk, willen we komen tot een stabiel geheel. Indien gekozen wordt België te behouden, moet er een tegengewicht zijn tegen de huidige middelpuntvliedende krachten. Een rechtstreeks en federaal verkozen leider van de federale regering en een federale kieskring, kunnen hieraan een belangrijke bijdrage leveren. De federale kieskring kan verbonden worden aan een hervorming van de Senaat tot echte communautaire kamer, samengesteld uit de federaal verkozenen en afgevaardigden van de regionale parlementen. Omdat ook stabiliteit belangrijk is, kan geopteerd worden voor legislaturen van 6 jaar, waarbij de regionale en federale verkiezingen telkens met een interval van 3 jaar plaatsvinden. Tot slot kan men ook een discussie omtrent taal niet uit de weg gaan. Hoewel verfransing in de Vlaamse rand een reëel fenomeen is, lijkt dit iets van sociologische aard dat het gevolg is van een uitdeinend Brussel, dat eigenlijk niet met taalwetten kan worden tegengegaan. Daarnaast blijft het een feit dat een taal een wezenskenmerk is van de persoon en dat het principieel de overheid is die zich aan deze moet aanpassen. Daarom moeten we een debat over taalgebruik en taalfaciliteiten durven voeren en ons durven realiseren dat een Vlaanderen met zelfvertrouwen geen behoefte heeft aan taalwetten vol prikkeldraad. Een open en realistische houding ten aanzien van taalgebruik, ook bijvoorbeeld met betrekking tot het gebruik van Engels als beleidstaal, helpt ons land en onze regio de kansen te nemen die de toekomst biedt. Een eenduidige en gelijke regeling met betrekking tot taalgebruik, met respect voor vrijheid en het individu, zou Vlaanderen zowel als België ddan ook bijzonder ten goede komen. Laat bovenstaande een bescheiden aanzet zijn voor de bijzonder belangrijke en dringende discussie over een algemene visie op de toekomst van ons land, die ons moet toelaten onze welvaart en deze van de generaties na ons, te verzekeren en uit te breiden. Het zal meer vergen dan vijf minuten politieke moed maar ook veel meer opbrengen dan een splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde ooit zou doen. Wim Aerts Wim Aerts Linksmailto:wim.ixl@gmail.com |
NieuwsbriefSchrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief Liberales TVContactAndreas Tirez
|
|