|
De eerste Zevende Dag van het nieuwe seizoen begon al goed. Er had een discussie plaats tussen twee extremen die verdacht veel op elkaar lijken: Aboe Jahjah van de Europees- Arabische Liga en Filip Dewinter van het Vlaams Blok. Het eindigde in een rel. Joël De Ceulaer van Knack werd gevraagd om een evaluatie van het debat, noemde Jahjah intellectueel de meerdere van Dewinter, die het moest stellen met een beledigende opmerking. Daarop verliet Dewinter onder protest de studio. Domme, domme De Ceulaer. Sommigen denken echt dat intellectueeltje spelen gelijk staat met de arrogante kwast uithangen. Een aantal 'intellectuelen' in dit land denkt het zich te kunnen veroorloven geen discussie meer te moeten aangaan met wie of wat ze voor eens en altijd hebben afgedaan. Sommige journalisten vinden het niet nodig aan hun publiek helder en evenwichtig te blijven uitleggen waar het extremisten om te doen is. Ze staan deze toe een gevel van fatsoen op te trekken voor hun werkelijke bedoelingen. De uitbreiding van het cordon sanitaire tot de pers werkt niet alleen de intellectuele luiheid in de hand, maar bevestigt types als Dewinter én Jahjah nog verder in hun underdogpositie. Natuurlijk had Joël een punt over het rudimentaire discours van Dewinter. Jahjah speelt op zijn beurt inderdaad de westerse burgerschapsidee handig uit. Maar ook een beetje, al was het maar een heel klein beetje, kritiek ten opzichte van deze laatste zou wel op zijn plaats zijn geweest. Beide extremisten vermengen namelijk, elk op zijn manier, twee tegengestelde redeneringen. Jahjah drukt erop dat de migranten en hun afstammelingen evenwaardige burgers zijn van dit land, maar speelt die burgerrechten uit om ook islamitische tendenzen te verdedigen die de noties gelijkheid, democratie en tolerantie niet in elk opzicht erkennen. Hij gebruikt het als argument tegen inburgering. Dewinter op zijn beurt noemt migranten van zelfs de tweede of derde generatie nog steeds 'gasten' die zich aan 'ons' moeten aanpassen. Dan ben ik ook een gast met mijn Duitse voorouders die zich hier twee eeuwen geleden vestigden (en met een familie die daarna nog tussen Nederland en België pendelde). Hoelang moet je hier eigenlijk wonen om 'één van ons' te zijn? Zijn zuiver etnische opvattingen lardeert hij dan wel met een 'mensenrechtensausje'. 'Onze' normen, zegt hij, zijn immers gelijkheid tussen man en vrouw, democratie, … Nog los van de vraag hoe geloofwaardig zoiets klinkt in Dewinters mond, zijn die normen niet zozeer van 'ons' als wel van de wereld. Beter gezegd: ze hebben universele pretenties, waar elk liberaal voor staat, en hebben niet de bedoeling alleen hier 'bij ons' te gelden, maar liefst ook over de hele aardbol. Bij beiden is dus sprake van particularistische principes, waarvoor ze ruimte of aanvaarding willen scheppen door middel van een op het eerste gezicht consistent en fatsoenlijk set van democratische waarden. De gelijkheid voor de nieuwe Belgen, waar Jahjah terecht een punt van maakt, is voorzien in de grondwet. Geen geloof wordt hier een strobreed in de weg gelegd en de islam is zelfs erkend als één van de godsdiensten van het land. Het probleem ligt in een kloof tussen het wettelijke en werkelijke land. Alleen de mentaliteit van de 'oude Belgen' én de goede wil en inspanningen van de nieuwe burgers kunnen uiteindelijk die kloof overbruggen. De liefde en aanpassing moeten van twee kanten komen en de overheid kan dat slechts stimuleren. Dat er nog veel werk aan de winkel is en de echte kansengelijkheid van alle burgers nog geen feit valt niet te ontkennen. Bovendien zijn Jahjah's 'begrip' voor de aanslag van 11 september 2001 (waarvoor slechts één woord bestaat: afschuwelijk), zijn opvattingen over vrouwen en homo's (ideeën die hij natuurlijk mag hebben, free speech boven alles), zijn provocerende rol in Antwerpen een paar maanden geleden, zijn pleidooi voor het Arabisch als vierde taal niet van aard om veel vertrouwen in die man te hebben. Eisen dat de moslimcultuur gelijk behandeld wordt, terwijl die gelijkheid reeds wettelijk verankerd is, op welke agenda duidt dat, waar is het hem eigenlijk om te doen? Ook Dewinters handige spel met de 'westerse democratische waarden' die hij dan vermengd met een etnicistisch 'aanpassen-aan-het-Vlaamse volk-of-buiten-vertoog', wat moet dat verhullen? Dat het, 'aanpassen' of niet, voor hem vooral aankomt op 'buiten'. Een deel van het publiek van beiden heeft die vermenging niet in de gaten en trapt er met open ogen in. In beide gevallen is sprake van een geheime agenda, van een politiek programma dat je blijkbaar niet kan pakken op de letter als het om een vergrijp tegen de democratie en het gelijkheidsbeginsel gaat. In beide gevallen blijft het essentieel de vraag te stellen en te beantwoorden: waar stevenen ze in essentie en onderhands op af? Op verdeeldheid, op onderscheid tussen de burgers, op het zich opsluiten in groepen en segmenten en niet op een echte civil society. Genomen worden in de tang van twee, weliswaar tegengestelde extremen, dat is voor de democraten van het midden een nachtmerrie waarbij alle zwarte zondagen wel 's zouden kunnen verbleken. Noem het maar een Weimar-scenario: de twee extremen stimuleren elkaars groei. We moeten als liberalen echt nog sterker een evenwichtig alternatief, dat we als concept al lang hebben, kenbaar maken en (doen) uitvoeren. Het mag hier niet uit de hand lopen en komen tot een etnisch-religieus conflict. Doemdenken? Wie had tien tot vijftien jaar geleden het politiek landschap in België van nu (naast zoveel andere politieke ontwikkelingen hier en elders) kunnen voorspellen? We moeten tonen dat het ons menens is over inburgering gekoppeld aan gelijke kansen en gelijke rechten voor elk individu. Geen volkse of religieuze eigenheden kunnen en mogen dat liberaal project in de weg staan. We mogen ons evenmin laten verleiden tot eng nationalisme als tot een misplaatst respect voor die culturele eigenheden die een waarachtig menselijke cultuur verhinderen. Olivier Boehme |
NieuwsbriefSchrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief Liberales TVContactAndreas Tirez
|
|