Gezocht: moedige en rationele politici

column vrijdag 09 december 2011

Nicky Rogge

De recente weigering van de Duitse regering tot uitbreiden van het Europese noodfonds EFSF, het talmen van de Europese Centrale Bank bij het nemen van de beslissing om dan toch staatspapier van Italië en Spanje in te kopen, het onduidelijke en vooral ondoeltreffende beleid met vele halfslachtige maatregelen door de tandem Merkozy en de ellenlange, bittere discussies tussen Europese politici, allemaal zijn het voorbeelden die aantonen dat het gedrag van de huidige politieke klasse allesbehalve een toonbeeld is van wat goed bestuur inhoudt.

Toegegeven, de huidige generatie politici draagt zeker niet als enige de verantwoordelijkheid voor de slechte situatie waarin de economische en financiële markten zich op dit moment bevinden. Of het nu gaat om economen, filosofen, analysten of de politici zelf, allemaal zijn ze het erover eens dat er in de voorbije decennia fouten zijn gemaakt door alle betrokken partijen. In de eerste plaats door de politici zelf, met hun bij wijlen hoogmoedig (lees: irrationeel) geloof in de zelfregulering van de markten en hun politiek en economisch beleid dat bijna uitsluitend gericht was op winst- en groeimaximalisatie ( vaak met de Verenigde Staten op kop). Maar de lijst met verantwoordelijken is lang: banken, ratingbureaus, marco-economen, aandeelhouders, producenten en consumenten. Iedere marktspeler heeft in min of meerdere mate wel boter op het hoofd wat betreft het veroorzaken van de crisis. Maar schuld of niet, de problemen zijn nu wat ze zijn, en momenteel hebben de huidige politieke leiders de plicht om sluitende oplossingen te zoeken en te implementeren. Daarvoor zijn ze tenslotte verkozen. Is het nu onwil of onkunde, maar ondanks de steeds sterkere druk van de financiële markten, lijken ze daar nog steeds niet in te slagen.

Week na week tonen de huidige politieke leiders allesbehalve kordaat gedrag in het vinden van een sluitend antwoord voor de huidige problemen. In plaats van sereniteit en rationeel gedrag heersen vooral spierballengerol en emotie. In plaats van de nodige Europese eendracht heersen vooral populistische, nationalistische en protectionistische gedachten, en dit ondanks de plechtige belofte in 2008 om zich niet te laten verleiden tot het voeren van een protectionistisch beleid. Nochtans zijn er voldoende voorbeelden uit het verleden die aantonen dat het laten primeren van het nationalistische belang en het consistent terugplooien van landen op het eigen zelf in tijden van crisis misschien wel op korte termijn minimale positieve effecten kan hebben op de eigen economie, maar op lange termijn zowel de groei van de wereldeconomie alsook van de eigen economie hypothekeert. Denken we maar aan hoe de extreem protectionistische reacties tijdens het interbellum leidde tot een lange en diepe economische malaise op wereldschaal.

Waar hebben we dan wel nood aan in de Eurozone? Wel, moeilijke tijden vragen om moedige maatregelen. Daarom pleit ik voor een solidariteitsplan dat bouwt op de spirit van het welgekende Marshall plan. De gedachte en slogan van het oorspronkelijk Marshall plan “Whatever the weather, we must move together” moet weer zijn opgeld doen, willen we de huidige problemen in de Eurozone het hoofd kunnen bieden. Een eengemaakte munt zonder een eengemaakt monetair en schuldenbeleid alsook een voldoende op elkaar afgestemd politiek beleid, komt namelijk bijna onvermijdelijk onder druk te staan. Europese leiders moeten dringend beginnen met aan hetzelfde zeel te trekken. Alleen op die manier zal men er in slagen de Eurozone uit het oog van de storm te halen en terug in stabieler vaarwater te brengen.

Meer specifiek, vraagt dit dat alle Europese leiders starten met meer solidair te zijn met elkaar. Dit kan onder andere door de krachten te bundelen en samen als één speler geld te lenen op de internationale kapitaalmarkt (dit onder de vorm van uitgifte van euro-obligaties, zoals eerder gesuggereerd door onder andere Guy Verhofstadt). Onder de beschermende vleugels van de sterke landen in de Eurozone zoals Duitsland, Nederland, Finland en Oostenrijk, zullen alle landen van de Eurozone dan in staat zijn om aan relatief gunstige tarieven geld te ontlenen op de kapitaalmarkten. Niet om zoals voorheen het geld op te souperen zonder daarbij de nodige structurele veranderingen door te voeren. Nee, het geld moet nu in de eerste plaats gaan naar het doorvoeren van de nodige herstructuringen op zowel economisch, sociaal als budgetair vlak. Een onafhankelijk instantie (bijvoorbeeld de ECB) moet hier kordaat op toezien.

Parallel hiermee dient een mechanisme op poten gezet te worden dat de juiste incentives verschaft aan lidstaten om een goed beleid te voeren (een Stabiliteits- en Groeipact bis als het ware). Een mogelijk incentive-mechanisme zou er bijvoorbeeld in kunnen bestaan dat landen die beter presteren dan de opgelegde doelstellingen beloond worden met relatief gunstigere rentetarieven en landen die onder de verwachtingen blijven, bestraft worden met relatief minder gunstige tarieven. Op die manier worden de slechtere leerlingen gestraft, maar niet meer zo extreem als nu het geval is, met intresten boven de 10% op de staatsobligaties, wat een herstel zeer moeilijk, zoniet bijna onmogelijk maakt.

Het ontwikkelen van een dergelijk plan vergt natuurlijk dat de lidstaten van de Eurozone een deel van het nationale bevoegdheden overhevelen naar de Europese instellingen. En dit blijkt net voor een aantal onder de lidstaten, waaronder vooral Duitsland en Nederland (twee van de op dit moment sterkst presterende landen, maar ook twee landen die omwille van hun belangrijke export naar andere Eurozone landen net baat hebben bij een sterke Eurozone) een gevoelig punt te zijn. Toch lijkt dit op het eerste gezicht één van de weinige doeltreffende en op lange termijn stabiele (en voor de financiële markten aanvaardbare) oplossing te zijn voor de huidige problemen in de Eurozone.

Voor de politieke leiders zal het niet altijd eenvoudig zijn om naar de eigen burgers te communiceren dat hulp voor de meest getroffen landen een absolute noodzaak is, zeker niet in de huidige tijden van onzekerheid waarin de heropleving in de eigen economie onder druk staat. Maar gezien de omvang en de ernst van de problemen hebben de politici geen andere keuze. Ze zijn nu eenmaal niet verkozen om populair te zijn maar wel om een beleid te voeren dat tracht de belangen en de welvaart van alle burgers op lange termijn te vrijwaren. En de nood aan degelijk beleid is op dit huidige moment groter dan ooit. Er is geen tijd meer te verliezen. Elke seconde die verloren gaat is een seconde die welvaart kost, op dit moment misschien uitsluitend voor de burgers van de landen in moeilijkheden, maar op lange termijn ook voor de burgers van de andere landen.



Nicky Rogge

Nicky Rogge

Links
mailto:nicky@liberales.be
Share |

Nieuwsbrief

Schrijf je in op onze wekelijkse nieuwsbrief door hieronder je e-mailadres in te vullen.

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Andreas Tirez
gsm: +32485 24 46 71
andreas@liberales.be