Onbegrijpelijk en absoluut onverstandig. Dat kan je gerust zeggen over de plannen van minister Smet om het Steunpunt Gelijke Onderwijskansen en het Centrum voor Taal en Onderwijs te liquideren. Besparen op gelijke kansen treft de zwakste kinderen. De kansenkloof zal zo de komende jaren nog vergroten. Daarnaast lanceert hij een aantal voorstellen in het kader van zijn gelijkekansenbeleid, waar je op zijn zachtst gezegd, enkele bedenkingen bij kan formuleren. Vorig weekend bleek dat drie op tien kinderen met de Belgische nationaliteit kampen met schoolachterstand. Bij kinderen met een andere nationaliteit heeft zelfs zeven op tien kinderen schoolachterstand. Onthutsende cijfers, die de noodzaak bevestigen van een versterking van het gelijkekansenbeleid én van ons taalonderwijs. En wat doet de onderwijsminister? Hij liquideert het Steunpunt voor Gelijke Onderwijskansen (SGOK) dat net als doel heeft gelijke onderwijskansen te bevorderen. Ook het ermee verbonden Centrum voor Taal en Onderwijs, het enige expertisecentrum op het vlak van taal en gelijke onderwijskansen dat Vlaanderen rijk is, wordt vanaf volgend jaar financieel droog gelegd. Terwijl taalachterstand volgens alle mogelijke studies één van de belangrijkste belemmeringen op gelijke kansen blijkt. Als de minister denkt dat het SGOK aan hervorming toe is zodat het slagkrachtiger kan werken, moet hij de moed hebben om die hervorming door te zetten. Maar het SGOK opdoeken zonder enige evaluatie en dat terwijl het onderwijs vandaag meer dan ooit gelijkekansenexpertise nodig heeft, is absoluut onverstandig. Minister Smet gooit zo het kind met het badwater weg. In de plaats wil hij een kenniscentrum oprichten in de schoot van het departement zelf. De unieke combinatie van wetenschappelijk onderzoek dat vertaald wordt naar pedagogische begeleiding valt zo weg. Bij zijn politieke entree twee maand geleden zei minister Smet nog dat kinderen niet het slachtoffer mochten worden van deze besparingsronde. Nu pakt de minister met deze besparingen net die kinderen aan die het moeilijk hebben. Dat is niet alleen woordbreuk, het is onverantwoord. In plaats van het schrappen van gelijke onderwijskansen, zijn net extra inspanningen nodig zodat niemand achterop blijft. Om de school- en taalachterstand te verkleinen, zou minister Smet beter een herwaardering doorvoeren van het kleuteronderwijs: kleinere kleuterklassen, verplichte inschrijving vanaf drie jaar en bijkomende maar ook een betere inzet van zorguren voor kleuters. Kleinere kleuterklassen geeft kleuteronderwijzers de mogelijkheid om intensiever te werken op taalstimulering. Dat is absoluut noodzakelijk om kleuters betere ontwikkelingskansen en voldoende pedagogische begeleiding te geven. Vanaf dit schooljaar moeten vijfjarigen die volgend jaar naar een Nederlandstalige basisschool willen gaan, al verplicht school lopen in een Nederlandstalige school. Maar om de kansen van anderstalige kinderen nog te vergroten, moet Vlaanderen een volgende stap zetten: de stapsgewijze verlaging van de inschrijvingsplicht van vijf naar drie jaar. Hoe vroeger je anderstalige kinderen in de kleuterklas krijgt, hoe vroeger je ze spelenderwijs Nederlands kunt laten leren. Zo is hun taalachterstand weggewerkt op het moment dat ze naar het eerste leerjaar gaan. Scholen krijgen een aantal uren toegewezen om een ondersteuningsaanbod uit te bouwen op het vlak van zorg. Tijdens die uren gaat de zorgcoördinator aan de slag om de kansen van alle kinderen te versterken. Het is een must om die uren in eerste instantie in te zetten in de kleuterklas. Zo kan al heel vroeg extra aandacht gaan naar taalstimulering en het wegwerken van achterstanden.
Irina De Knop Irina De Knop Linksmailto:Irina.DeKnop@vlaamsparlement.be |
NieuwsbriefSchrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief Liberales TVContactAndreas Tirez
|
|