Angstbestrijders (m/v) gezocht

essay

Walter Van Steenbrugge

Woensdag om 8.30 uur op de radio: "We zullen handelen zoals we aankondigden in de regeringsverklaring, dus strenger toezien op het in vrijheidstellen van veroordeelden" (quote van de nieuwe minister van Binnenlandse Zaken Joëlle Milquet). Woensdag om 9.15 uur op de rechtbank: "Ik laat uw cliënt niet onder voorwaarden vrij. Hij kan straks, zonder controle, gaan moorden op de markt te Luik." (quote van een magistraat die te oordelen had over de handhaving van de voorhechtenis van een verdachte). Na het Luikse drama zal de roep om meer repressie, om minder snel voorlopig of voorwaardelijk vrij te laten, ongetwijfeld nog luider klinken. De maatschappij verhardt, dus justitie moet maar volgen. Hadden meer repressie en meer tralies de Luikse gruwel kunnen voorkomen?

De zaak Amrani is in ieder geval niets nieuw. Vijf jaar geleden kreeg datzelfde Luik al de tragedie te verwerken van de recidivist en geïnterneerde Abdallah Ait-Oud. En vóór Dutroux aan zijn moordende raid begon, was hij al aan de gevangenis toevertrouwd geweest, hij recidiveerde vrij snel. In een nabijer verleden in Geraardsbergen doodde Ronald V.C. tijdens zijn penitentiair verlof, terwijl hij voordien al was veroordeeld voor gelijkaardige feiten.

Herhaaldelijk moorddadig gedrag choqueert de maatschappij in de hoogste mate. Het voorkomen ervan vertrouwt die maatschappij toe aan de overheid, meer bepaald aan de minister van Justitie. Maar is die maatschappij wel consequent als haar verkozenen justitie al decennialang verwaarlozen? Toen vorige week bijna alle lichten op groen stonden voor een nieuwe regering, moest nog snel een laatste streepje inkt gewijd worden aan het luik Justitie. Geen allesomvattend plan, geen pakket maatregelen op korte termijn, en al zeker geen langetermijnvisie, maar enkele oneliners die psychologisch de perceptie voeden dat we als maatschappij veilig zijn als we maar meer bakstenen rond criminelen metsen.

Stiefkinderen van justitie

Gedetineerden en geïnterneerden zijn al langer de stiefkinderen van justitie. De wet Lejeune, die de voorwaardelijke invrijheidstelling aan de uitvoerende macht toevertrouwde, werd op 17 mei 2006 vervangen door een nieuwe wet die de Strafuitvoeringsrechtbank in het leven riep. Maar die nieuwe wet lost klaarblijkelijk het probleem van de recidive niet op. Mocht zulks verwonderen? Acht Strafuitvoeringsrechtbanken zijn uiteraard te weinig om op te boksen tegen de enorme hoeveelheid dossiers die ze van 27 gerechtelijke arrondissementen te verwerken krijgen. Het magistratenkader is veel te klein om uitvoering te geven aan hun opdracht. Aan de andere kant worden ze opgejaagd door de overbevolking in de gevangenissen en moeten ze zorgen dat de uitstroom niet stropt.

De wet van 2006 voorzag ook in de uitvoering van gevangenisstraffen waarvan de totaalduur de drie jaar niet te boven gaat. Een alleenzetelende rechter zou de modaliteiten van deze gevangenisstraffen bepalen. Nu blijkt, na zowat vijfenhalf jaar, dat de overheid dit ambt nog niet heeft gecreëerd. Een verpletterende verantwoordelijkheid van de uitvoerende macht, die schromelijk nalaat een gestemde wet te realiseren. Gevolg: een quasi straffeloosheid voor zij die een straf krijgen die de drie jaar niet te boven gaat. Extra gevolg: de correctionele rechter weet dit, straft daardoor harder, en de detentieduur van velen stijgt, waardoor de overbevolking in de gevangenis nog eens toeneemt. Daarnaast valt het ook op dat de rechter die over de voorlopige hechtenis beslist, aan voorbestraffing doet, nu hij weet dat korte gevangenisstraffen toch niet meer worden uitgevoerd. Met alweer het gekende gevolg dat pakweg 40 procent van de gevangenispopulatie mensen betreft die in voorhechtenis verkeren.

Komt daar nog bij dat deze zelfde gevangenissen nog steeds 10 procent geïnterneerden bevat die er, volgens het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, helemaal niet thuishoren. De opvolging van de onder voorwaarden vrijgelaten veroordeelden valt volgens de wet onder de bevoegdheid van het parket en de politiediensten. Ook hier is er een structureel en organisatorisch gebrek, zodat al te veel opvolging en controle wordt overgelaten aan de justitieassistent, die volgens de wet enkel een begeleidende rol vervult. Er moet dringend aan trajectbegeleiding worden gedaan waarbij de magistraat een actieve rol moet spelen bij de controle van de onder voorwaarden vrijgelaten veroordeelden.

Daarnaast ontbeert men op het parcours van de strafuitvoering performante en kwaliteitsvolle psychiatrische verslagen. De maatschappij is hard, opgejaagd en soms verstoord. De mensen in deze maatschappij, en in het bijzonder zij met de minste kansen en mogelijkheden, vertonen vaak psychische kwetsuren die veelal de oorzaak vormden van hun deviant gedrag. Om zulk gedrag te vermijden, lijst je de oorzaken van het criminele gedrag best op, bestudeer je de herstelpreventie en stippel je een reclasseringsplan uit. Forensisch en wetenschappelijk studiemateriaal wijst uit dat een hogere cellencapaciteit nooit het probleem van de overbevolking en de te hoge graad van recidive kan oplossen. In het verlengstuk van de noodzaak tot een betere psychiatrische screening, situeert zich de obligate uitwerking van een sociaal, familiaal en financieel netwerk voor hen die op een dag de gevangenispoort achter zich dicht slaan. Straffen zijn nu eenmaal voor 99 procent eindig en dus ben je best af als gewerkt wordt aan de oorzaken van het fout gaan en aan de aandachtspunten bij de reclassering.

Doordachte hervorming

Tot vandaag is dit vangnet in de meeste gevallen afwezig en dit zal er ook niet komen als er harder wordt gestraft en als de perspectieven op een vervroegde vrijlating worden ontnomen. De kostprijs van dit sociaal discours mag dan al hoog zijn, het zal bijlange niet zo hoog liggen als de kost die men betaalt voor recidiverende criminelen. Bovendien bespaar je het menselijke leed dat door recidivisme wordt veroorzaakt.

Het collectief aan dringende en ingrijpende maatregelen op het vlak van de strafuitvoering en het gevangenisbeleid is bijzonder groot. Het benodigt zelfs een eigen minister die zich uitsluitend op deze belangrijke en levensnoodzakelijke materie kan focussen. Deze minister moet er dan voor zorgen dat het strafuitvoeringsbeleid niet verder evolueert naar een louter instrument waarmee de veiligheidsverlangens van de steeds banger wordende bevolking worden vervuld. Het zal een angstbestrijder moeten worden die vele foute vooroordelen wegwerkt, die een dijk opwerpt tegen blinde wraak en die alle ruimte krijgt voor een doordachte en uitgebalanceerde hervorming van de strafuitvoering en het falende gevangenisbeleid. Geef hem/haar dan nog de boodschap mee dat men de graad van beschaving van een bevolking het best kan afmeten aan de wijze waarop men met zijn gevangenen omgaat.


Dit opiniestuk verscheen op donderdag 15 december 2011 in De Morgen.


Walter Van Steenbrugge

Walter Van Steenbrugge

Links
mailto:info@liberales.be
Share |

Nieuwsbrief

Schrijf je in op onze wekelijkse nieuwsbrief door hieronder je e-mailadres in te vullen.

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Andreas Tirez
gsm: +32485 24 46 71
andreas@liberales.be