Hoe de Moslimbroeders Egypte islamiseerden

essay vrijdag 11 februari 2011

Thomas Avenarius

Niemand weet hoe de revolutie in Egypte gaat aflopen, maar intussen groeit in het Westen de vrees voor de fundamentalisten. Van eerste minister Benjamin Netanjahu geen woord van goedkeuring over de aanstaande val van de despoot Moeberak. In plaats daarvan waarschuwt hij voor de chaos daarna; dat kunnen de islamisten van het Moslimbroederschap dankbaar gebruiken om het vredesverdrag van Egypte met Israël in vraag te stellen. "Egypte zou een staat van god kunnen worden zoals Iran", zo luidt het bij de Moslimbroeders. Ook president Barack Obama gruwelt van het politieke gewicht van de Moslimbroeders. Bij de laatste min of meer eerlijke verkiezingen van 2005 veroverden zij een vijfde van de zetels. In normale omstandigheden zijn de fundamentalisten zeker van minstens 20%.

De broeders beschrijven zich als een democratische kracht en werken samen met de democratische oppositionele groeperingen. Maar scepticisme blijft geboden. Het Broederschap dat in 1929 door Hassan Al-Banna werd opgericht uit protest tegen de Britse koloniaalheren is vandaag een moeilijk te doorgronden organisatie. Aanvankelijk vonden de officieren rond Gamal Abdel Nasser in 1952 tegen de monarchie putschten die islamisten met hun antikoloniale inslag wel nuttig. Maar het seculier beleid van de ‘Vrije officieren’ veroorzaakte conflicten. Na een couppoging tegen Nasser werd de organisatie verboden. Sommige leiders van de Broederschap kwamen aan de galg terecht, andere in de gevangenis. Al-Banna werd nog tijdens de eindfase van de monarchie door de geheime politie doodgeschoten na een aanslag door een van de Broeders op een minister.

Saïd Qutb, de belangrijkste ideoloog na Al-Banna werd in 1966 terechtgesteld. Met zijn boek Mijlpalen had Qutb – nu een van de mentors van het militante islamisme – opgeroepen tot geweld tegen de ‘Farao’ in het presidentieel paleis. Hoewel de Broeders officieel afstand hebben genomen van het geweld, kregen zij het toch moeilijk onder het Moebarak-regime. Zij werden opgesloten, mochten niet deelnemen aan verkiezingen en werden wanneer nodig, politiek geïnstrumentaliseerd. En toch zal niemand het betwisten dat de Broederschap staat voor de sterkste en best georganiseerde oppositie. Daarnaast zijn zij een soort scherm voor andere fundamentalistische groeperingen: de Palestijnse Hamas bijvoorbeeld is ontsproten uit de Egyptische organisatie. Onder Moebarak hebben de Broeders de herislamisering van Egypte aangezwengeld. Zij infiltreren in beroepsorganisaties.

In een land met een zwak nationaal sociaal stelsel, onderhouden zij eigen welzijnsorganisaties met ziekenhuizen, soepkeukens, scholen en moskeeën. Dit ‘burgermodel’ functioneert wel degelijk: parallel met de strekking tot herislamisering die men in alle Arabische landen noteert werd ook het Egyptisch het dagelijkse leven herislamiseerd. De hoofddoek is al lang veel meer geworden dan de traditionele kledij van de moslimvrouw. Het is het symbool van moslimzelfbewustzijn zoals de specifieke baarden van de mannen. Het is nu aan de Broeders om weldra te tonen of zij de islamitische staat willen die men niet alleen in het Westen vreest, dan wel of zij bereid zijn de democratische spelregels na te komen.

Thomas Avenarius


Deze tekst verscheen in de ‚Süddeutsche Zeitung’ van 2 februari 2011

Commentaar van Erik Willaert

Deze stille islamisering moge blijken uit het feit dat op basis van persoonlijke vaststellingen ter plaatse in de periode 1958-1970, er ten tijde van Nasser en het verbod van het Broederschap, hoofddoeken, niqab's en andere min of meer totale versluieringen omzeggens volledig uit het straatbeeld verdwenen waren. Het onlangs uitgevoerde onderzoek van het PEW Research Centre (gepubliceerd op 02/02/2011 in het Canadese dagblad Globe and Mail en overgenomen op de website van het Franse CRIF) schijnt eveneens het succes te bevestigen van de acties van het Broederschap en zet alleszins aan tot ernstige bedenkingen en achterdocht voor de toekomst. Voeg daarbij de recente oproep van Ayatollah Khamenei en de bedreigingen van de Iranese minister van buitenlandse zaken die in het Egyptisch protest niet de wedergeboorte van de democratie noemt, maar wel ‘de islamitische wederopstanding van het Midden Oosten’ (03/02/2011). En dan zijn er nog de recente tegenstrijdige verklaringen van president Mahmoud Abbas, als schoolvoorbeelden van taqya. "Ik ga voor de vrede maar niet voor eeuwig. Dat wil daarom niet zeggen dat ik beroep zal doen op geweld, dat nooit. Zolang ik leef zal ik dat niet doen. Maar ik kan toch ook niet zomaar achter mijn bureau blijven zitten zonder iets te doen". (uit een Interview met Bernard Avishaï gepubliceerd op 27/01/2011 in New York Times Magazine). In het officieel dagblad van de Palestijnse Autoriteit ‘El Hayat Al Jadida’ van 24/01/2011 heet het dan weer: "Ik heb meer dan eens herhaald dat indien de Arabieren de oorlog willen, wij aan hun zijde zullen staan".



Hierna de resultaten van de opiniepeiling onder Egyptenaren van het PEW Research Centre (zie ook http://www.crif.org/index.php?page=articles_display/detail&aid=23543&returnto=search/search&artyd=5):

Democratie is te verkiezen boven elk ander systeem: 59%

Democratie kan ‘in bepaalde omstandigheden’ een zekere waarde hebben: 22%

De islam moet een belangrijke rol spelen in de politiek: 95%

De islam heeft een positieve invloed: 85%

Zelfmoordaanslagen zijn niet te rechtvaardigen: 80%

Extreem islamisme in de wereld is zorgwekkend: 70%

Het extreem islamisme in Egypte is zorgwekkend: 61%

Vrouwen moeten gescheiden zijn van mannen op de werkplaats: 54%

Dieven moeten gegeseld worden en hun handen moeten afgehakt worden: 77%

Overspelige vrouwen moeten gestenigd worden 82%

Islam afvalligen moeten gedood worden: 84%

Vertaling en commentaar: Erik Willaert

Tomas Avenarius

Thomas Avenarius

Links
mailto:e.willaert@telenet.be
Share |

Nieuwsbrief

Schrijf je in op onze wekelijkse nieuwsbrief door hieronder je e-mailadres in te vullen.

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Andreas Tirez
gsm: +32485 24 46 71
andreas@liberales.be