Op weg naar een verantwoord kapitalisme

essay vrijdag 19 juni 2009

Rolf Dahrendorf

Sedert die zestiger jaren is er veel veranderd in de relatie tussen wetenschap en politiek. Veel van wat toen als sociale wetenschap gold is nu dagdagelijkse informatie geworden. Wie vandaag wil weten hoeveel arbeiderskinderen de universiteit bezoeken kan dat naslaan in het statistisch jaarverslag of kan bij openbare of private instellingen de relevante informatie vinden. Dit soort ontwikkeling had twee merkwaardige gevolgen. Enerzijds dat er vandaag voldoende politici zijn die zonder enig professoraal advies informatie kunnen verzamelen. Zij beschikken minstens over assistenten die daarin beslagen zijn en die op korte termijn ook zelf zullen kandideren voor politieke ambten. Het andere gevolg betreft de sociale wetenschappen. Die hebben een zodanige expansie meegemaakt dat hun beoefenaars meer en meer de neiging hebben om zich in eerste instantie te richten tot hun collegae, hun ‘Scientific Comunity’. En zo ontstaat een nieuwe kloof van vervreemding tussen wetenschap en politiek die de twee kanten onderhouden in het belang van hun identiteit - bijna had ik van hun ‘unique selling point’ gesproken.

De crisis die begon in 2007/2008 afdoen als een louter financiële crisis strookt niet met de waarheid. Spreken van een economische crisis voldoet al evenmin. Zelfs wanneer men het gebruik van apocalyptische terminologieën wil vermijden, kan men niet om de vaststelling heen dat een bres werd geslagen in de economische en maatschappelijke structuren. De bankiers de schuld van alles geven volstaat niet als verklaring. Hoe belangrijk de kwestie van het inperken van bonussen of de vraag naar nieuwe regels voor het financieel systeem ook is, de oorzaken, effecten en remedies van deze crisis behoeven een ruimer perspectief. De weg van het spaarkapitalisme naar het schuldkapitalisme, dit wil zeggen van de protestantse ethiek naar het op de pof consumeergenot, hebben sommigen onder ons reeds dertig jaar geleden met doorgaans sceptische analyses voorspeld. Daniël Bell was een van de eerste critici die weliswaar de ‘post-industriële samenleving’ prees, maar het daaraan gewijde boek aanvulde met een postscriptum met als titel De culturele tegenstrijdigheden van het kapitalisme.

Men kan de verklaring van de huidige crisis benaderen uit diverse invalhoeken en het schaadt niet dit gelijktijdig te doen aan meer dan een. Voor mij gaat het om de relaties tussen (sociale) economie en samenleving. Ik vertrek van een vaststelling waaruit vervolgens een verklaring en een aanpak kan volgen. Welnu die vaststelling betreft de verantwoordelijkheid van de leidinggevenden en vooral het feit dat verantwoordelijkheid verworden is tot een derivaat. Zoals bij financiële derivaten ontkoppelden de verantwoordelijken in de sociale wereld zich steeds meer van de onderliggende werkelijkheid. Het fenomeen viel mij het eerst op toen ik een oude bekende ontmoette die na haar politieke loopbaan werkzaam werd bij een headhunters bedrijf, of een makelaar in leidinggevenden. Zij vertelde mij dat zij op zoek was naar een rector voor een universiteit. De universiteit ging dus zelf niet op zoek maar een firma die nadien, voor grof geld het opsporingswerk zou doen. Idem voor het zoeken naar een financiële verantwoordelijke van een openbare vervoersmaatschappij of de voorzitter van een sportvereniging. Is het dan verbazingwekkend dat de uitverkorenen zich niet verantwoordelijk voelen voor hun medewerkers maar precies in een eigen, afgeleid wereldje leven?

En dan komen de verloningen van managers te berde. Een bankdirecteur die volgens persberichten in het voorbije jaar veel miljoenen euro’s ‘verdiende’ (of alleszins had opgestreken) wou dit aan mij en aan een vriend eens uitleggen. Hij begon met de klassieke van alle ironie gespeende zin: ‘Voor mij, zou de helft ook al volstaan hebben’. De bevoegde commissie van de raad van toezicht was echter tot de slotsom gekomen dat het bedrijf in een slecht daglicht zou komen te staan indien de voorzitter van de raad van toezicht minder verloond werd dan collegae in andere bedrijven. Ook wie niet speciaal gevoelig reageert op ongelijkheden moet wel met verbazing kennis hebben genomen van de ontwikkelingen in het laatste decennium zoals de steeds breder wordende spanning tussen top- en normale inkomsten. Reeds bij de eeuwwisseling was de verhouding tussen de laagste en de hoogste inkomens in Zwitserse bedrijven (die ik als voorbeeld neem) met 1 tegen 200 ongewoon hoog. In het jaar 2007 verdubbelde het in dezelfde bedrijven nog eens naar 1 tegen 400 en in enkele individuele gevallen naar nog meer. Op die manier ontstaan er twee werelden en vervaagt de werkelijkheid bij de leidinggevenden. De geciteerde bankdirecteur vertelde mij dat hij nu spijtig genoeg geen gebruik meer kon maken van het openbaar vervoer.

Wat moet er nu gebeuren om de gevolgen van dit soort ontwikkelingen bij te sturen? Hoe kunnen leidende groepen die in hogere sferen zweven weer met hun voeten op de grond teruggebracht worden? Nieuwe regels zijn uitgewerkt, zoals het vastleggen van plafonds voor bonussen. Al wat de tendens naar langere termijnen versterkt is nuttig. Dat gaat van ‘short selling’ over referentieperiodes voor de verloning van managers tot het soort overeenkomsten met leidinggevenden. Hoe korter dit is, des te geringer zijn de interne verplichtingen van leidinggevenden. Bovendien werd het begrip van ‘stakeholder’ ten onrechte gediscrediteerd: de verantwoordelijkheid van de leidinggevenden begint pas bij de toezichtinstanties en houdt bijlange niet op bij de tewerkgestelde in de ondernemingen en de organisaties. Nieuwe regelingen kunnen dus in bepaalde mate een uitkomst bieden voor de onrealistische positie van de leidinggevenden. Maar zulke regelingen zijn veeleer wegwijzers dan wegen. Zij geven de richting aan waarin wij moeten gaan om veranderingen door te voeren, maar de verandering zelf vereist een andere mentaliteit van de betrokkenen, ja misschien zelf een wijziging in de tijdgeest. Opdat uit een nieuwe zin voor verantwoordelijkheid van de leidinggevenden een nieuw klimaat van vertrouwen zou kunnen ontstaan, is het nodig dat tewerkgestelden hun rechten opeisen, aandeelhouders hun taak ernstig nemen en publieke personen het voorbeeld geven. Dat veronderstelt een nieuwe grondinstelling, de weg inslaan van een verantwoord kapitalisme.

De actuele crisis heeft de meerderheid van de betrokken wetenschappers verrast. ‘Zij was niet te voorzien’ verzekeren sommige economisten. Ik citeer niet graag Hegel als bevestiging maar men denkt toch ongewild aan zijn uitspraak over de uil van Minerva die zijn vlucht pas begint bij het invallen van de schemering. De wetenschap begint haar werk pas bij valavond, wanneer de dingen van de dag volbracht zijn. Het schemert nu voldoende en daarom past het dat slimme geesten - sociaalwetenschappers - het thema van de crisis aanpakken. Misschien komen zij tot de slotsom dat de vraag over leidinggevenden en hun verantwoordelijkheid een nieuw antwoord behoeft. Wat moet er gebeuren? Vooreerst staan specifieke maatregelen voorop, niet enkel met praktische maar ook met symbolische betekenis. Vervolgens is een brede publieke discussie noodzakelijk die gericht is op een mentaliteitsverandering. Die discussie kan en moet aangezwengeld worden door wetenschappers die de noodzakelijke ommekeer van de tijdsgeest met argumenten en resultaten van hun onderzoek ondersteunen. Hierbij is de term ‘wetenschapper’ aan een herdefinitie toe. Zij moeten immers optreden als bemiddelaars tussen wetenschap en praktijk. Dus ageren als publieke intellectuelen. Daarbij zijn algemene media nuttiger dan vaktijdschriften. Maar bovenal moeten publieke intellectuelen de contactvrees die hun optreden in het openbaar belemmert van zich afzetten.


De auteur hield deze toespraak op 18 februari 2009 naar aanleiding van de 40ste verjaardag van het ‘Wissenschaftscentrum Berlin’.



Vertaling Erik Willaert


Rolf Dahrendorf

Rolf Dahrendorf

Links
mailto:andreas@liberales.be
Share |

Nieuwsbrief

Schrijf je in op onze wekelijkse nieuwsbrief door hieronder je e-mailadres in te vullen.

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Andreas Tirez
gsm: +32485 24 46 71
andreas@liberales.be