|
We leven in een almaar meer gemondialiseerde omgeving. De tijd waarin men levenslang in zijn geboortedorp bleef wonen is al lang voorbij. Meer en meer zien we ook dat mensen niet in hun vaderland blijven. In Europa is er, gelukkig, een vrij verkeer van personen, maar we zien dat ook mensen van andere continenten hier komen wonen. Deze mensen ontzeggen we een van de democratische basisrechten, namelijk het mee kunnen beslissen over wat er gebeurt met de samenleving waarin zij leven. Pleiten voor het migrantenstemrecht is pleiten voor de loskoppeling van stemrecht en nationaliteit. Waarom zouden we dit doen? Daarvoor moeten we teruggaan op wat stemrecht eigenlijk is: de mogelijkheid om rechtstreeks of onrechtstreeks mee te beslissen over de regels die van toepassing zijn op iedereen die deel uitmaakt van de gemeenschap waarbinnen je leeft. Een vreemdeling die in een andere gemeenschap komt leven wordt onderworpen aan de regels van die gemeenschap. Als die persoon zich aan die regels houdt (waartoe hij verplicht is, wil hij niet tot een gevangenisstraf veroordeeld worden of het land uitgezet worden), en ook voor het overige volop deelneemt aan het leven binnen die gemeenschap, o.a. door het betalen van belastingen, het actief op zoek gaan naar werk of door op vrijwillige basis binnen die gemeenschap te helpen, moet hij ook dezelfde rechten krijgen als elke andere inwoner. Het aloude ‘No taxation without representation’-principe. Het is zeer discriminerend om personen dezelfde plichten op te leggen, maar ze de bijhorende rechten te ontzeggen en dat op basis van iets als nationaliteit. Die nationaliteit is immers niet bepalend voor de eigenheid van een persoon. Een mens wordt bepaald door zijn karakter, zijn voorkeuren, zijn talenten en nog zo veel meer, maar niet door zijn nationaliteit. Statistisch kun je bepaalde uitspraken doen over de kenmerken van iemand met een bepaalde nationaliteit, maar bij een concreet iemand kunnen die kenmerken totaal verschillen. En op basis van statistieken mensen bepaalde rechten ontzeggen is ten zeerste inhumaan. Nationaliteit is niet meer dan een nietszeggende titel. Iemand die nu in Canada of Indonesië woont, maar morgen naar Gent migreert, maakt na verloop van tijd geen deel meer uit van de Canadese of Indonesische gemeenschap, maar van de Europese, Belgische, Vlaamse en Gentse. Tegenstanders vinden dat zij die het stemrecht willen maar de nationaliteit moeten aannemen, temeer omdat dat tegenwoordig toch zo moeilijk niet meer is door de snel-Belg-wet. Ten eerste hebben wij daarnet proberen uitleggen waarom wij die nationaliteit niet belangrijk vinden en zien wij dus ook niet in waarom dat nodig zou zijn. Ten tweede zijn er mensen die hun oorspronkelijke nationaliteit willen behouden omdat ze na een aantal jaren willen terugkeren of omdat ze in sommige gevallen hun land niet meer zouden binnenmogen om bijvoorbeeld hun familie te bezoeken. Bovendien zijn die tegenstanders ook meestal diegenen die de nationaliteitsverwerving moeilijker willen maken. Erg consequent zijn die dus niet. Een ander argument dat regelmatig terugkeert, is dat als wij in pakweg Marokko zouden gaan wonen, we daar ook geen stemrecht zouden krijgen. We mogen onze behandeling van vreemdelingen echter niet laten afhangen van hoe wij zouden behandeld worden in hun land, maar we moeten van onze eigen maatstaven uitgaan. Het zou pas erg zijn als we onze democratische waarden zouden laten bepalen door de situatie onder minder democratische regimes. Andere, xenofobe, tegenstanders waarschuwen ons dat migranten hier de macht zouden overnemen en hun visies aan de autochtonen opleggen. De ganse discussie gaat echter over een zodanig kleine groep mensen, dat dat gevaar er zeker niet in zit. Bovendien blijkt uit voorbeelden in andere landen dat de invoering van het migrantenstemrecht nagenoeg geen invloed heeft op de verkiezingsresultaten. Dat het slechts om een kleine groep gaat, misbruiken sommigen dan weer om de discussie te vermijden. Het gaat inderdaad om een kleine groep en het is een symbooldossier, maar dat zegt op zich niets. Het is net de taak van liberalen om ook de rechten van kleine groepen te verdedigen. Hoe kun je de rechten van het individu respecteren, als je ook niet de rechten van minderheden verdedigt? Trouwens, het stemrecht voor migranten bestaat al gedeeltelijk. Onderdanen van een EU-lidstaat die hier komen wonen hebben al gemeentelijk stemrecht. Migranten uit andere landen daarentegen niet. Nochtans kan het gebeuren dat die al veel beter en langer deel uitmaken van onze gemeenschap, dan een EU-burger die hier misschien nog maar net verblijft. We gaan er dus precies van uit dat migranten per definitie geen deel kunnen uitmaken van onze samenleving. Dat lijkt dan gebaseerd te zijn op het feit dat migranten veelal een andere levensbeschouwelijke visie hebben. Maar hebben we zo lang gevochten voor de uitbouw van een seculiere staat om dan mensen rechten te ontzeggen op basis van godsdienst? Migranten zouden onvoldoende kennis van het Belgische staatsbestel en de binnenlandse politiek hebben, om een bewuste keuze te maken. Maar is dat wel zo? Zouden zij zich ook niet informeren als ze zo’n belangrijke keuzes zouden mogen maken? Ook in de ganse integratieproblematiek kan het migrantenstemrecht een positieve rol spelen, zonder dat we er nu ook weer alle heil moeten van verwachten. Momenteel wordt de discussie rond dit onderwerp grotendeels boven de hoofden van de migranten gevoerd. Door hen stemrecht te geven worden de politici verplicht effectief rekening te houden met hun verzuchtingen en iets te doen aan de problemen die zich voor migranten stellen. In een aantal steden zijn er ganse wijken waar bijna geen enkele stemgerechtigde woont. Hoeft het dan te verbazen dat allerhande problemen zoals verkrotting, verloederde straten en de onveiligheid die er soms heerst niet altijd aangepakt worden? Migranten zouden meer betrokken worden in het maatschappelijk debat. Ze zouden ook beter begrijpen wat de oorspronkelijke inwoners denken en willen. Want dat is net democratie: door het debat een probleem vanuit verschillende perspectieven bekijken en tot een goede oplossing komen. Nu moeten migranten zich daar niets van aantrekken, ze kunnen toch geen keuze maken. Was het migrantenstemrecht vroeger reeds ingevoerd, hadden de gewone partijen misschien al meer rekening gehouden met de verzuchtingen van de migranten. De migranten hadden zich misschien al meer geïdentificeerd met die gewone partijen en misschien had een fenomeen als de AEL van Dyab Abou Jahjah dan zoveel aandacht (en aanhang, hoewel die waarschijnlijk toch niet al te groot is) niet gekregen. Dat zou zowel voor de migranten, als voor de strijd tegen extreem-rechts beter geweest zijn. Het spreekt voor zich dat het stemrecht voor migranten een recht moet zijn, geen plicht. Enkel zo zorgt men er voor dat als migranten gaan stemmen, zij dat doen omdat zij willen deelnemen aan onze democratie en een bewuste keuze maken. Als zij dan de moeite doen om naar het stembureau te trekken, geldt dat als een voldoende voorwaarde om te mogen stemmen. Hetzelfde geldt uiteraard voor diegenen die de Belgische nationaliteit hebben en dus moet ook voor hen de opkomstplicht afgeschaft worden. Als het hier over stemrecht gaat, gaat het zowel over actief als passief stemrecht. Het gaat niet op mensen wel te laten stemmen, maar zich niet verkiesbaar te laten stellen. Wie mag stemmen, moet kunnen stemmen op wie hij wil. Ook op zichzelf. Migranten moeten zich dus ook verkiesbaar kunnen stellen. Dat laatste kan op bepaalde niveaus echter wel enige complicaties met zich meebrengen. Vertegenwoordigers op internationaal niveau zouden zo een andere nationaliteit kunnen hebben dan die van het land dat ze vertegenwoordigen. Op zich is dat niet erg. Het is immers niet de nationaliteit die er voor zorgt dat iemand zijn land kan vertegenwoordigen, maar het feit dat die persoon rechtstreeks of onrechtstreeks door de bevolking van zijn land verkozen werd om die taak uit te oefenen. Tegenover landen die de logica hierachter niet volgen zou dat het gewicht van de vertegenwoordiging echter wel kunnen verminderen. Naast de toelating aan migranten om zich verkiesbaar te stellen, houdt dat ook in dat in de verkiesbaarheidsvoorwaarden voor federale en deelstaatparlementen de leeftijd van 21 jaar in de stemgerechtigde leeftijd moet veranderd worden. Dit uiteraard ook voor Belgen. Het stemrecht voor migranten moet uiteraard niet verleend worden aan de eerste de beste die voor korte duur in ons land terechtkomt. Het moet enkel toegekend worden aan zij die bestendig in onze gemeenschap verblijven. Wie hier op reis is, of hier slechts een korte periode vertoeft, moet slechts tijdelijk voldoen aan de plichten van ons land en kan dan ook moeilijk het recht opeisen om mee te beslissen wat die blijvende plichten dan precies zijn. Daarom moet naast het belastingplichtig zijn ook voldaan worden aan de eis hier voldoende lang te verblijven. Het lijkt logisch om de duur van een legislatuur voorop te stellen als minimumverblijfsduur om van het stemrecht te mogen genieten. In deze discussie wordt het tijd dat de liberalen eindelijk eens voor hun mening uitkomen en het migrantenstemrecht in hun programma opnemen. Een partijprogramma moet uitgaan van de kracht van de eigen ideologie en moet geen weerspiegeling zijn van een marktonderzoek bij de kiezers. Liberalen moeten om hun programma te bepalen zich niet wegsteken achter wat de meerderheid van de bevolking zou willen. Liberalen moeten opkomen voor het migrantenstemrecht en aan de bevolking uitleggen waarom. Liberalen dienen, hun eigen principes respecterend, voor het migrantenstemrecht te pleiten en zich niet, ingegeven door electorale overwegingen, in allerlei bochten te wringen.
Mathias De Clercq Mathias De Clercq Linkshttp://gent.lvsv.be |
NieuwsbriefSchrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief Liberales TVContactAndreas Tirez
|
|