Beleggen in honger

essay vrijdag 23 mei 2008

Els Keytsman

Enkele jaren geleden trokken de ontwikkelingslanden aan de alarmbel: de prijzen voor landbouwgrondstoffen bereikten een historisch dieptepunt, met zeer zware gevolgen voor miljoenen achtergestelde producenten en landarbeiders. Vandaag zijn de prijzen voor voedsel hoog, de prijzen van rijst en graan bereikten zelfs recordhoogtes. Noord-Zuidorganisaties brengen een kritische analyse. Maar waren hoge prijzen voor landbouwgrondstoffen dan niet wat ze hebben gevraagd? Noord-Zuidorganisaties voerden de jongste jaren campagne voor een hervorming van het landbouwbeleid, zowel in het Westen als in de ontwikkelingslanden. Onder meer Europese, Amerikaanse en Braziliaanse import – al dan niet gesubsidieerd – werkten prijsonstabiliteit in de hand en ontzegden kansen aan achtergestelde producenten in het Zuiden. De vraag naar een hervorming is, met de huidige hoge voedselprijzen, nog steeds relevant. Ook nu zijn de armste mensen uit de armste landen in het Zuiden het grootste slachtoffer. In veel van die landen gaat 70 tot 80% van het inkomen naar voedsel. De prijsstijgingen zullen de meest kwetsbare groepen, zoals de arme stedelijke bevolking, meestal krottenwijkbewoners, het hardst treffen. Maar ook landarbeiders of familiale boeren die niet voldoende telen om zichzelf te voeden, zijn kwetsbaar. Maar liefst 37 landen arme landen staan op de drempel van een crisissituatie, weet de FAO, met mogelijk voedselrellen tot gevolg. Wereldwijd neemt de onrust toe: van Italiaanse mama’s die protesteren tegen de hoge pastaprijzen tot gewelddadige incidenten in landen in Azië, Afrika en Latijns Amerika. De huidige situatie is het “ultieme rampscenario voor derdewereldlanden”, volgens Jossette Sheeran, directeur van het Wereldvoedselprogramma. Robert Zoellick, voorzitter van de Wereldbank, stelt dat de hoge voedselprijzen honderd miljoen mensen rechtstreeks in gevaar brengen. Er is nog geen reden tot paniek: volgens de FAO is het perfect mogelijk om met het huidige mondiale landbouwareaal 12 miljard mensen te voeden. Er is wel reden tot serieuze bezorgdheid: reeds 840 miljoen mensen lijden honger. Het grote probleem is dat niet iedereen het hele jaar door voldoende toegang heeft tot voedsel. Dit wordt verergerd door de huidige situatie.

De oorzaken van de prijshausse zijn divers. Slechtere weersomstandigheden, deels veroorzaakt door de klimaatsverandering, de toegenomen consumptie in zich ontwikkelende landen zoals India en China, de hogere vraag naar agrobrandstoffen en de hoge olieprijzen spelen allen een rol. De rol van speculatie blijft onderbelicht, nochtans één van de belangrijkste oorzaken. Beleggers hebben geavanceerde manieren om beleggingsrisico’s te beheersen. Vooral termijnmarkten trekken speculanten aan. In plaats van de huidige marktprijs te betalen, sluiten speculanten contracten af voor grondstoffen die ze pas over 6 tot 18 maanden zullen kopen. Op die manier wordt een hoeveelheid grondstoffen op papier verhandeld die de werkelijke hoeveelheid overtreft. Onder normale omstandigheden kan speculatie de markt stabiliseren. Maar bij grote tekorten of bij overproductie versterken speculanten de heersende prijstrends en accentueren ze prijsinstabiliteit. De grotere vraag voor noodhulp zal de druk op de prijzen nog opvoeren. De Amerikaanse kredietcrisis en zwakke dollar doen beleggers in onrustige markten kiezen voor andere mogelijkheden. Vroeger was goud een veilige beleggingshaven, nu zoekt men bijkomende zekerheid bij andere grondstoffen. Grondstoffenprijsinflatie versterkt zichzelf. Niet alleen banken en pensioenfonds zijn actief op de markt van de grondstoffen, ook steeds meer kleine investeerders springen mee op de kar. Hierbij worden ze graag geholpen door banken en beleggingsadviseurs. Elke financiële website schreeuwt het van de daken: beleg in grondstoffen. “Met grondstoffen lijkt uw portefeuille goed beschermd tegen de kredietcrisis” aldus Peter Van Maldegemen in Netto, de weekendbijlage van De Tijd. KBC biedt de kleine belegger dan weer een beleggingskorf aan die cacao, koffie, suiker, tarwe maïs en soja bevat “Zo kunt u het tekort aan voedingsmiddelen en de daaruit volgende stijging van de voedselprijzen maximaal in uw voordeel keren” luidt het enthousiast in hun reclamefolder. Het is een bewuste strategie, mee ondersteund door de centrale banken, om Wall Street terug op de been te helpen. “It is the great bull market of the Noughties” stelt Iain Macwhirter in New Statesman. En, voegt hij eraan toe, wie behoort tot de 2,8 miljard mensen die moet leven van minder dan 2 dollar per dag, betaalt deze winsten met het leven. Beleggen in honger: pensioenfondsen, banken, hefboomfondsen en durfkapitaalgroepen worden gedreven door winst, en niet door ethiek. Vandaar dat er stemmen opgaan om dergelijke speculatie een halt toe te roepen. De huidige situatie zou de kans kunnen bieden om meer te investeren in duurzame landbouw, hetgeen cruciaal is om de Millenniumdoelstellingen te behalen. Zowel Noord als Zuid zouden hier meer aandacht moeten voor hebben. Als zij voldoende investeren in landbouw, kunnen landen die voorheen afhankelijk waren van voedselhulp, evolueren tot autonome of zelfs voedselexporterende landen, zoals Zambia of Malawi de afgelopen jaren. Hogere prijzen kunnen ook een stimulans zijn voor kleinschalige boeren om te moderniseren, hun productiviteit op te drijven en te kiezen voor duurzame landbouw. Ontwikkelingssamenwerking zou voldoende middelen moeten reserveren voor capaciteitsopbouw en kennisversterking. Toch ging tot vandaag slechts een klein deel (4 procent) van de totale ontwikkelingshulp voor Afrika naar de ontwikkeling van landbouw. Vandaag wint de idee steeds meer terrein dat de kleinschalige duurzame landbouw de beste manier is om voedsel te produceren. Het World Development Report 2008 van de Wereldbank stelt dat de groei van het BNP door landbouw effectiever is om het inkomen van extreem arme mensen te verhogen dan BNP-groei door andere sectoren. De Wereldbank pleit ook voor meer investeringen in kleinschalige landbouw in het Zuiden, het ontwikkelen van netwerken van kleinschalige landbouworganisaties en het ondersteunen van die netwerken, zodat ze meer politieke macht en marktmacht verkrijgen. Waarmee we zijn aanbeland bij de eisen van de campagne ‘Boeren strijden tegen vrijhandel’ van 11.11.11, Vredeseilanden en Oxfam-Wereldwinkels. Vrijhandel heeft niet geleid tot een leefbaar evenwicht in de prijzen. Integendeel: grondstoffenproducerende landen hebben niet langer de middelen om zich tegen prijsinstabiliteit te wapenen. Net als de Afrikaanse Unie willen deze Noord-Zuidorganisaties dat de Wereldhandelsorganisatie (WTO) maatregelen neemt om de markt te reguleren: instrumenten om het aanbod te beheersen, technische bijstand, financiële ondersteuning, toegankelijke informatie over de grondstoffenmarkten in landbouwproducten. Vlaamse, Belgische en Europese overheden zouden het ontwikkelen van producentennetwerken en producentenorganisaties in het Zuiden moeten ondersteunen.

Via Ontwikkelingsprogramma’s kunnen meer investeringen in infrastructuur, energie, en krediet mogelijk worden gemaakt. Een herstel van de internationale grondstoffenakkoorden tenslotte, kan speculatie tegengaan.


De auteur is diensthoofd Politieke Dienst Oxfam-Wereldwinkels vzw



Op dit essay is er een repliek van een Liberales-kernlid (Meer vrije markt zorgt voor minder honger).

Els Keytsman

Els Keytsman

Links
mailto:Els.Keytsman@oww.be
Share |

4de Karl Popperlezing met Hans Achterhuis

Deze lezing vindt plaats op dinsdag 5 oktober om 20u in het Liberaal Archief, Kramersplein 23 te Gent. Na de lezing is er een receptie. Toegang is gratis, maar gelieve wel in te schrijven op verhofstadt.dirk@telenet.be.

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Andreas Tirez
gsm: +32485 24 46 71
andreas@liberales.be