Lichte gemeenschappen

essay vrijdag 12 mei 2006

Menno Hurenkamp

Ik ben nergens lid van. Ik heb geen Ajax-jaarkaart, geen omroepblad, geen officiële hobby’s. Ik ben geen lid van een partij of vakbond. Ik mijd vergaderingen als de pest en wie mij een acceptgiro stuurt, ziet hem nooit meer terug. Ik stem en lees wat kranten, maar doe beide natuurlijk alleen. Heerlijk! Ik pas kortom perfect bij het dagelijks uitgevente beeld dat de samenleving uit elkaar valt. Ik ben een van die superegoïsten die de hele dag met zijn eigen pleziertjes bezig is.

Met mij gaat het goed, met de samenleving slecht, zoals het Sociaal en Cultureel Planbureau het algemene gevoel over Nederland recent omschreef. We bowlen alleen en niet meer in clubjes, heet dat onder academici. En zo, met die zelfgenoegzame teruggetrokkenheid, leggen we de bijl aan de wortel van de democratie. Want wie geen andere mensen ontmoet, die vertrouwt ze ook niet, en wie geen mensen vertrouwt, die ziet ook het nut van de publieke zaak niet in. Deze ontwikkeling biedt ruim baan voor pessimisten. Alleen al daarom moeten we er nog eens beter naar kijken. Want misschien klopt het beeld helemaal niet dat de maatschappij uiteenvalt, hoe allerindividueelst mijn daden ook mogen lijken.

Ik heb een vrouw en twee kinderen. Die kinderen helpen je om de publieke sector snel van binnenuit te leren kennen. Als op school dingen moeten gebeuren, draven we op. Om luizen te vangen of boek te houden, of om andermans kinderen mee te nemen. Ik tik foldertekstjes en brieven voor mensen die niet mijn superieure taalgevoel hebben. Ik heb familieleden die mij te pas en te onpas voor allerlei weten op te trommelen – en die ik ook weer weet te vinden. Ik doe bovendien aan letterlijk alle consumentenboycots mee. Zo’n aso ben ik nu ook weer niet. Ik ben voortdurend met anderen in de weer en veel van mijn opvattingen over wat goed of slecht is, komen dan tot stand. Het zijn alleen geen traditionele verenigingen waar ik lid van ben, eerder ‘lichte’ gemeenschappen, die ik betreed en verlaat naar eigen inzicht. De kans is erg groot dat dit ook voor u geldt. Dat u zelden opduikt in wijkraadnotulen. Maar dat u ondertussen (meer dan) genoeg doet aan allerlei sociale activiteiten. En dat u ook nog wel een serie mensen kent die zich inzetten voor anderen op ogenschijnlijk onopvallende manieren.

Neem de alleenstaanden: vraag al die singles eens hoezeer ze zich verbonden voelen met de stad waar ze weekend na weekend uitgaan. Hoezo ongeïnteresseerd in de eigen omgeving? De singles die ik ken onderhouden enorme netwerken waar mensen met kinderen zeker niet aan toekomen, en waar ook en passant soep voor zieken en stemadviezen worden uitgedeeld. Urban tribes noemt de Amerikaanse schrijver Ethan Watters ze, grotestadsstammen van mensen die wel vrij willen zijn maar niet alleen.

Zo bezien is dat beeld over die uiteenvallende maatschappij toch eigenlijk merkwaardig. Het wordt dan ook tijd dat we eens beter kijken naar de moderne varianten van ons sociaal gedrag. Misschien dat we inderdaad minder aardige dingen voor elkaar doen in georganiseerd verband. Omdat we het te druk hebben om op donderdagavond een vaste afspraak te hebben. Omdat we denken dat je tegenwoordig flexibel moet zijn, je niet te veel moet vastleggen op zoiets als een baan of een huis of een partner, en dat die hang naar flexibiliteit ook zijn weerslag heeft op alle andere dingen die we ondernemen. Omdat het internet mogelijk maakt dat we alles in onze eigen tijd en in ons eigen tempo doen. Of omdat er nu tegenwoordig minder ‘grote’ vraagstukken zijn die gezamenlijke actie vereisen, zoals toen de vrouwenemancipatie nog in de kinderschoenen stond. En dat daardoor de vorm die we kiezen voor onze onderlinge zorg vanzelf ‘lichter’ wordt, makkelijker.

Waarmee onze neiging tot zorgzaamheid (‘de sociale cohesie’) niet weg is, maar zich wel op een veel kleinere schaal afspeelt. En daarmee minder zichtbaar is. Maar misschien wel veel oprechter, omdat het nu niet de buren zijn die kijken of u wel naar de kerk gaat, maar het uw eigen beslissing is. Hoe dan ook, hoe meer we in losse clubjes doen, hoe lastiger het te meten is wat we doen. Alles wat in officieel vrijwilligersverband gebeurt, wordt geteld. Door de gemeente, door onderzoeksbureaus. Iedereen die subsidie aanvraagt, wordt geturfd. Maar wat nu als u gewoon doet wat u nodig vindt, met uw parkvoetbalcompetitievrienden? En daar niemands hulp bij vraagt, behalve misschien die van die ene vriend die goed is met boekhouden en die ander die Russisch spreekt. Dan valt uw werk niet op, omdat u zich nergens meldt.

Niet erg dat u niet opvalt, denkt u misschien? Dat klopt tot op zekere hoogte. Het is niet erg dat u uw werk in stilte doet. Maar het verhindert dat we met z’n allen zien hoeveel aardig werk er voor elkaar gedaan wordt. Daardoor staat er wél iets op het spel. Hoe minder bekend is over wat in deze informele verbanden gebeurt, hoe meer aanleiding er lijkt te zijn om te zeggen: zie je wel, het verenigingsleven valt uit elkaar, de maatschappij gaat naar de knoppen, er is geen sociale cohesie meer, geen burgerschap meer, mensen vertrouwen elkaar niet meer. Dan blijft zoiets als het verhaal over de kloof tussen burger en politiek inderdaad ingewikkeld, en krijgen we gekozen burgemeesters en nieuwe stemprocedures aangereikt, terwijl er eigenlijk vooral behoefte is aan ruimte om betrokkenheid zinvol vorm te geven. Ruimte in de tijd: omdat werk of school of gezin al veel eisen. En ruimte in je hoofd. Omdat je dat immers meer en meer zelf moet doen, minder op voorschrift van kerk, politieke partij of buurtvereniging, meer naar eigen inzicht. Vandaar dat we die lichte gemeenschappen verzamelen, op de website www.lichtegemeenschappen.nl. Om een ander verhaal over Nederland te kunnen vertellen, niet naïef optimistisch, maar met oog voor de feiten, met oog voor onderlinge zorg en vooral ook: met oog voor plezier. Het zou daarom mooi zijn als u ook eens beschreef wat voor lichte gemeenschappen u onderhoudt. Misschien heeft u geen zin om daarover te schrijven, omdat het al snel snoeverig klinkt om op papier te zetten wat eigenlijk heel vanzelfsprekend is. Maar dan onderschat u niet alleen het belang van wat u zelf doet, maar ook het belang van juist die vriendschappen en informele netwerken voor onze maatschappij.


De auteur is politicoloog aan de UvA en onder andere lid van lichte gemeenschap/denktank Waterland.

Menno Hurenkamp

Menno Hurenkamp

Links
mailto:M.E.A.Hurenkamp@uva.nl
Share |

Nieuwsbrief

Schrijf je in op onze wekelijkse nieuwsbrief door hieronder je e-mailadres in te vullen.

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Andreas Tirez
gsm: +32485 24 46 71
andreas@liberales.be