De media moeten het Blok meer ruimte geven

essay vrijdag 25 juni 2004

Rob Kindt

Eén week na 13 juni stelde Spirit-eminentie Hugo Schiltz in De Zevende Dag dat het de taak is van het onderwijs, het middenveld en weet ik nog wie allemaal om het Blok terug te dringen. Ook dit nog, zucht de onderwijsmens in het veld weerom. Schiltz heeft evenwel gelijk. Maar is het ook niet de tijd om de twee hoofdrolspelers in de vooruitgang van het Blok, de politiek en de media, mee op hun verantwoordelijkheid te wijzen? De grote partijen hebben al een deemoedig mea culpa geslagen, beseffen alvast in woorden dat ze er zelf ook iets moeten aan gaan doen. Maar de media, die heb ik nog niet gehoord met enige aanzet tot kritische zelfanalyse. Die is nochtans meer dan nodig. Het Blok heeft zich opnieuw kunnen versterken op standpunten die als constante het volgende hebben: ze zijn éénvoudig, en vooral ook éénduidig en zonder nuances. Laat dit nu net de richting zijn waarin het (populaire) medialandschap in Vlaanderen ook is gaan evolueren, en zo zijn deel van de ‘schuld’ op zich is gaan laden.

De media hebben vaak zelf alle zin voor nuance gebannen. Artikels in populaire kranten nemen, een enkele uitzondering niet te na gesproken, nog zelden meer ruimte in dan de begeleidende foto. Zelf ben ik zestien jaar lokaal medewerker geweest van een Vlaamse krant. Ik heb afgehaakt toen vanuit de hoofdredactie de dringende richtlijn kwam dat stukken kort moesten gehouden worden, dat alleen het harde nieuws nog kon. Want achtergrond of dieper graven, dat interesseerde de lezer zogenaamd toch niet. Voor mij nog steeds een betwistbare stelling, maar ze blijft wel de dienst uitmaken in de populaire pers.

Hetzelfde zie je in de populaire, visuele media. Infotainment-programma’s gaan op zoek naar extremen, naar One Trick Poney’s, mensen die zich in één item zo extreem opstellen dat ze een publiekslokkend curiosum geworden zijn. Praatprogramma’s worden volgestouwd met lieden die geselecteerd lijken op één criterium, dat van hun uitgesproken mening. Een genuanceerde, gefundeerde opinie uitdragen lijkt in dergelijke programma’s uit den boze. Men hoeft er alleen zijn eigen standpunt tot in den treure, vaak zonder de minste argumentatie, maar op zo assertief mogelijke toon te herhalen. Met als hoofdbedoeling gensters te slaan, zowel in debat als in kijkcijfers.

Een strikje kan het aureool zijn van de hooggeleerde professor, of het kinversiersel van een clown. De hang naar gensters heeft het strikje van pakweg de VRT in de kiesshows, niet langer kiesprogramma’s, vervaarlijk ver in de richting van het laatste doen overhellen. Het neveneffect van het zoeken naar gensters is wel dat het extreme geponeerd wordt als een aanvaardbare, soms zelfs aan te prijzen houding. Wat zich dan op een kieszondag vertaalt in gelijklopend kiesgedrag.

De media cultiveren zo de macht van wat ze veronderstellen hun publiek te zijn en gaan het omwille van de kijkcijfers naar de mond praten. Getuige daarvan de overvloed aan straatinterviews. Gebeurt er iets, dan moet de eerste de beste voorbijganger daar zijn tien seconden durend commentaar op geven. Liefst ook weer een uitgesproken mening, waarbij enige kennis van zaken niet echt van doen is. Als het, opnieuw, maar stevig en eenduidig klinkt. “Die vreemdelingen, van mij mogen ze die profiteurs wegsturen, meneer. Maar niet die van de pitta aan ’t station, dat zou mijn zoon jammer vinden.” Voorwaar een gefundeerd standpunt, mevrouw. Verzuurde kijkers leveren de ‘leukste’ citaten, worden door de media het vlotst aangehaald, en zo praat men nog maar eens de hang naar de gensters van het extreme naar de mond.

Precies daar zijn de media in de fout gegaan. Men is verder gegaan dan het bedienen van wat Stevaert ‘de mensen’ noemt, heel wat verder. De voorzitter van SP.a bedoelt er een hele bevolking mee, de media mikken alleen op leveranciers van scorende quotes. Een figuur als Dirk Sterckx vloekt in zo’n scenario, en verklaart precies door zijn kwaliteiten mee het verlies van de VLD in deze verkiezingen.

Quotes kunnen evenwel niet de bedoeling zijn van een nieuwsmedium. Nieuws brengen is nog steeds een publiek informeren. Dit betekent iets bijbrengen aan je publiek, het kennis geven van een feit of van bijkomende informatie vanwege bevoorrechte getuigen, zodat het publiek zich een genuanceerde mening kan vormen. Die dus per definitie niet eenvoudig of eenduidig kan zijn, en zich niet in een oneliner laat vatten. Media die geen ruimte meer maken voor nuance schieten daarom hun doel voorbij, en scheppen de ruimte waarin eenvoudige, eenduidige en ongenuanceerde standpunten kunnen gedijen. Ze scheppen, met andere woorden, de ruimte waarin het ideeëngoed van het Blok kan wortel schieten, en zijn als dusdanig mee verantwoordelijk voor het succes van het Blok op 13 juni 2004.

Willen de media een rol spelen in het terugdringen van het Blok, dan moeten ze het Blok niet gaan doodzwijgen, maar integendeel een ruimer forum geven. In programma’s in plaats van shows, in debatten die opnieuw langer mogen duren dan drie minuten per item, waar ruimte is om een item diepgang te geven. Zodat het ‘de mensen’ duidelijk wordt dat ‘de zaken’ nooit eenduidig zijn, maar een genuanceerde meningsvorming vragen, en zodat voor iedereen duidelijk wordt hoe schriel het ideeëngoed en de schijnoplossingen van het Blok zijn. De media kunnen die rol spelen indien ze bereid zijn af te stappen van het idee dat de kijker een infantiel wezen is dat alleen in staat is in een stemtest te kiezen tussen de pest en de cholera en dat aan de hand van alleen eenduidig, ongenuanceerde vraagstellingen een stemprofiel aangesmeerd moet krijgen.

De media kunnen zo’n rol gaan spelen, als ze beseffen dat ‘tainment’ met alle mogelijke voorvoegsels alleen maar een modieus heilig kalf is. ‘De mensen’ houden er niet per definitie van zich in het comfort van hun intellectuele luie stoel te nestelen. Ze houden er nog steeds van iets aangereikt te krijgen dat net iets hoger is dan wat ze gewoon zijn, waar ze even voor op de toppen van hun tenen moeten gaan staan, en van het goed gevoel dat net iets hogere bereikt te hebben. Die, soms kleine, uitdagingen zijn de essentie van sport, of van een quiz, of van onderwijs, mijn dagelijkse beroepspraktijk.

Dit is geen pleidooi voor een terugkeer naar een voor ‘de mensen’ afstotelijk intellectualisme of voor meer ‘wetstratees’ in de media. Dit is alleen maar een pleidooi voor een nieuwsgaring, verslaggeving of duiding die zijn eerste en voornaamste doelstelling, die van het geven van nieuwe, bijkomende informatie, wil waarmaken. Dat soort media is iets waar de eenvoudige, eenduidige en ongenuanceerde boodschap van het Blok het wellicht moeilijker zal mee krijgen dan met een scherm- of paginaboycot.


Lid Algemene Vergadering NCD

Gemeenteraadslid oppositiecoalitie DE BRUG - VLD

Leerkracht-Romanist Klein Seminarie Roeselare

Oud-medewerker Het Nieuwsblad


Rob Kindt

Rob Kindt

Links
mailto:rob.kindt@pandora.be
Share |

Nieuwsbrief

Schrijf je in op onze wekelijkse nieuwsbrief door hieronder je e-mailadres in te vullen.

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Andreas Tirez
gsm: +32485 24 46 71
andreas@liberales.be