Onze tijdgeest is het sociaal-individualisme

essay vrijdag 10 februari 2006

Sjaak Scheele

Het welvaartsniveau en de daarmee samenhangende behoeften zijn een belangrijke bepalende factor voor de tijdgeest. Behoeften worden met het stijgen van de welvaart steeds individueler. Maar een primaire collectieve behoefte als veiligheid ligt onder vuur. Wegens dit antagonisme past voor een aanzienlijk deel van zowel links als rechts de politiek van sociaal-individualisme zeer wel in de huidige tijdgeest.

Ruim 60 jaar geleden stelde de psycholoog Maslow zijn behoeftehiërarchie op. Op de inhoud van de hiërarchie zelf valt wel het nodige af te dingen. Maar belangrijk is de formulering van een hiërarchie in de menselijke behoeften. Op het laagste niveau staan de fysieke behoeften, zoals drinken, eten, huisvesting. Vervulling van deze behoeften is eenduidig en de belangenstrijd ervoor kan gemakkelijk collectief worden georganiseerd. Maar hoe hoger je in de hiërarchie komt, des te diverser en derhalve des te individueler de behoeften worden.

Marx kon nog zeggen dat de proletariër niets te verliezen had, behalve zijn ketenen. Op een bepaald moment wordt bij stijging van de welvaart de roep om individuele vrijheid steeds sterker. In het politieke discours is de hiërarchie terug te vinden in een verschuiving van collectivistische thema’s naar individualistische en van materiële naar meer postmateriële issues. De postmateriële issues reflecteren meestal behoeften die hoger in de hiërarchie staan. De vorming van wisselende lichte gemeenschappen heeft eveneens een relatie met de diversificatie van belangen in de samenleving. Is de individuele vrijheid niet wat de liberalen bepleiten, bijvoorbeeld bij monde van de VVD? De Volkspartij voor Vrijheid en Democratie heeft een prachtige naam. Het is een partij voor het volk, dus voor iedereen. Ze is voor democratie, dat is ok. En ze is voor vrijheid. Maar met de vrijheid ontstaat er een probleem. Wiens vrijheid is de vrijheid van de VVD?

Laten we vrijheid operationaliseren als het aantal keuzen dat je kan maken. Meer vrijheid betekent meer keuze. Zoals bij iedere operationalisatie dekt deze het begrip niet volledig. De IQ-test als operationalisatie van intelligentie komt niet compleet overeen met het begrip. Stephen Hawking mag dan best wel als intelligent worden beschouwd, of hij hoog zal scoren op een IQ-test betwijfel ik. Om terug te keren naar de gemaakte operationalisatie van vrijheid betekent dat gedepriveerden in de maatschappij minder keuze hebben, simpelweg omdat ze minder geld bezitten. Uit het streven naar vrijheid voor iedereen zou dan volgen dat de minder bedeelden meer moeten krijgen, anders hebben sommigen meer keuze en dus meer vrijheid dan anderen.

Het voorgaande is simpel gesteld in vergelijking met ganse bibliotheken die over vrijheid zijn volgeschreven, maar ik heb willen zeggen dat in de kern, afgezien van allerlei maatschappijorganisatorische problemen, liberalisme gelijkheidsstreven impliceert. Het is ook gemakkelijk beweren na Rawls, die tot een zelfde conclusie komt op basis van zijn beroemde gedachte-experiment: van achter de sluier der onwetendheid kiest de mens positie. Het streven naar een liberale individualistische behoeftebevrediging valt te rijmen met een sociale emancipatoire maatschappij. Dirk Verhofstadt stelt eveneens dat het liberalisme op zich sociaal is; het adjectief ‘sociaal’ voor het individualisme is helemaal niet nodig. Het conservatief liberalisme dient volgens hem te worden aangevallen als een contradictio in terminis en diegenen die het hanteren misbruiken de sociale en humane waarden van het liberalisme. Er is mijns inziens niets op tegen om wel het adjectief ‘sociaal’ te gebruiken. Het stipuleert slechts. En het is wellicht helderder om voorlopig te gebruiken, omdat in de gangbare betekenis het liberalisme synoniem is geworden met conservatisme.

De verschuiving in de behoeftehiërarchie heeft invloed op de tijdgeest. Meerdere politici merken deze tijdgeest op. Zelfs Wouter Bos, voorzitter van de Tweede-Kamerfractie van de PvdA, noemt zich een sociaal-liberaal en Femke Halsema, voorzitter van de Tweede-Kamerfractie van Groen Links, heeft het over de vrijheid als ideaal. Hun denken komt noodzakelijkerwijs uit bij het liberalisme, want de diverse socialistische experimenten zijn alle failliet. Een vraag is bijvoorbeeld hoe lang het Chinese socialisme het nog volhoudt? Niet eens dat er twijfel bestaat dat in China een liberale revolutie zal plaatsvinden (of heeft die eigenlijk al plaatsgevonden?). Het uitgangspunt van een maatschappelijke organisatie zal de markteconomie blijven.

Nog meer kritiek op het kapitalisme is niet direct nodig, Marx heeft dat werk al in extenso gedaan. Voor iedere liberaal - al dan niet sociaal - is het duidelijk dat de markt begrensd moet worden. Zo bestaan er mededingingsautoriteiten. Neelie Kroes is in Europa de bewaakster, opdat geen monopolies ontstaan en de markt functioneert. Deze heel basale limitering dient slechts ter illustratie van voor iedereen duidelijke noodzakelijke grenzen. De tijdgeest begrijpen betekent dat we kunnen constateren dat het liberalisme zowel vanuit behoeftebevrediging als vanuit maatschappijorganisatie de beste optie is. Maar sociaal-liberalen moeten op zoek naar de grenzen van de markteconomie. Eerlijk toegeven dat een privatisering van een luchthaven idioot is, omdat er geen markt voor luchthavens bestaat. Op sociaal gebied is het niet toegestaan dat Sarkozy’s racaille jarenlang buiten de werkende maatschappij wordt gesloten. Het racaille kan zich niet ontplooien en zal een bedreiging vormen voor gans de maatschappij.

Terrorisme is een ander tijdsfenomeen dat een bedreiging vormt voor de liberale maatschappij. De maatschappij beschermen met repressieve maatregelen heeft slechts beperkte mogelijkheden. Anders kunnen we aan baron von Münchhausen’s boek een nieuw chapiter toevoegen: ‘Hoe ik de vrijheid redde met het inperken van alle vrijheden’. We moeten niet alleen het terrorisme, maar vooral de oorzaken van terrorisme bestrijden. Veiligheid is een behoefte die vrij primair is. De veiligheidsbedreigingen dringen mede het besef op van de noodzaak van een liberalisme dat sociaal is, opdat ieder individu, elke groepering het gevoel heeft dat hij echt participeert in de maatschappij.

De tijdgeest dringt zowel van linksom als van rechtsom aan op een liberalisme dat sociaal-individualistisch is.


De auteur is psycholoog en publicist

Sjaak Scheele

Sjaak Scheele

Links
mailto:jscheele@xs4all.nl
Share |

Nieuwsbrief

Schrijf je in op onze wekelijkse nieuwsbrief door hieronder je e-mailadres in te vullen.

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Andreas Tirez
gsm: +32485 24 46 71
andreas@liberales.be