Leven en werk van Benedictus Spinoza (1632-1677)

figuur vrijdag 21 januari 2011

Benedictus Spinoza

Bento d’Espinoza werd in 1632 in Amsterdam geboren als Baruch, zoon van Michael en Hanna d’Espinoza. Zijn ouders maakten deel uit van de Amsterdamse gemeenschap van joden die na 1496 uit Portugal waren verdreven. Deze Marranen hadden zich katholiek laten dopen om aan de brandstapel van de Inquisitie te ontkomen, maar hadden in het geheim geprobeerd hun geloof trouw te blijven. In Nederland hervonden ze na hun vlucht de oude tradities. Nieuwlichterij konden ze niet gebruiken. Spinoza is dus een ‘tweede generatie allochtoon’. De moeizaam heroverde cultuur van zijn ouders is niet de zijne. Hij komt ook in aanraking met de cultuur van het land van aankomst. Hij ontworstelt zich aan de banden van de streng religieuze samenleving waaruit hij is voortgekomen, maar botst ook met de religieuze tradities van de Republiek.

Toen Spinoza zeven jaar oud was, werd Uriël da Costa in de ban gedaan door de Portugese synagoge in Amsterdam. Da Costa was in conflict gekomen met rabbijn Leon de Modena en de arts Samuel da Silva over geloofszaken. Hij was een rationalist en werd door de joodse autoriteiten gezien als atheïst. In het zeventiende-eeuwse handschrift van zijn afscheidsbrief staat: ‘Uw procedures zijn ridicuul en kunnen slechts kinderen of imbecielen terroriseren. Er heerst een afschuwelijke intolerantie in deze vrije stad, die zich erop beroemt mensen vrijheid en vrede te garanderen…’ Wat heeft Spinoza op ‘het slechte pad’ van de rede gebracht? Onorthodoxe ideeën tierden welig in Amsterdam en Spinoza maakte gebruik van de intellectuele kansen die de stad bood. Zo stelde hij de status van de joden als ‘uitverkoren volk’ ter discussie en wekte zo de woede van de gemeenschap.

In 1656 wordt Spinoza uit de joodse gemeenschap verbannen. De rabbijnen spreken van ‘afschuwelijke ketterijen’ en ‘schandelijke daden’. De cherem (ban) is ongemeen fel: hij geldt voor eeuwig, terwijl volgens de joodse wet de cherem niet langer dan elf jaar kan duren. De hypothese dat de oorzaak van de ban in de financiële sfeer zou liggen, is daardoor minder waarschijnlijk. De joodse autoriteiten moesten Nederlandse gezagsdragers laten zien dat ze de orde in eigen gemeenschap konden handhaven en dat aan de wortels van het geloof niet werd getornd. De rest van zijn leven staat Spinoza los van het joods religieuze leven. Hij noemt zich voortaan niet langer Baruch of Bento, maar tekent met het Latijnse Benedictus.

Hij gaat verder met het ontwikkelen van zijn eigen filosofische gedachten. In zijn tijd is de christelijke God voor bijna alle mensen in het Westen de grondslag van hun wereldbeeld en van de zingeving van hun bestaan. Spinoza bestudeert de Bijbel en wijst op zaken die niet stroken met de rede. Hij tart de gevestigde godsdienst en formuleert krachtige ethische en politieke beginselen die aan de basis liggen aan praktisch alle grote debatten van de verlichtingstijd. In 1661 verlaat Benedictus Amsterdam en trekt zich terug in Rijnsburg. Met zijn boeken, zijn lenzenslijperij, twee broeken en zeven overhemden.

In de Gouden Eeuw zijn vrijheid en tolerantie sleutelbegrippen in de Republiek. Economisch, militair, cultureel en wetenschappelijk is Holland een grootmacht, een land waar mensen als de franse filosoof René Descartes in vrijheid kunnen schrijven. Spinoza bewerkt in Rijnsburg delen van Descartes’ Principia philosophiae. Net als Descartes wil Spinoza de wetenschappen en het verstand bevrijden van overheersing door ‘irrationele waarheden’. Later, ondertussen verhuisd naar Voorburg, werkt hij aan zijn boek Ethica ordine geometrico demonstrata, opgezet als een meetkundig systeem met axioma’s en stellingen. Hij onderbreekt dit voor het schrijven van zijn andere grote werk, de Tractatus theologico-politicus, een aanzet tot een vrijzinnige uitleg van de Bijbel. De religieuze tolerantie in de Republiek der Nederlanden is groot, maar blijkt niet onbegrensd. In 1668 wordt Spinoza’s vriend en volgeling Adriaen Koerbagh veroordeeld tot het rasphuis vanwege zijn boek Een Licht schynende in duystere plaetsen. Koerbagh bezwijkt al snel onder de barre omstandigheden. Uit voorzorg schrijft Spinoza zijn geschriften in het Latijn, maar in 1674 wordt de Tractatus theologico-politicus toch verboden.

Spinoza’s filosofie is een leer over wat er te zien valt met de ogen van het verstand. God is de enige substantie die is. Al wat bestaat maakt deel uit van deze ene substantie die onveranderlijk, overgankelijk en allesomvattend is. Substantie is niet veroorzaakt door iets buiten zichzelf: substantie bestaat noodzakelijk, niet voorwaardelijk. Met andere woorden: alles wat is, is god en god is alles wat is. God is de werkelijkheid, de natuur van alle dingen, Deus sive natura, God of Natuur, die met behulp van de menselijke rede alleen uit zichzelf en uit niets anders kan worden verklaard. Spinoza is niet alleen een rationalist maar ook en determinist: Voor hem is god (of de natuur) de noodzakelijke oorzaak van alles wat is.

Over keuzevrijheid van de mens zegt hij dat het ‘de vrijheid [is] van een geworpen steen die gelooft dat hij uit eigen wens zo ver mogelijk vliegt en dan denkt: nu ga ik maar eens vallen.’ Dit determinisme is onmisbaar voor de doctrine dat God, wereld en natuur samenvallen. Toch zegt hij in de Tractatus theologico-politicus dat iedereen vrij moet zijn om de basis van zijn overtuiging te kiezen. Hoe dan determinisme te rijmen met vrijheid? In zijn axioma’s heeft Spinoza ervoor gezorgd dat dit probleem niet kan ontstaan: ‘vrij’ is iets wat alleen krachtens de noodzaak van zijn eigen natuur bestaat en alleen door zichzelf tot handelen aangezet wordt. Noodzakelijk, of ‘gedwongen’, is iets wat door een andere zaak tot een bepaalde wijze van handelen wordt aangezet.

Spinoza verhuist naar Den Haag. Hij publiceert zijn Tractatus politicus anoniem in 1670. Hierin pleit hij voor democratie en wijst hij op het grote belang van vrijheid van meningsuiting. Immers, een regering die de burger het onvervreemdbare recht ontneemt zijn eigen mening te vormen, onderdrukt hem op gewelddadige wijze. Binnen Den Haag verhuist Spinoza in 1671 naar de Paviljoensgracht. Hij betaalt tachtig gulden per jaar voor kost en inwoning en legt de laatste hand aan zijn levenswerk, de Ethica, dat pas na zijn dood uitgegeven wordt.

In het rampjaar 1672 wordt de sfeer in de Republiek grimmig. Een prinsgezinde menigte lyncht de gebroeders De Witt, de autoriteiten grijpen niet in. Spinoza is diep geschokt en wil een pamflet naar de plek van de moord brengen met de tekst ultimi barbarorum, ‘gij ergsten der barbaren’. Zijn huisbaas en vriend Van der Spyck houdt hem tegen en behoedt hem voor de volkswoede. Spinoza sterft in 1677 aan een longaandoening.


Hedda Maria Post

De auteur is samen met Julia Schmidt hoofdredactrice van ‘Human’, een gezamenlijke publicatie van het Humanistisch Verbond en Boom Uitgevers Amsterdam. Deze tekst verscheen in ‘Human’, winter 2010.

Verder lezen

Steven Nadler, Spinoza. Amsterdam: Olympus 2007.

Jonathan Israel, Radical Enlightenment. Philosophy and the Making of Modernity 1650-1750. Oxford University Press 2002.

Piet Steenbakkers, ‘Benedictus de Spinoza. Een overzicht’, in Filosofie, jg. 9, nr. 6 (december 1999/ januari 2000), 4–14. Online te raadplegen op http://www.phil.uu.nl/~piet/Spinoza_overzicht.html

Hedda Maria Post

Benedictus Spinoza

Links
http://www.human.nl/tijdschrift
Share |

4 Liberales-sessies over Economie

Om het economisch nieuws beter te begrijpen, organiseert Liberales in januari en februari vier sessies over Economie (te Brussel). De sessies behandelen pensioenen, strategisch gedrag, financieringswet en de financiële crisis. Toegang is 3 euro per sessie. Plaatsen zijn beperkt. Inschrijven via deze link. Meer info onder Activiteiten.

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Andreas Tirez
gsm: +32485 24 46 71
andreas@liberales.be