Leven en werk van Benedictus de Spinoza (1632-1677)

figuur vrijdag 06 juni 2008

Benedictus de Spinoza

Spinoza is één van de grote Nederlandse filosofen. Hij werd geboren op 24 november 1632 te Amsterdam. Spinoza groeide op in een Joods milieu, maar kwam in conflict met het dogmatische geloof. In 1656 werd hij uit de Joodse gemeenschap verstoten op beschuldiging van ketterij. Tijdens zijn leven gaf hij maar één werk uit, Het theologisch-politiek traktaat (1670). Zijn hoofdwerk De Ethica naar geometrische methode beschreven werd door vrienden uitgegeven na zijn dood.

Hij werd bespot door alle religieuze autoriteiten omdat hij leerde dat de mens een deel of een aspect was van één enkele natuur die gelijk was aan God, en dat de rede en niet de openbaring kon doordringen tot de waarheid aangaande God en de natuur. Hij liet zich hierdoor echter niet uit het lood slaan, maar maakte dit uitgangspunt tot de basis van zijn niet aflatende strijd tegen bijgeloof en voordeel.

De familie liet Spinoza in de steek. Ze probeerden hem zelfs te onterven op grond van ketterij. Het paradoxale was dat er maar weinig mensen waren die zich zo sterk maakten voor vrijheid van meningsuiting en religieuze tolerantie als Spinoza. De tegenstand waarmee hij te maken kreeg, zorgde er uiteindelijk voor dat hij een teruggetrokken leven ging leiden, dat helemaal aan de filosofie was gewijd. Om de kost te verdienen sleep hij optische glazen. Het heeft bijna iets symbolisch dat hij leefde van het slijpen van lenzen. Filosofen moeten immers helpen om de wereld vanuit een nieuw perspectief te zien.

De tijd van Spinoza was de tijd van de Verlichting en hij is een exponent van het verlichtingsdenken. Immanuel Kant, die in Duitsland het einde van de Verlichting en het begin van een nieuwe filosofie betekent, heeft de bekendste en treffendste typering van de Verlichting gegeven. Voor hem is de Verlichting: 'het vertrek van de mens uit zijn onmondigheid waaraan hij zelf schuld is'. Als leus voor de Verlichting ziet Kant: 'durf je eigen verstand gebruiken'. De mens kon zijn verstand niet gebruiken, omdat hij teveel aan niet-verstandelijke opvattingen gebonden was en doordat traditionele machten en autoriteiten het hem beletten. De strijd van de Verlichting ging dus tegen bijgeloof en vooroordeel tegen de instanties die deze in stand hielden.

Benedictus de Spinoza was een banneling. Door zijn ketterse ideeën leefde hij als een kluizenaar. Zijn tijd wordt gekenmerkt door religieuze onrust, die hij nog eens extra aanwakkerde. Dat hij verstoten werd uit de samenleving had alles te maken theologische overtuigingen.

De Substantie is het eeuwige ene of oneindige, dat onder of achter alle dingen is en alle Zijn bevat en in zich verenigd; Bestaat vanuit zichzelf en daarbuiten bestaat niets: Substantie = God = (scheppende) Natuur. Modus is alles wat niet, zoals de substantie, vanuit zichzelf vrij en tegelijk noodzakelijk bestaat: de wereld van (eindige) verschijnselen (de geschapen natuur). Het is alles wat zijn voorwaarde heeft in iets anders. Elk eindig ding heeft God als onmiddellijke oorzaak. De schakel tussen God als oneindige substantie en de afzonderlijke modi is de 'oneindige modificatie', de absolute som van de modi (=Alles). De oneindige substantie heeft twee eigenschappen: denken (géén bepaald of beperkt denken) en uitgebreidheid (geen lichaam dus want elk lichaam is begrensd). Net zomin als er twee substanties zijn (zoals Descartes leerde), maar slechts één substantie die onder twee aspecten bekeken moet worden, zomin bestaat een bepaald wezen en m.n. de mens uit twee gescheiden substanties; ziel en lichaam zijn twee facetten van het zelfde wezen: monisme.

Wils- (keuze-)vrijheid bestaat niet, menselijk handelen volgt natuurwetten (o.a. wet van zelfhandhaving). Algemene begrippen van goed en kwaad bestaan niet. Het wezen van elk ding (ook de mens) is zijn streven om zichzelf te handhaven. Deugd is het vermogen in dit streven te volharden. Macht reikt even ver als het natuurlijk recht (= natuurwetten = macht van de natuur) van de mens. Handelen volgens eigen Deugd = handelen volgens de natuur van de mens = redelijkheid = streven naar begrip, het sturen van hartstochten.

Spinoza wantrouwt de zintuigen en instincten/hartstochten, maar twijfelt niet aan het verstand en zijn vermogen heldere kennis en onvoorwaardelijke zekerheid te bieden. Door de rede begrijpen we de wetmatige noodzakelijkheid en als we de noodzaak van iets inzien, moeten we het aanvaarden; aanvaarden van absolute zekerheid. Aanvaarden van de noodzakelijkheid is niet meer passief ondergaan, maar er autonoom, vrij tegenover staan. Alles wat noodzakelijk is, is Gods wil: aanvaarding van het noodzakelijke = liefde tot God = liefde tot het onveranderlijke lot.

Spinoza overleed op 21 februari 1677 te s-Gravenhage.



Benedictus de Spinoza

Links
http://cooley.colgate.edu/cslweb/curresup/spinoza.html http://home.pi.be/~pin86315/spinoza http://home.pi.be/~pin86315/spinoza/bio.htm
Share |

Nieuwsbrief

Schrijf je in op onze wekelijkse nieuwsbrief door hieronder je e-mailadres in te vullen.

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Andreas Tirez
gsm: +32485 24 46 71
andreas@liberales.be