|
Bij elke geboren en getogen Gentenaar doet de naam Story nog steeds een belletje rinkelen. Een stedelijk recreatiedomein en de textielschool dragen zijn naam; een partij-afdeling besloot de naam Henri Story Kring aan te nemen. Zijn betekenis voor Liberale Partij zowel te Gent als op nationaal vlak is intussen helaas grotendeels in de vergeethoek terechtgekomen en een opfrissing van het geheugen is dan ook terecht. Henri Story werd geboren op 27 november 1897 als telg van een vooraanstaande liberale familie van textielbaronnen. De familie Story had huwelijksbanden met onder meer de families Voortman, Mechelynck en Rosseel. Henri zelf huwt Cecile Boddaert, een nicht van de voorzitter van de Gentse liberale associatie Henri Boddaert. Als Henri Story een jaar oud is overlijdt zijn moeder en vijf jaar later overlijdt ook zijn vader. Samen met zijn drie zussen wordt hij opgevoed door zijn grootmoeder, Marie Voortman. Hij gaat studeren aan het Institut de Gand maar vertrekt in 1915 naar het IJzerfront en maakt in 1918 voor korte tijd deel uit van de geallieerde bezettingsmacht in Duitsland. Terug in België neemt hij zijn plaats binnen het familiebedrijf in en neemt beheersmandaten op in onder meer de Financière Industrielle Belge, de NV Louisiane, de Union Cotonnière, Brufina en de Banque de Bruxelles. Hij wordt directeur-generaal van de Filature Renson en penningmeester van de Gentse Kamer van Koophandel. Zijn politieke loopbaan start eveneens in de jaren ’20 en hij volgt in de voetsporen van zijn vader en grootvader. Beiden vervulden belangrijke functies binnen de liberale associatie en waren prominenten binnen de progressistische vleugel van de partij. Zijn grootvader Henri Abraham voerde binnen de partij oppositie tegen de doctrinaire Charles de Kerchove. Vader Albert, een nauwe medewerker van burgemeester Lippens, was actief betrokken bij onder meer de Société libérale pour l’Etude des Sciences et des Oeuvres Sociales en de Gentsche Volkskeuken. Beiden waren eveneens lid van de raad van beheer en van de redactieraad van La Flandre Libérale (waar Henri hen later opvolgt). Henri zal duidelijk dezelfde klemtonen leggen. Hij wordt een gedreven sociaal-liberaal, die teruggrijpt naar de emancipatorische wortels van het klassieke liberalisme en droomt van een brede volkspartij waarin alle lagen van de bevolking een plaats vinden. Hij toont zich hierbij duidelijk een volgeling van Albert Mechelynck die in de jaren ’20 als nationaal partijvoorzitter de hartslag van de partij naar de straten en wijken bracht, weg uit de besloten salons en elitaire clubs. In 1926 wordt Henri lid van het partijbureau van de Gentse associatie, gaat meteen als arrondissementeel afgevaardigde naar de Landsraad en bouwt zijn invloed voorzichtig uit. Hij wordt in 1928 provincieraadslid, wordt herkozen in 1932 maar stelt zich in 1936 niet langer verkiesbaar. In datzelfde jaar wordt hij voorzitter van de Gentse liberale associatie als opvolger van Jean Van Impe. De associatie is op dat moment hopeloos verdeeld en velen zien in Story, die een betrekkelijke nieuwkomer is, een frisse wind die de partij kan vernieuwen en herstructureren en voor eenmaking kan zorgen. De samenstelling van zijn eerste bestuur maakt direct veel duidelijk: alle geledingen van het Gentse liberale leven krijgen er een stem. Armand Colle treedt het bestuurscomité binnen als vertegenwoordiger van de vakbond, Carlos Flamant voor de Volksbond Vrijheidsliefde, anderen voor onder meer de Liberale Voorwacht en Help U Zelf. Ook vertegenwoordigers van de verschillende wijkafdelingen krijgen een zetel. Opvallend hierbij is de definitieve introductie van het Nederlands in het partijbestuur. De familie Story behoort immers, net zoals het overgrote deel van de Gentse partijtop, tot de Franstalige burgerij. Story’s democratiseringsgedachte en zijn streven naar een volkspartij maken de overstap naar het Nederlands als gelijkwaardige voertaal echter noodzakelijk. Het liberale gedachtegoed vormt voor hem de sleutel tot meer welvaart en vrijheid voor de gehele bevolking, het is dan ook evident dat de taal van de meerderheid moet primeren. Dat het nieuwe partijblad dat vanaf 1937 verscheen, Op Nieuwe Wegen, op enkele tweetalige artikels na, volledig in het Nederlands zou verschijnen, is dan ook bijna vanzelfsprekend. In deze kwestie volgt hij trouwens opnieuw de visie van zijn vader, die in de periode 1880-1890 onder meer een actief medewerker van de Vlaamsche Liberale Kiesbond was geweest. Ook inhoudelijk herschrijft Story de werking van de Gentse afdeling. Tussen 1936 en 1940 wordt - soms voorzichtig, soms heel radicaal - gesleuteld aan de politieke, sociale en economische stellingnamen van de Liberale Partij. Hij heeft het dan over bijvoorbeeld de strikte onafhankelijkheid van de magistratuur, de bescherming van minderheden via een vertegenwoordiging in het parlement, de rechten en de gelijkwaardigheid van de vrouw of de combinatie van een getemperde vrije markteconomie met een sociaal vangnet voor iedereen. Hij pleit voor de oprichting van een Staatsraad die de burger moet beschermen tegen misbruiken door de staat, de afschaffing van de provinciale senatoren, een vereenvoudiging van het belastingstelsel en een nieuw financieringsstelsel voor de gemeenten, allemaal thema’s die nog steeds bekend in de oren klinken. In 1938 wordt hij verkozen tot gemeenteraadslid en wordt als schepen verantwoordelijk voor de grote stedelijke nutsbedrijven, die hij beheert als de manager die hij beroepshalve is. Veel tijd om een stempel te drukken op het Gentse stadsbestuur krijgt hij niet. De onrust in Europa vertaalt zich te Gent in een reeks activiteiten die te maken hebben met burgerbescherming, ravitaillering, steun aan de families van de gemobiliseerden, enz. Story, die als schepen ook bevoegd is voor de zogenaamde passieve verdediging van de stad, raakt nauw betrokken bij deze voorbereidingen. Onder zijn voorzitterschap komen in de eerste maanden van 1940 vertegenwoordigers van de politieke partijen, de industrie, de sociale organisaties en de universiteit regelmatig samen om Gent voor te bereiden op een eventuele oorlog. In mei breekt de oorlog uit, burgemeester Vander Stegen vertrekt naar Frankrijk maar Story blijft als hoofd van de civiele bescherming te Gent, tot hij op 16 mei een oproepingsbevel krijgt en zich bij zijn regiment dient aan te melden. Hij bereikt zijn regiment echter pas na de capitulatie en keert terug naar Gent. Hij wordt er in zijn schepenambt hersteld, maar slaagt er blijkbaar niet in om zijn functie ook daadwerkelijk weer op te nemen. In 1941 komt pas duidelijkheid wanneer oorlogsburgemeester Elias hem uit zijn schepenambt ontzet. Hij trekt zich vervolgens terug in het zakenleven en wordt er actiever dan ooit. Hij blijft zijn beheersmandaten uitoefenen, wordt ook directeur van de Bank van Brussel op de Kouter en neemt het voorzitterschap van de coöperatieve Intifil op zich in een poging om de textielindustrie door de oorlogsperiode te loodsen. Ogenschijnlijk gaat hij dus het leven van een strikt neutrale burger leiden, maar van bij het begin van de bezetting zet Story zich in voor het lot van de krijgsgevangenen, gedeporteerden en opgeëisten. Zo zal hij onder meer weigeren om de personeelslijsten van zijn ondernemingen door te geven aan de Duitsers, wat hem in 1942 voor de krijgsraad brengt. Zijn engagement gaat echter veel verder. Reeds in 1940 sluit hij zich aan bij het verzet. Hij richt de Gentse afdeling van de inlichtingendienst Zero op en is provinciaal verantwoordelijke voor de groep Socrates die steun verleende aan onderduikers en vluchtroutes organiseerde. Onder meer zijn toekomstige schoonzoon Charles Waegemans helpt hij op die wijze vluchten naar Londen. Via Albert Maertens raakt hij intussen ook betrokken bij de verspreiding van verzetsbladen zoals Het Belfort en bij de activiteiten van het Onafhankelijkheidsfront. Ook zijn contacten in de financiële en industriële wereld en zijn positie binnen de vrijmetselarij (als Voorzittend Meester van Le Septentrion) betekenen een belangrijke bijkomende steun voor de verzetsbeweging. Ook op politiek vlak beweegt Story zich in de illegaliteit. Tegen het Duitse verbod op politieke activiteiten in, begint de Liberale Partij reeds kort na het uitbreken van de oorlog aan het opstellen van een blauwdruk voor een nieuwe na-oorlogse liberale partij. Vanaf 1941 begint Story er een steeds belangrijker rol in te spelen. Onder de supervisie van de oorlogsvoorzitters Jane Brigode en Fernand Demets en samen met een reeks na-oorlogse kopstukken zoals Van Glabbeke, Mundeleer en Buisseret wordt nagedacht over een gemoderniseerde Liberale Partij en in de ontwerpteksten (terug te vinden in het archief van Henri Story dat zich op het Liberaal Archief bevindt) ziet men duidelijk de krachtlijnen terug die Story in de jaren ’30 in de Gentse afdeling naar voor had geschoven. Het nieuwe partijprogramma dat Roger Motz in 1945-1946 voorstelde, droeg dan ook duidelijk de stempel van Story. Zijn activiteiten in het verzet worden hem echter fataal. Op 22 oktober 1943 wordt hij gearresteerd in zijn kantoor op de Kouter. Pogingen om hem te vrij te krijgen mislukken en in maart 1944 wordt hij overgebracht naar Duitsland. Hij sterft in het concentratiekamp van Grosz Rosen op 5 december 1944. Henri Story had het na de oorlog duidelijk nog ver kunnen brengen binnen de partij. Op nationaal vlak was hij een van de hoofdopstellers geweest van het nieuwe partijprogramma en een nationale carrière lag dan ook voor het grijpen. Ook op lokaal vlak leek zijn positie bijna onaantastbaar te zijn geworden. De liberale burgemeester Vander Stegen en de socialistische voorman Anseele waren er in de eerste maanden na de bevrijding rotsvast van overtuigd dat Story bij zijn terugkeer de burgemeestersjerp van Gent zou overnemen. Dit alles blijft natuurlijk pure speculatie, maar één zaak is zeker: hij was zonder twijfel voorbestemd om nog een belangrijke rol te spelen. Na zijn overlijden volgen de huldigingen zich dan ook vlug op. Naast eenmalige evenementen, wordt zijn nagedachtenis bestendigd door meer permanente initiatieven, zoals het speelplein Henri Story, de stichting Henri Story, de Henri Story Kring en de Stedelijke Textielschool Henri Story. Over Story werd in 1994 door het Liberaal Archief een uitgebreide biografische schets gepubliceerd, samen met een inventaris van zijn archief. Voor verdere informatie kan men terecht op de website van het Liberaal Archief.
Henri Story Linkshttp://www.liberaalarchief.be |
NieuwsbriefSchrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief Liberales TVContactAndreas Tirez
|
|