Alain de Botton heeft de controverse nooit geschuwd. In zijn vorige boeken haalde hij grootheden als Nietzsche, Socrates en Seneca van hun pied de stalle, keerde hij zich openlijk tegen architecturale grootheden als Mies van der Rohe en Le Corbusier en bracht hij een ode aan de arbeid, terwijl hij nog nooit een reguliere job heeft gehad. Ook met Religie voor atheïsten zal hij ongetwijfeld heel wat lezers tegen de haren in strijken, maar als ze eerlijk zijn, zullen ze ook moeten toegeven dat hij ergens wel een punt heeft. We zijn vandaag de dag van God los, maar of we er veel gelukkiger door geworden zijn, is nog maar de vraag. De Botton: “Het atheïsme is heel wat fundamentele zaken vergeten, zoals hoe sterk onze nood aan leiding is. We weten vaak niet wat we moeten doen en het atheïsme geeft ons dan geen antwoorden. Het erkent onze nood aan antwoorden zelfs niet. Je bent een volwassene. Je staat op je eigen benen. Wij moeten je toch niet vertellen hoe je moet leven? Wanneer je naar de universiteit gaat moet je dus niet verwachten zat ze je daar zullen leren leven. En hetzelfde geldt voor een museum. Het zal je een gevaarlijk of uitdagend kunstwerk tonen, maar een moreel project moet je niet verwachten. Kunst is er alleen omwille van de kunst, l’art pour l’art.” Zijn we dan geen autonome en rationele mensen geworden door de religie af te zweren? Alain de Botton: Dat lijkt alleen maar zo. Het katholicisme was er van overtuigd dat wanneer je iemand iets wou bijbrengen je dat best kon doen met behulp van muziek, schilderkunst, architectuur en rituelen, en niet alleen via de rede dus. Je had alles nodig om tot iemand door te dringen. In de moderne, atheïstische visie is de menselijke geest een kluis waar je iets in steekt, waarna het daar blijft liggen, voor eeuwig. Je laat iemand op zijn zestiende een goed gedicht lezen en dat zal hij dan voor de rest van zijn leven onthouden. Maar in realiteit is hij het twintig minuten later weer vergeten. Volgens de religie zijn we verdwaald en vergeten we alles de hele tijd. We weten bijvoorbeeld wel dat het beter is om lief te zijn tegen onze medemensen, alleen vergeten we dat zo gauw. Daarom zegt de religie dat we het constant moeten herhalen, er een schilderij van maken, het op de muur schrijven, terwijl atheïsten dat allemaal flauwekul vinden. Moeten we dan niet blij zijn dat we van onze religieuze ketenen bevrijd zijn? Alain de Botton: Wat religie als een gevangenis doet aanvoelen is het geloof dat eraan gekoppeld wordt, het geloof dat de aarde in zeven dagen werd gecreëerd of dat Jezus de zoon van God was. Voor mij is dat een nachtmerrie, en daar wil ik dus zeker niet naar terug. Wat ik echter mooi vind aan religies zijn hun gebouwen, hun schilderijen en hun boeken. In feite sta ik dus heel dubbelzinnig tegenover religies. Enerzijds ben ik beledigend door te zeggen dat ik niets geloof van alles wat religies beweren, maar anderzijds ben ik ook respectvol omdat ik vind dat religies een goede aanpak hebben wat de dagelijkse praktijk betreft. Is het wel mogelijk om een en ander uit het religieuze te lichten en het te transporteren naar het atheïstische. Ben je niet verplicht alles of niets te nemen? Alain de Botton: Dat is zeker wat religies zullen zeggen. Zomaar hier en daar wat lenen uit een godsdienst vinden zij een zonde, maar dat is hun probleem. Je kunt het vergelijken met de Royal Shakespeare Company die wil dat je alle stukken van Shakespeare tot het einde hebt uitgezeten. Is dat nodig om te weten waar Shakespeare voor staat? Natuurlijk niet, maar dat is wel wat zij willen. En wat met de autoriteit? Voor een religieus persoon is het eenvoudig om weten welke waarden de goede zijn. Dat zegt god hem via de bijbel of de priesters. Voor een atheïst ligt dat een stuk moeilijker aangezien een dergelijke autoriteit ontbreekt. Kun je bepaalde religieuze waarden dan zomaar overplanten naar het atheïsme? Alain de Botton: Ik denk dat we hier met een opgeblazen probleem te maken hebben dat typisch is voor onze moderne wereld. We vrezen dat er onenigheid zal ontstaan op het vlak van waarden en daarom beslissen we in het openbaar alle vragen over waarden uit de weg te gaan. Dat is gewoon gek, want wanneer we erbij stilstaan blijkt ongeveer tachtig procent van onze waarden door iedereen gedeeld te worden. Ieder mens weet dat hij geen ander mens mag doden. Het probleem is dat we aan die tachtig procent geen woorden vuil maken en constant zitten te bakkeleien over de rest. Natuurlijk is er geen eensgezindheid over abortus, of over de vraag of de belastingen verhoogd of verlaagd moeten worden, maar door daar de hele tijd op te focussen lijkt het soms alsof we op geen enkel vlak overeenkomen. Neem bijvoorbeeld het opvoeden van een kind. We weten intuïtief welke waarden we dat kind moeten bijbrengen, maar we zijn bang om paternalistisch te lijken en daarom doen we niets. Volgens mij is dat een trauma waar we doorheen moeten, een trauma ontstaan in het begin van het postreligieuze tijdperk toen men zich wou verzetten tegen de vele geboden die de religie had opgelegd en daarom niets meer durfde te eisen van een ander. We zijn dus inderdaad bevrijd van onze ketenen, maar daardoor zijn we ook té vrij geworden. Wanneer er geen regels meer zijn en je alles mag doen wat je wil, zit je in de problemen. Een voorbeeld is het huwelijk. Alain de Botton: Vanouds had het huwelijk niets te maken met geluk. Gelukkig of niet, je bleef bij je man of vrouw want je was met hem of haar getrouwd. En je diende dat te blijven aangezien jullie samen kinderen hadden. Veel van die huwelijken kwamen in een crisis terecht, maar kropen er daarna ook weer uit, waarna ze soms echt gelukkig werden. Tegenwoordig sneuvelt het huwelijk bij de eerste de beste onenigheid en lijkt iedereen gek te worden door te veel keuze. Heel wat huwelijken stranden omdat de man of de vouw zich niet langer gelukkig voelt, maar zijn ze zoveel gelukkiger na de echtscheiding? Of neem het internet. Je kunt van ‘s ochtend tot ‘s avonds porno kijken, niemand die je dat zal beletten, maar word je daar gelukkig van? Vrijheid is dus niet altijd een goede zaak en daarom moeten we vrijwillig onze vrijheid beperken. Niet omdat God het verlangt, maar omdat het gewoon beter is voor ons. Zoals de alcoholist die alle drank achter slot steekt en de sleutel aan iemand anders geeft om zichzelf te beschermen tegen zijn verslaving. Dat lijkt me een heel redelijke aanpak. Op zo’n moment ondergaat die man geen vrijheidsbeperking, maar wel een toename van zijn vrijheid. Hij is van zijn verslaving bevrijd. Vandaag zijn we allemaal enkelingen, schrijft u. Hoe krijgen we ons gemeenschapsgevoel terug? Alain de Botton: Hoe vriendelijk je ook bent, je kunt op een trein niet zomaar tegen degene naast je beginnen praten. Mensen denken dan meteen dat je hen probeert te versieren. Onze steden zitten vol leuke plekjes waar je met mensen kunt praten, merkt men dan op, zoals in een restaurant bijvoorbeeld. Heb jij dat al eens geprobeerd, tegen een wildvreemde beginnen praten op restaurant? Die denkt meteen dat er iets mis is met jou. We hebben dus wel het idee dat we in een gemeenschap leven, maar in realiteit bestaat die niet echt. Neem een voetbalwedstrijd. Daar gaat een massa volk naartoe, maar met vreemden spreek je er niet, ook al supporter je voor dezelfde ploeg. Het enige waaraan het ons in die omstandigheden ontbreekt is iemand die ons de toelating geeft om tegen die ander te praten. En dat is wat religies veel beter doen. Die brengen een groep mensen samen en zeggen: het is oké om vriendelijk te zijn tegen deze vreemden. Wij atheïsten zijn die spontaniteit verloren en daarom lezen we eindeloos veel magazine-artikels die onze maatschappelijke kloof willen dichten. Ze praten je het laatste nieuwe restaurant aan en de nieuwste manier om een kip te bakken, maar het echte idee van eten, het vieren van de gemeenschap zoals dat tijdens de mis gebeurt, kunnen die artikels ons niet bijbrengen. Want wat is de reden waarom we uit eten gaan? Toch niet het eten zelf zeker? We doen het voor het gezelschap. Wil u dan terug naar het gemeenschapsleven zoals de voormalige Conservatieve premier John Major het zich voorstelde, met rustig fietsende oude dametjes die het platteland doorkruisen? Alain de Botton: Er is niets mis met het beeld. Major ontleende het aan George Orwell, wat toch een goede schrijver is, alleen had Majors politiek niets van doen met dat beeld. Maar soit, wil ik terug naar het platteland van het verleden? Nee, je kunt net zo goed een gemeenschapsgevoel creëren in een hedendaagse stad. Het komt er niet op neer het verleden te kopiëren, maar er daarentegen de goede zaken uit te halen. Het idee dat het verleden fantastisch was en dat we vandaag in het verschrikkelijke heden moeten leven, spreekt me niet aan. Waarom niet de interessante zaken uit het verleden heropnemen? Niet de cholera en de uitvallende tanden natuurlijk, maar aangename zaken, zoals het gemeenschapsgevoel. Met het overboord gooien van het spirituele zijn we louter lichamen geworden, zo lijkt het soms. Alain de Botton: Geluk lijkt vandaag alleen nog maar uit lichamelijke bevrediging voort te kunnen vloeien. We gaan naar fitnesscentra en beautyfarms en voelen ons nadien alleen maar rottig. De link tussen lichaam en geest is volledig zoek. Alle religies benadrukken dat lichaam en geest sterk samenhangen en dat de geest door het lichaam bereikt kan worden. De kerk moet dus mooi zijn om de geest naar een betere plaats te kunnen brengen. De schoonheid dient om goedheid te creëren. Bij ons dient schoonheid alleen nog om luxegoederen verkocht te krijgen. Maak dat een hedendaagse kunstenaar maar eens wijs. Alain de Botton: We weten vandaag niet meer wat we met kunst aan moeten. De frequentst voorkomende reactie is verbazing.Wat betekent dit, vragen we ons af, wat een andere manier is om te vragen wat we met die kunst kunnen doen. Wat ik zo bewonder aan religie is dat deze nooit twijfelt aan de functie van kunst. Wil je weten wat kunst is? Kunst is de manier om je te doen denken aan de rust van de Boeddha. Kunst dient dus om je te herinneren hoe de Boeddha bevrijd werd van zijn lage verlangens en verlossing vond. Ook voor Christenen ligt dat eenvoudig. Kunst scheppen is een imitatie van het leven van Jezus. Veel hedendaagse kunstenaars zijn daarentegen als de dood om uit te leggen wat de betekenis is van hun werk, wellicht omdat ze vrezen simplistisch te zullen lijken, maar wanneer je aan Titiaan gevraagd zou hebben waar een specifiek schilderij van hem over ging, had hij dat wellicht zonder enige kapsones in een zin of drie uitgelegd. Misschien was het wel een heel gecompliceerd schilderij, maar de boodschap ervan was heel eenvoudig geweest. Hij kon het samenvatten als: ‘Dit is de maagd Maria in al haar goedheid’. Moderne kunstenaars zijn daar bang voor. Ze vrezen hun status te verliezen wanneer ze dat zouden doen. Heeft de hedendaagse kunst zichzelf zo buiten spel gezet? Alain de Botton: De kunst is alleszins los komen te staan van de moraal. Vandaar dat we haar vaak vervelend vinden en niet weten wat we ermee moeten aanvangen. Vooral jonge mensen trekken enthousiast naar een museum om er iets voor hen persoonlijk te vinden. We zijn in een tempel opgericht ter ere van de kunst, denken ze, en wanneer ze om zich heen kijken, zinkt de moed hen in de schoenen en beseffen ze: nee, dit is geen tempel, dit is gewoon een gekkenhuis. Kunstenaars spelen dus geen maatschappelijke rol meer? Alain de Botton: Geen enkele, omdat ze niet langer willen tonen hoe we moeten leven, wat kunstenaars in een religieuze samenleving nog wel deden. Daarom ging men naar een dodenmis luisteren. Vandaag hebben tv-soaps die rol overgenomen? Alain de Botton: Ongetwijfeld, want die durven wel degelijk antwoorden geven op vragen waar mensen mee zitten. Heel wat programma’s gaan over mensen die in hopeloze situaties verkeren. Hun huwelijk staat op springen of hun zoon is omgekomen in een auto-ongeval, ik zeg maar iets. Extreem lijden dus, en dat is iets wat ook religies benadrukten: we lijden allemaal aan het leven. Dat is een waarheid als een koe die we van tijd tot tijd opnieuw ingeprent moeten krijgen, en tv doet dat voorbeeldig. Nog een laatste vraag, u heeft het in uw boek over Jodendom, Christendom en Boeddhisme. Waarom niet over de Islam? Alain de Botton: Omdat er zoveel rond de Islam te doen is. Het is een heet onderwerp waarover heel overtrokken gediscussieerd wordt. Ik wou het over religies in het algemeen hebben, en de Islam is vandaag een religie die buiten alle andere religies staat. Het laatste wat ik wou is in een verhitte discussie over de Islam terecht komen. Want voor je het weet heb je… Alain de Botton: ... Een fatwa aan je broek, en daar schiet je ook niet veel mee op natuurlijk.
Alain de Botton Linksmailto:marnixverplancke@skynet.be |
NieuwsbriefSchrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief Liberales TVContactAndreas Tirez
|
|