|
Slechts weinig mensen kunnen ermee uitpakken dat hun ideeën geprezen werden door George Bush (sr.), Bill Clinton, Ronald Reagan en Vladimir Putin of dat hun boeken bijval kregen in de New Yorkse conservatieve Wall Street Journal en het Parijse liberale Le Monde. De Peruviaanse economist Hernando de Soto kan dat wél. Als hoofd van het Instituut voor Vrijheid en Democratie (ILD) in Lima (de hoofdstad van Peru) werkt hij samen met staatshoofden aan institutionele hervormingen die de armen recht geven op formele eigendomsrechten op hun particulier en zakelijk onroerend goed. Zo krijgen de armen toegang tot het kapitaal dat in deze zaken zit. Het werk van de Soto zorgde ervoor dat het ILD in de internationale pers geprezen werd. Het Londense conservatieve tijdschrift The Economist noemde het ILD één van de twee meest belangrijke denktanks in de wereld, het Londense Daily Telegraph prees het als de voortbrenger van één van de vier belangrijkste ideeën in de moderne tijd om het leven van de armen te verbeteren en volgens het New-Yorkse Times is het één van de vijf belangrijkste vernieuwingsbewegingen van de 20ste eeuw in Latijns Amerika. Kenneth Rapoza, correspondent voor de World Press Review nam telefonisch interviews af met Hernando de Soto in Parijs en Tanzania. Kenneth Rapoza: Wat bedoelt u met de ‘extra-legale’ economie? Welke negatieve gevolgen heeft het vandaag in de ontwikkelingslanden? Hernando de Soto: Extralegaal zijn zaken die niet kunnen worden gebruikt als een onderpand om krediet te krijgen, te investeren of door een derde te worden aangesproken. De ‘onder-tafel’-economie is deel van de extralegale sector. Er zijn mensen in de ontwikkelingslanden die wettelijk een huis hebben met alle wettelijke documenten die ze nodig hebben maar een ‘onwettige’ job hebben. Het is heel zeldzaam om puurheid te vinden. 78 procent van de Mexicaanse bevolking woont of werkt illegaal, wat betekent dat ze in de informele economie werken. Indien ze zaken bezitten kunnen ze die bijna niet gebruiken omdat ze niet geregistreerd zijn, ze kunnen ze niet gebruiken als onderpand voor een lening om welvaart te scheppen. In Mexico betekent dit 11 miljoen gebouwen en 6 miljoen ondernemingen met een gezamenlijke waarde van 315 miljoen $. Dat is 7 maal de geschatte olievoorraden en 29 maal de waarde van directe buitenlandse investeringen. We zijn dus iets belangrijks op het spoor. Op dit moment werken we samen met de Mexicaanse autoriteiten om het systeem te hervormen. Ze begrepen het toen we de vraag stelden: “Wat gebeurt er als 78 procent van uw samenleving geen belasting betaalt?” Het betekent ook dat indien u op zoek gaat naar iemand als Osama Bin Laden, u niet in staat zal zijn te bewijzen dat hij bestaat. Kenneth Rapoza: In 1990 plaatste de economist John Williamson de aanbeveling om eigendomsrecht te verzekeren op een lijst van 10 en definieerde daarmee de ‘Washington Consensus’ over het Latijns Amerikaans beleid van de U.S. Waarom is volgens u sindsdien deze aanbeveling niet prominenter aanwezig geweest in het advies van Westerse overheden aan Latijns Amerikaanse landen? Hernando de Soto: Mijn eigen vermoeden is dat het Westen niet weet wat ze moet doen. Iedereen in het Westen weet dat eigendomsrechten essentieel zijn om welvaart te scheppen maar ze kennen het ontstaan niet. Hoe is het ontstaan? Welke wetten en instellingen hebben het doorgedrukt? Dat weten ze niet. Kenneth Rapoza: Welke concrete economische resultaten zijn via dit programma van formalisering bereikt? Hernando de Soto: Ongeveer tien jaar geleden hebben we samen met de Wereldbank en de Peruviaanse regering een project opgestart. Het kostte ongeveer 77 miljoen $ en had een netto opbrengst van 9,4 miljard $ - een netto terugverdieneffect van véél meer dan 100 procent - en is een van de meest succesvolle projecten van de Wereldbank. In steden legaliseerden we huizen, evalueerden bezittingen en gaven de eigenaars eigendomsbewijzen. Meer dan 400.000 bedrijven stapten over van de informele naar de formele sector. De belastingsinkomsten stegen met 400 miljoen $ per jaar tussen 1993 en 1995 en er kwamen meer dan een half miljoen jobs extra. In de steden waar mensen legaal bezittingen hadden gingen 20 procent meer kinderen naar school. Het was één de grootste economische groeiperiodes. Toen werden we eruit gegooid door president Alberto Fujimori en zijn regering. Kenneth Rapoza: Leiden deze economische hervormingen tot een grotere stabiliteit en deelname aan de democratie? Hernando de Soto: Hoe meer mensen in het legale systeem zitten, hoe beter. Eenmaal je erin zit word je meer geïnteresseerd in het politieke systeem. Kenneth Rapoza: Brazilië biedt arme families, kleine boeren en kleine ondernemingen kleine leningen aan lage intresten. Ziet u dit als een teken dat de politieke en financiële elites realiseren dat ze zich ook op de kleine markt moeten richten? Hernando de Soto: Microkredietverlenging is fantastisch. Banken moeten onderkennen dat armen weten hoe ze efficiënt een kredietkaart moeten gebruiken. Banken en overheden zijn zonder twijfel de armen en het belang van de kmo's aan het ontdekken. Veel bedrijven in deze sector zijn extralegaal (informeel) en dit heeft vooral te maken met het belastingssysteem in deze landen. Maar uiteindelijk zal microkredietverlening enkel werken indien de ontlener iets te verliezen heeft door zijn lening niet terug te betalen en ze zullen slechts iets te verliezen hebben indien ze eigendomsbewijzen en het legale eigendom van hun huis, hun auto, hun boerderij, etcetera hebben. Kenneth Rapoza: Indien Brazilië, Peru en Mexicu hun economie volledig formaliseerden, zouden ze dan minder afhankelijk zijn van buitenlands kapitaal? Hernando de Soto: Ja, natuurlijk. Ze zouden eindelijk nationaal kapitaal hebben en een manier om investeringen een garantie te bieden. Het zou het IMF echter niet onnodig maken. Er zullen altijd internationale golfbewegingen met ups en downs zijn waar het IMF nuttig zal zijn. En er is een overvloed aan projecten waar de Wereldbank in kan investeren. Kenneth Rapoza: Mensen in landen zoals Brazilië klagen over hoge belastingen en zeggen dat die de kleine bedrijfjes in de informele economie houden. Ze kunnen het zich niet veroorloven om volledig legaal te worden. Hernando de Soto: Dus moet Brazilië en landen zoals Brazilië meer voordelen bieden aan mensen die in de formele economie legaal willen bezig zijn. Het moet goedkoper worden om binnen de legaliteit te werken. Je moet een kosten/baten-analyse maken want proberen om ze binnen de legaliteit te brengen is niet makkelijk. Een van de eerste zaken die illegale immigranten willen wanneer ze in de Verenigde Staten. binnenkomen is legaal worden, omdat het hun leven beter maakt. Maar in Mexico of Brazilië is het beter om buiten het systeem, dus in de illegaliteit, te werken. Dikwijls zijn er geen jobs in de formele sector. Mensen die geen criminelen zijn vinden hun eigen jobs uit en worden ondernemers... meestal in de informele economie. In de Verenigde Staten wil niemand buiten het legale systeem werken. Dat houdt geen steek. Behalve indien je meespeelt in ‘The Sopranos’.
Hernando de Soto Linkswww.worldpress.org">www.worldpress.org |
NieuwsbriefSchrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief Liberales TVContactAndreas Tirez
|
|