Junot Diaz schreef een van de opmerkelijkste romans van het jaar 2007. Wat het betekent om migrant te zijn, ontdekte de in de Dominicaanse Republiek geboren maar in de VS opgroeiende Junot Diaz al op jonge leeftijd, toen een leraar op school zijn Spaanse naam halsstarrig bleef uitspreken als 'You not Diaz'. We zouden de man zijn gezicht weleens willen zien, nu zijn geminachte leerling uitgegroeid is tot een van de beste schrijvers van Amerika. Interview door Marnix Verplancke.

Junot Diaz' Het korte maar wonderbare leven van Oscar Wao is ongetwijfeld een van de opmerkelijkste romans van het jaar 2007. Flamboyant geschreven en bijzonder geïnspireerd uitwaaierend naar alle mogelijke richtingen vertelt hij precies wat de titel al laat vermoeden: het levensverhaal van de uit zijn kleren barstende jongen Oscar, zoon van migranten uit de Dominicaanse Republiek en tot zijn pubertijd voorbestemd om een Latin Lover te worden. De baard in de keel gaat echter gepaard met het vet op de pens, waardoor de extraverte toy boy van weleer verandert in een introverte nerd die urenlang over de sf-boeken van Van Voght en Heinlein kan dooremmeren. Dat is natuurlijk niet de beste manier om een griet in het riet te krijgen en Oscar lijdt daar zichtbaar onder. Zo erg zelfs dat in zijn familie gefluisterd wordt over de fukù die weer toegeslagen heeft, de vloek die over hun land van afkomst en hun gemeenschap hangt sinds dictator Trujillo er aan de macht kwam. Er zijn immers parallellen te zien tussen het van liefde en geweld bol staande leven van Oscars moeder en dat van de steeds driester tekeergaande jongen zelf.

"Vloeken zijn handig voor schrijvers omdat ze het toevallige betekenis geven", vertelt Diaz. "Zeggen dat er een vloek op je familie rust, is een gekke manier om te beweren dat je speciaal bent. Opeens krijgt die familie er meer betekenis door en kan er geen mus van het dak vallen zonder dat dit van belang is. Zo'n vloek is ook interessant omdat hij de geschiedenis persoonlijk maakt. De geschiedenis is een abstractie die voor de meeste mensen afgescheiden lijkt van hun leven. Zij zien zichzelf niet als een product van die geschiedenis. Het is iets voor boeken en bollebozen en voor de rest kun je er geen donder mee aanvangen. Maar in werkelijkheid is dat wel even anders natuurlijk. De geschiedenis is altijd aanwezig. Een vloek maakt die geschiedenis voelbaar en tekent het hele bestaan."

Maar een vloek is ook een manier om je verantwoordelijkheid af te wimpelen. Wanneer je met een dictator als Trujillo geconfronteerd wordt, kun je zeggen dat er een vloek op het land rust en je bij de wreedheid neerleggen, of je kunt beseffen dat die vloek slechts een manier is om je te onderdrukken, en pogen de dictatuur omver te werpen.

Junot Diaz: Dat lijkt me een heel Europese lezing van mijn boek, omdat jullie geobsedeerd zijn door verantwoordelijkheid. Wat ik van belang vind is dat een vloek de gevolgen van je keuzes extra dramatisch maakt. Het is niet: wat ik ook kies, het resultaat zal verschrikkelijk zijn, dus waarom zou ik een keuze maken, maar wel: als ik de verkeerde keuze maak is het hier gedaan met mij. In ons leven gaat het er over het algemeen anders toe. Wanneer je een verkeerde keuze maakt, leef je gewoon verder en besef je zelfs niet dat je een verkeerde keuze hebt gemaakt. De vloek van Trujillo wordt gezien als een macht waarover hij beschikt, om iemand in de gevangenis te gooien en al je land af te nemen bijvoorbeeld. De vloek ligt dus in het verlengde van zijn macht. Maar het is niet omdat iemand macht heeft, dat je geen keuzes meer moet maken.

De fukù verwijst ook naar het magisch-realisme in de Zuid-Amerikaanse literatuur. Hoe staat u daar tegenover?

Junot Diaz: De nieuwe wereld is vanaf de ontdekking ervan beschreven als een plaats waar twee tegengestelden met elkaar in aanraking komen. Niet alleen waren de Amerika's het beloofde land, ze bleken ook vervloekt te zijn. Die interne tegenstrijdigheid spookt door de Amerikaanse geest. Zelfs wanneer je naar iemand als Faulkner kijkt, toch de oer-Amerikaanse schrijver bij uitstek, merk je hoe hij met die typerende Amerikaanse tegenstelling worstelt. Het Zuiden is vervloekt. Er hangt een doem over die begon met de slavernij en die zijn sporen nalaat in onze geschiedenis en de consequenties daarvan. Het klassieke magisch-realisme is een strategie. Sommigen hangen er hun hele esthetiek aan op, en sluiten zo alle andere strategieën uit. Omdat ik echter alle aspecten van de Amerika's in mijn boek wou onderzoeken, besefte ik al gauw dat ik geen enkele vertelstrategie onbenut kon laten. Hier en daar knipoog ik inderdaad naar het magisch-realisme, maar sciencefiction en fantasy krijgen meer aandacht. Voor mij is het magisch-realisme een van de vele bruikbare strategieën, maar ook niet meer dan dat. Ik ben immers bang van iedere vorm van orthodoxie. Wanneer iemand mij komt vertellen dat ik magisch-realisme moet gebruiken om de Zuid-Amerikaanse ervaring voelbaar te maken, of wanneer hij in tegendeel juist zegt dat die strategie niet meer werkt om dit te beschrijven, word ik achterdochtig. Vertelstrategieën zijn immers niet moreel. Er zijn geen goede en slechte. De vraag is hoe je er gebruik van maakt en wat mij betreft is iedere strategie goed om het fenomeen Amerika te ondervragen. Er klinken ook verschillende stemmen op uit het boek. Wie er aan het woord is, weet je als lezer niet meteen. Bovendien gebruik je ook veel voetnoten, in een heel andere stijl, wat doet vermoeden dat hier de objectieve stem van de schrijver te horen is.

Junot Diaz: Zo werkt de wereld toch? Die voetnoten onderbreken het verhaal. Een van de grote problemen die ik met de Amerika's heb, is autoriteit. De grote boeman van het boek is natuurlijk de dictatuur, en dan bedoel ik niet alleen die van Trujillo, maar ook die van de gemeenschap en het gezin. Wat mij steeds weer verontrust, is hoe sterk mensen gehecht zijn aan autoriteit. Wat er ook beweerd wordt, we zijn er gek op en verlangen niet meer dan dat iemand ons een niet-gefragmenteerd en consistent verhaal vertelt met zalvende, mythische allures. Een paar details uit Zuid-Amerika samen met een paar uit het Noorden, dat verwart ons, en dat hebben we dus liever niet. Als je een western wil lezen, lees je een western en als je een serieuze roman wil, dan wil je geen voetnoten. Wanneer we een boek lezen, willen we de auteur vertrouwen. We willen dat hij klaar en duidelijk zegt wat hij te zeggen heeft zonder dat hij de hele tijd van de hak op de tak springt. Ik wou echter een anti-autoritaire leeservaring creëren, en daardoor kon ik dus niet die brave verteller zijn, ook al krijgen mijn lezers soms het deksel op de neus. Lezen is goed voor je, en een anti-autoritaire roman lezen is nog beter. In ons dagelijks leven worden we al genoeg bevestigd in onze liefde voor de autoriteit. Wanneer we lezen mag het dus weleens iets anders zijn. Ik kan me best voorstellen dat sommigen dat niet leuk vinden en daarom mijn boek tegen de muur keilen. Dat is oké, als ik vrienden had willen maken, had ik wel iets anders gedaan dan een boek schrijven. Vandaar ook dat u een mengtaal gebruikt tussen Engels en Spaans in, waardoor je als lezer af en toe moeite hebt om te begrijpen wat er gezegd wordt?

Junot Diaz: Amerika is het schoolvoorbeeld van ons verlangen naar een heilige, geünifieerde afkomstmythe en hoe moeilijk het tegelijkertijd is om die te bereiken. In de VS zijn we wanhopig op zoek naar die eenvoudige, niet-problematische taal die voldoet aan onze verlangens. Maar zo zit de wereld natuurlijk niet in elkaar. Hetzelfde geldt voor boeken. Niemand wil een boek lezen dat je om de vijf lijnen de rug toekeert, maar dat is wel hoe ik taal ervaar. Wanneer iemand iets tegen me zegt, hoor ik er een deel niet van doordat er net een trein passeert of interpreteer ik sommige zaken verkeerd door mijn andere achtergrond. Soms vind ik mijn gesprekspartner zo'n flurk dat ik wat hij zegt gewoon verdraai om het in mijn kraam te laten passen. Dat doen we nu eenmaal allemaal. Dat is wat wij 'normale' communicatie noemen. We zijn op zoek naar het fluweel van de zogezegde storingsvrije communicatie, maar dat is slechts een ideaal en dat wou ik dus niet beschrijven. Ik wou dat iedere lezer op een bepaald moment het gevoel zou krijgen dat hij zich moest inspannen om mee te zijn. Waarom maakte u van Oscar een sf-nerd? Welk soort boeken behoort tot een niche, sf of serieuze literatuur over de situatie van de hedendaagse Dominicaan? Junot Diaz: Weet je, het lijkt soms alsof ik het zwartste schaap onder de zwarte schapen genomen heb om een boek over te schrijven. In zekere zin is leven in de nieuwe wereld precies waarover het in sciencefiction gaat. Wanneer je van de Dominicaanse Republiek naar New York reist, is het alsof je van de ene wereld naar de andere getransporteerd wordt, wat toch een van de grote onderwerpen is uit de sf. De eerste sf-romans waren helemaal niet zo vergezocht en wereldvreemd als we denken. Misschien zaten ze wel dichter op de actualiteit dan de serieuze literatuur dat ooit heeft gedaan. Favoriete onderwerpen zijn vreemdelingen, al of niet van een andere planeet, kolonisatie, macht, dictatuur en eugenetica. Ik denk niet dat er vijf andere concepten zijn die de geschiedenis van de nieuwe wereld zo vatten als deze. In Frankenstein wordt een nieuwe mens gecreëerd en in Dune een supermens. De enige plaats waar er echt mensen 'gekweekt' zijn, is Amerika, ten tijde van de slavernij, toen men opzettelijk halfbloeden creëerde. De schone letteren, zoals ze genoemd worden, mijden deze onderwerpen als de pest. Daarin ga je tevergeefs op zoek naar eugenetische experimenten en wrede 'lords' en 'masters'. Ik ben dan ook niet te beroerd om te stellen dat sciencefiction beter beschrijft wat er in de nieuwe wereld gebeurd is dan de traditionele literatuur. Stel dat er van onze beschaving slechts vijf boeken overblijven en dat het allemaal literaire romans zijn, dan zou een buitenaards intelligent wezen nooit iets te weten komen over de grote mentale spanningen die door onze cultuur worden opgewekt. Als dat wezen daarentegen Dune zou lezen, of Lord of the Rings, om maar eens twee boeken te noemen waar constant mee gelachen wordt in serieuze literaire kringen, dan zou het een veel beter idee hebben van de afschuwelijke shit die we elkaar hebben aangedaan. Maar waarom kijken we er dan zo op neer?

Junot Diaz: Om dezelfde reden waarom we neerkijken op mensen uit de derde wereld. De redenen waarom we hiërarchieën kweken hebben een lange geschiedenis. We weten dat ze irrationeel zijn, maar je mag de macht van het irrationele niet onderschatten. Onze samenleving drijft erop, met als schrijnendste voorbeeld racisme. Wanneer je het ter sprake brengt, hoor je nogal vlug dat er niets aan te doen is. Zo zit de menselijke natuur nu eenmaal in elkaar. Neem nu mijn concept van de vloek die over de Dominicanen heerst. Vertel dat verhaal in de eerste wereld en je krijgt meteen de opmerking dat zo'n vloek onzin is, uitgevonden om de onderdrukte op zijn plaats te houden. Voor mij zijn beide even irrationeel, maar blijkbaar zijn er irrationaliteiten die ons meer tegen de haren in strijken dan andere. Voor zover ik weet is de kunst de enige plek waar je dat tegen de haren in strijken voelbaar kunt maken. Ik besef ook wel dat niet iedereen het zal vatten, de meeste mensen lezen immers om zich te amuseren, maar van tijd tot tijd tref je iemand die leest om de diepere betekenis achter een boek te ontdekken en die wakker schiet met de woorden 'O shit'. Het is voor dat soort mensen dat ik schrijf, en als ik er in twintig jaar tijd twee tref die 'O shit' zeggen, ben ik tevreden, want tijdens de tien jaar dat ik lesgeef is dat bij mijn weten nog geen van mijn studenten overkomen. Kan literatuur apolitiek zijn?

Junot Diaz: Nee, literatuur is altijd politiek. Ook conservatief zijn is immers een politieke daad. Het is alleen dat sommige politieke daden subversief worden genoemd, waardoor men er meer aandacht aan besteedt. In essentie is schrijven niet anders dan zeggen: laat mij jou de wereld eens tonen zoals ik die zie, en dat is een politiek daad. Als je tevreden bent met wat iedereen om je heen zegt en doet, schrijf je geen boek. Dat doe je pas als je vindt dat er iets niet klopt. De verteller in mijn roman is heel kritisch. Hij is een van de extreemste anti-Amerikaanse vertellers uit de hele literatuur volgens mij, maar daarom is hij niet meer politiek geladen dan de eerste de beste verteller uit een roman van John Updike. Alleen is die op de status-quo gericht, en daardoor bijna politiek onzichtbaar. Uw personages reizen de hele tijd heen en weer tussen de VS en de Dominicaanse Republiek. Wat zij thuis noemen, wordt daardoor iets ontastbaars. Hoe zou u zelf 'thuis' definiëren?

Junot Diaz: Iedereen heeft meer dan een thuis. Er is de thuis van je familie, die van degene waar je het meest van houdt, en de thuis van je gemeenschap. Voor mij liggen die allemaal in de Dominicaanse Republiek, met in de verte de belofte van een Amerika dat over zijn schouder achterwaarts kijkt. Ik heb nooit in één bepaalde staat geleefd. Het was steeds Santo Domingo en de VS tegelijk, maar toch op een afstandje. Ik heb geschiedenis gestudeerd en wat me al vlug opviel tijdens mijn studie, was dat iedereen op meerdere plaatsen tegelijk leeft, in het heden en het verleden. Alleen doen we altijd alsof dat niet zo is. Mensen houden nu eenmaal niet van dualiteit. De reden waarom ik overal wrevel veroorzaak is niet omdat ik er anders uitzie, maar wel omdat ik iedereen herinner aan zijn dualiteit. Stel je voor dat we allemaal in een sf-roman leven en verplicht zijn onze grootouders in de kelder op te sluiten. Alleen hebben sommigen geen kelder, dus moeten zij hun oma en opa aan de voorgevel vastketenen. Degenen met een kelder zouden hen zonder twijfel minachten. Ze zouden zeggen dat ze anders zijn en daarom niet met hen overweg kunnen, maar waar het schoentje in werkelijkheid wringt, is dat ze hen natuurlijk herinneren aan hun eigen grootouders in de kelder en hoe ze daar moreel mee worstelen. Dat is nu precies wat immigranten doen. Met hun meervoudige thuis wijzen zij op de leugen van de mythe van de eenduidigheid waar we zo gek op zijn. Mensen zijn niet meer dan een zak vol verhalen die we iedere dag opnieuw aan elkaar trachten te breien. Zodra we 's ochtends wakker worden, nemen we de naalden op en beginnen we, maar onze opdracht zal altijd mislukken omdat we niet één groot verhaal vormen. Maar dat willen we dus niet weten en daarom hebben we problemen met migranten. Als we zouden beseffen hoe meervoudig en gefragmenteerd we allemaal zijn, zouden we die problemen niet hebben.


Junot Diaz, Het korte maar wonderbare leven van Oscar Wao, Oorspronkelijke titel: The Brief Wondrous Life of Oscar Wao, Vertaald door Peter Abelsen, Mouria, Amsterdam, 335 p., 19,90 euro.



Recensie door Marnix Verplancke



Junot Diaz Kwam op zijn zesde samen met zijn ouders naar de VS en ging in New Jersey wonen. Debuteerde elf jaar geleden met de verhalenbundel Drown en werd meteen uitgeroepen tot een van de literaire beloftes van de eenentwintigste eeuw. Hij stond zelfs op de cover van Newsweek onder de kop 'New Latin Faces of 1996', maar kon niet verhinderen dat het writer's block toesloeg en begon creatief schrijven te doceren aan het MIT in Boston. Het korte maar wonderbare leven van Oscar Wao is zijn tweede boek.



Deze tekst verscheen in De Morgen van 28 november 2007

Junot Diaz

Links
marnixverplancke@skynet.be
Share |

Nieuwsbrief

Schrijf je in op onze wekelijkse nieuwsbrief door hieronder je e-mailadres in te vullen.

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Andreas Tirez
gsm: +32485 24 46 71
andreas@liberales.be