Het geheugen van de liberale beweging

interview vrijdag 10 februari 2006

Luc Pareyn

Gent is een bijzondere stad. Het is de bakermat van de socialistische beweging, de kern van het christelijk syndicalisme, maar ook de hoofdplaats van de liberale vakbond in ons land. Tal van vooraanstaande politici bestuurden de stad of speelden een belangrijke rol in de nationale politiek. Denk aan Joseph Van Crombrugghe, Henri Colson, Constantin de Kerckhove, Charles de Kerckhove, Hippolyte Lippens, Emile Braun, Alfred Vander Stegen, Laurent Merchiers, Lucienne Herman Michielsens, Emile Flamant, Willy De Clercq en Guy Verhofstadt. Ook andere liberale organisaties zoals het Willemsfonds, het ACLVB en Solidariteit voor het Gezin hebben er hun hoofdzetel. Over de liberale beweging en de diverse organisaties kan men heel wat informatie terugvinden in het Liberaal Archief dat zich ook in Gent bevindt. Dirk Verhofstadt sprak met Luc Pareyn.

Wat is en doet het Liberaal Archief? Luc Pareyn: Jan Blokker, journalist bij de Nederlandse Volkskrant, schreef ooit: ‘Geschiedenis is niet wat is gebeurd, geschiedenis is wat de mensen zich herinneren’. Nu kan je de herinnering aan mensen, feiten, gebeurtenissen of realisaties alleen levendig houden, als je over materiële ‘getuigen’ beschikt, met andere woorden: archiefmateriaal. Daarom zoekt en verzamelt het Liberaal Archief alles wat relevant is voor de geschiedenis van het liberalisme in ons land en stellen wij dat materiaal ter beschikking van onderzoekers en andere geïnteresseerden. Wij zijn dus zowat het geheugen van de liberale beweging. Veel materiaal van de liberale beweging uit de 19de eeuw is verloren gegaan en daarmee ook het besef dat die beweging een grote rol gespeeld heeft. Nochtans schrijft de Amerikaanse hoogleraar Carl Strikwerda in een recent nummer van het Belgisch Tijdschrift voor Nieuwste Geschiedenis: ‘Het België van de 19de eeuw is uniek in Europa vanwege de diepgaande invloed van het liberalisme in de samenleving en vanwege de Belgische pogingen om een hoofdrol te spelen in de internationale economie’. Maar die belangrijke rol van het liberalisme is in het collectieve geheugen weggedeemsterd. Door het opsporen en bijhouden van de archieven proberen we dit dramatisch geheugenverlies te verhelpen en een herhaling ervan te voorkomen. Daarnaast verzorgen we wetenschappelijke publicaties, richten we tentoonstellingen in en ondersteunen we soortgelijke initiatieven van derden. We leveren ook geregeld materiaal zowel aan de geschreven als aan de audiovisuele media.

Wat is de verhouding tussen het Liberaal Archief en de VLD?

Luc Pareyn: Het Liberaal Archief heeft geen structurele of institutionele band met de liberale partij. Het is een wetenschappelijke instelling die erkend is en gesubsidieerd wordt door de Vlaamse Gemeenschap, zoals onze collega’s van het Kadoc, het Amsab en het ADVN. Onze leeszaal staat open voor iedereen, net zoals een openbare bibliotheek. Onze interesse is ook veel ruimer dan de geschiedenis van de liberale partij. Je vindt bij ons archieven van sociale organisaties, culturele verenigingen, sportkringen, muziekmaatschappijen, toneelgroepen, onderwijsbonden, caritatieve verenigingen, enzovoort. In het buitenland trekt ons archieffonds van de Mont Pèlerin Society veel aandacht omdat we in West Europa de enige instelling zijn die over deze documenten beschikt. We kregen al bezoekers en vragen uit Tübingen, Lausanne, Lyon en Lille. Die Society is een club van topeconomen die in 1947 nabij Montreux in Zwitserland werd opgericht en zich toelegde op de uitdieping van de principes van de vrijemarkteconomie. De namen van enkele leden zeggen genoeg: Friedrich Hayek, Milton Friedman, Ludwig Von Mises. De inventaris van dit archief staat op onze website, in drie talen, Nederlands, Frans en Engels.

Welke zijn uw voornaamste collecties?

Luc Pareyn: Momenteel beschikken we over ruim zes kilometer geschreven en gedrukte documenten. Uiteraard staren we ons niet blind op ‘oude’ stukken. Het Liberaal Archief houdt alle hedendaags materiaal met evenveel zorg bij. Maar onze collecties omvatten niet enkel schriftelijke archivalia. Naast de klassieke papieren archivalia bewaren we nog veel meer: een 5.000 affiches, 250 vlaggen, 100.000 foto’s, het volledige videoarchief van Librado, een galerij borstbeelden en diverse voorwerpen. De tweede pijler van ons bezit wordt gevormd door onze bibliotheek. Deze telt 31.000 titels en 2.300 verschillende kranten en tijdschriften, waaronder de volledige verzameling van Het Laatste Nieuws, La Flandre Libérale en Het Volksbelang. We beschikken over tientallen jaargangen van plaatselijke publicaties uit diverse steden, in origineel of op microfilm. Dit is onder meer het geval voor Leuven, Tienen, Mechelen, Lier, Eeklo en Oudenaarde.

Wat is uw oudste document?

Luc Pareyn: Ons oudste, gedateerde stuk is een handgeschreven verslagboek van de toneelkring Geen konst zonder Nijd uit Deinze. Dit fraai en goed bewaard document dateert van 1797. We bezitten overigens het hele archief van die kring en dat overspant een periode van meer dan 200 jaar!

De Liberale Partij werd in Brussel opgericht op 14 juni 1846. Bestaan daar nog originele stukken over? Luc Pareyn: Van de stichtingsvergadering maakte men destijds een lithografie, terwijl ook de discussies en het programma werden gepubliceerd. Daarvan bewaart het Liberaal Archief een exemplaar. We hebben die lithografie samen met het programma en de lijst van alle deelnemers (naam, beroep en woonplaats) op onze website geplaatst. Dat programma was kort en krachtig. Het bevatte maar zes punten, waaronder ‘de wezenlijke onafhankelijkheid van de wereldlijke macht’ en ‘de inrichting van openbaar onderwijs door de burgerlijke overheid’. Maar op dat programma stond ook het doorvoeren van ‘verbeteringen, dringend door de toestand der werkende en behoeftige standen gevorderd’. In de loop der jaren hebben we een vrij omvangrijke en representatieve collectie samengebracht met betrekking tot de geschiedenis van de liberale partij, bijvoorbeeld de verslagen van alle partijcongressen vanaf de stichting in 1846. Het is de bedoeling dat bij het begin van de zomer 2006 alle resoluties integraal op onze website zullen zijn geplaatst. We bezitten ook de verslagboeken van het partijbureau vanaf het moment dat ze werden bijgehouden (1927). Tot 1972 zijn die thematisch ontsloten en toegankelijk. We hebben vrijwel alle partijpublicaties (brochures, tijdschriften) naast mooie archieffondsen van plaatselijke afdelingen, die soms teruggaan tot de jaren 1850. Dit is onder meer het geval voor Brussel, Kortrijk, Deinze en Ninove. Onze verzameling verkiezingspropaganda is representatief vanaf de Tweede Wereldoorlog.

Was de toenmalige Liberale Partij een hecht blok of bestonden er toen al diverse stromingen, zoals conservatieven en progressieven? Luc Pareyn: Vanaf het begin waren er duidelijk twee tendensen in de liberale partij. Er was een meer conservatieve strekking, die dezelfde economische premissen onderschreef als de katholieke burgerij, maar zich van deze onderscheidde door het nastreven van de scheiding tussen kerk en staat. En er was een meer progressieve vleugel die veel meer de klemtoon legde op sociale emancipatie. Zij waren overtuigde voorstanders van onder meer het wettelijk vastleggen van minimumlonen en een maximum arbeidsduur, het reglementeren van kinderarbeid, de invoering van verplicht onderwijs. In 1887 leidden de tegenstellingen tot de oprichting van een tweede liberale partij, de ‘progressistische partij’, met Paul Janson als voorzitter. Vermeldenswaardig is toch ook dat Gustave de Molinari, de meest consequente Belgische theoreticus van het economisch liberalisme en de ‘minimal state’ avant-la-lettre, alle vormen van ongelijkheid aanklaagde en opkwam voor bijvoorbeeld de afschaffing van de kinderarbeid en de invoering van de leerplicht. Bindmiddel tussen de twee liberale strekkingen was vooral de verdediging van het officieel onderwijs, geïnspireerd door de scheiding van kerk en staat. De strijd tussen klerikalen en antiklerikalen, tussen de katholieke kerk en de liberale partij, heeft het politieke leven gedurende de hele 19de eeuw beheerst.

Het liberalisme van de 19de eeuw wordt vaak afgedaan als een asociale ideologie met louter conservatieve politici. Dat beeld klopt dus niet?

Luc Pareyn: Dat is een vereenvoudiging die niet met de werkelijkheid strookt. Het is historisch niet juist het hele 19de-eeuwse liberalisme af te doen als de ideologie van de bezittende klasse. Het liberalisme streefde ernaar voor elk individu maximale ontplooiingskansen te scheppen, zowel op materieel als op geestelijk gebied, en daartoe wilde men alle belemmeringen wegwerken die de ontplooiing van het individu in de weg stonden. Wel ging men uit van een individualistische aanpak, gebaseerd op het stimuleren van de eigen verantwoordelijkheid. Het is dan ook tekenend dat heel wat liberale sociale organisaties ‘Help U Zelve’ als naam kozen. Vanuit dezelfde filosofie stimuleerde de Gentse liberale hoogleraar François Laurent het schoolsparen. In het laatste kwart van de 19de eeuw kwam een uitgebreid liberaal verenigingsleven met een sociaalprogressief en Vlaamsgezind profiel tot stand. Veel van die liberale werkliedenbonden hadden werkloosheids-, zieken- en pensioenkassen en telden diverse ontspanningsafdelingen (toneel-, muziek- en sportkringen). Maar noch die sociale organisaties noch de Vlaamsgezinde hebben de hefboom gevonden om hun betekenis in reële politieke macht te vertalen. Het 19de-eeuwse liberalisme was dus verre van een homogeen blok en het is volstrekt onjuist om alle liberalen onder éénzelfde noemer te willen samenbrengen. Ik denk ook aan figuren als Emile de Laveleye en Louis Varlez. Ze waren ervan overtuigd dat de sociale kwestie het belangrijkste politieke thema was.

Was het liberalisme ook aanwezig op andere maatschappelijke gebieden?

Luc Pareyn: Zeker, neem nu de vrouwenemancipatie. Gedurende jaren was Marthe Boël voorzitster zowel van de nationale (1935-1952) als van de internationale vrouwenraad (1936-1947). In 1920 organiseerde ze het eerste Liberaal Vrouwencongres en in 1923 lag ze aan de basis van de Nationale Federatie van Liberale Vrouwen, samen met andere vooraanstaande liberale vrouwen zoals Alice De Keyser-Buysse, de zus van auteur Cyriel Buysse, en Jane Brigode, die tijdens de Tweede Wereldoorlog de eerste vrouwelijke partijvoorzitster zou worden. Georgette Ciselet nam als senator tal van initiatieven voor het bekomen van gelijke rechten voor de vrouwen, zowel in het beroepsleven als in de familie. Zij werd de eerste vrouwelijke staatsraad. Recenter hadden we Lucienne Herman-Michielsen, die met de abortuswet een belangrijke bijdrage leverde tot de realisatie van meer ethisch pluralisme. Denken we ten slotte aan auteurs als de zussen Loveling, vrouw Courtmans en Maria Doolaeghe. Die twee laatste zijn nu in de vergetelheid geraakt maar waren in hun tijd razend populair. Beiden kregen trouwens de staatsprijs voor literatuur. Enkele jaren geleden heeft het Liberaal Archief de roman Sophie van Virginie Loveling heruitgegeven. Het is een boek over de schoolstrijd van 1879-1884. Het werd een succes, want de volledige oplage is uitverkocht, dankzij de mond-tot-mondreclame.

Gent is niet alleen de standplaats van het Liberaal Archief. Ook de liberale vakbond heeft hier nog steeds zijn hoofdzetel. Hoe komt dat? Luc Pareyn: Het Gentse liberalisme had van in het begin sterke sociale interesses. In Gent werd niet alleen het Willemsfonds (1851) opgericht, maar ontstonden ook sociaalgeïnspireerde verenigingen als het Van Crombrugghe’s Genootschap (1857) en de naar de Gentse hoogleraar Laurent genoemde werkmanskringen (actief tussen 1868 en 1969). Het liberaal syndicalisme heeft in Gent wortels die teruggaan tot de jaren 1857 en daarmee tot de oudste behoren. Uit Gent kwam het initiatief om een overkoepelende ‘centrale’ voor heel België op te richten. Het Gentse liberalisme bleef steeds wars van een sectaire doctrinaire opstelling en benaderde de sociale werkelijkheid altijd met een open geest. In welke mate waren de liberalen betrokken bij de Vlaamse strijd? Heeft het Liberaal Archief daar stukken over?

Luc Pareyn: Met het Willemsfonds als één van de belangrijkste, zoniet dé belangrijkste 19de-eeuwse Vlaamse vereniging was de liberale beweging heel actief betrokken bij de Vlaamse strijd. Met zijn volksvoordrachten en volksbibliotheken, met zijn zangavonden en zijn tientallen publicaties heeft het Willemsfonds een niet te onderschatten rol gespeeld. En voor één keer zijn alle ‘getuigen’ bewaard gebleven: het volledige archief van het Willemsfonds is consulteerbaar op het Liberaal Archief. Je kan bij ons alle bestuursverslagen inzien vanaf de stichtingsakte in 1851, de briefwisseling (die reeds tot 1914 thematisch is ontsloten), de ledenlijsten en alle publicaties. Daarnaast beschikken we over zeer mooie afdelingsarchieven, zoals dit van de afdeling Brugge, vanaf de stichting in 1872 tot vandaag. Wat was de weerslag van de Tweede Wereldoorlog op het liberalisme in Vlaanderen?

Luc Pareyn: De Tweede Wereldoorlog betekende een aderlating voor het liberalisme in België. Talrijke liberalen stapten vanzelfsprekend in het verzet, maar deden dat op individuele basis en niet in een georganiseerd verband. Omdat dit niet op een gestructureerde manier gebeurde, zoals dit later met de communistische partij wel het geval zou zijn, is die inzet veel minder in de verf komen te staan. Honderden liberalen werden door de bezetter opgepakt en naar Duitse concentratiekampen overgebracht. Tientallen hebben er het leven bij ingeschoten. Ik geef slechts een paar namen: de Gentse schepen Henri Story, of Arthur Vanderpoorten, de grootvader van Marleen Vanderpoorten en Patrick Dewael. Anderen, zoals Omer Vanaudenhove hebben de gruwel overleefd. We hebben zijn kampervaringen gepubliceerd en op onze website er ook aandacht aan besteed. Liberalen hebben steeds blijk gegeven van een natuurlijke afkeer van alle vormen van beknotting van de mensenrechten, van extremisme of eng nationalisme.

Zijn jullie bezig met speciale activiteiten en/of projecten? Luc Pareyn: De belangrijkste uitdaging is de ontsluiting van onze collecties via het internet. Op dit vlak moeten we resoluut toekomstgericht werken en denken in functie van de onderzoeker of de geïnteresseerde die van op zijn computer thuis of op zijn kantoor via internet zoveel mogelijk informatie wil vinden. Binnen enkele maanden zal onze bibliotheek consulteerbaar zijn via Libis. Daarna zullen we onze affichecollectie invoeren en moet ook deze collectie op internet te bekijken zijn. We willen steeds meer informatie via onze website aanbieden, zoals de integrale versie van eigen publicaties en databestanden zoals onze bio-bibliografie van liberale figuren uit ons land. Nu de verbouwingen achter de rug zijn, laat onze huisvesting op het Kramersplein eindelijk toe om de meest klassieke van onze opdrachten uit te voeren, namelijk het inventariseren. Maar zelfs deze klassieke klus geven we een hedendaags karakter door de inventarissen onmiddellijk en integraal op onze website te plaatsen. Daniël Vanacker, auteur van talrijke historische werken en vrijwillig medewerker bij het Liberaal Archief, werkt aan een publicatie over het Antwerpse Help U Zelf en één van de spilfiguren ervan, Leo Augusteyns. Dat is een volledig onontgonnen terrein. Na onze succesvolle tentoonstelling over de vrijmetselarij in 2003 plannen we over twee jaar een tentoonstelling over de ontspanningsmogelijkheden rond 1900, gezien vanuit de hoek van de verschillende sociale klassen. Dat zal ongetwijfeld een boeiend verhaal worden.

Het Liberaal Archief verspreidde onlangs zijn eerste elektronische nieuwsbrief. Kan je daar meer informatie over geven?

Luc Pareyn: We willen vooreerst van een hedendaags medium gebruikmaken om onze aanwinsten, publicaties en activiteiten bekend te maken. Met die e-brief willen we bovendien de lezers blijven sensibiliseren om archiefmateriaal, in de meest brede zin van het woord, aan het Liberaal Archief over te dragen. Verder hopen we, via de bekendmaking van onze archieffondsen, het wetenschappelijk onderzoek over de liberale beweging te stimuleren. We verwachten uiteraard dat veel lezers van de Liberales Nieuwsbrief op onze nieuwsbrief zullen intekenen. Zij kunnen zich automatisch inschrijven door een blanco mail te sturen naar nieuwsbrief-subscribe@liberaalarchief.be.


Interview door Dirk Verhofstadt

Luc Pareyn

Links
mailto:verhofstadt.dirk@pandora.be
Share |

Nieuwsbrief

Schrijf je in op onze wekelijkse nieuwsbrief door hieronder je e-mailadres in te vullen.

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Andreas Tirez
gsm: +32485 24 46 71
andreas@liberales.be