De Holocaust was geen gekkenwerk

interview vrijdag 13 mei 2011

Gonçalo M. Tavares

Nobelprijswinnaar José Saramago roemde het als een van de grote boeken van de westerse literatuur en de Portugese pers struikelde collectief over de loftuitingen. Gonçalo M. Tavares’ opzienbarende Jeruzalem, naast een roman ook een filosofische bezinning over het krankzinnige geweld in en om ons heen, is een boek van alle, en dus zeker ook van onze tijden. “Het is misschien een beetje controversieel,” aldus Tavares, “maar als er meer gekken rondliepen op de wereld, zou dat zeker een vrediger oord zijn.”

Een van de redenen waarom Jeruzalem zo druk besproken wordt, is ongetwijfeld Tavares’ boude, maar niettemin nuchtere bewering dat er aan geweld en kwaad geen ontkomen is. We zijn allemaal slachtoffer én dader, schrijft hij, en niemand kan van zichzelf zeggen dat hij een goed mens is. Waarom, vroegen we ons af, hebben we het daar na een paar millennia moord en doodslag nog steeds zo moeilijk mee? “In mijn boek lopen meer gekken dan geestelijk gezonde mensen rond,” antwoordt Tavares, “We hebben allemaal de neiging om krankzinnigheid te verbinden met geweld, maar vergelijk het met het geweld van de rationele mens en het valt gewoon in het niet. Denk maar aan wat Stalin en Hitler uitrichtten. Een gek die een geweer grijpt en in het wildeweg zeven mensen neerschiet, veroorzaakt een tragedie, dat wil ik niet ontkennen, maar dat is lokaal, particulier en heel zichtbaar geweld, terwijl de rationele beslissingen van politici misschien wel miljoenen doden veroorzaken, alleen zien we hen niet meteen. Je zou dus een beetje controversieel kunnen stellen dat als er op de wereld meer gekken rondliepen, dat zeker een vrediger plaats zou zijn.”

Een opmerkelijke uitspraak.

Gonçalo M. Tavares: Ik vind het ontstellend dat net hetgeen waar we het meest trots op zijn, namelijk ons intellect, aan de basis ligt van het grofste geweld. De Holocaust was niet mogelijk zonder een ver doorgedreven industrieel inzicht. Het was geen gekkenwerk, maar wel ver gevorderd teamwork van uitstekende wiskundigen, fysici en chemici die hun kennis inzetten om te bepalen waar je in de gaskamers het best de deur kon steken en welke producten het bevredigendste resultaat gaven. Dit was wetenschap en techniek, volgens zowat iedereen de hoogste graad van ontwikkeling die een mens kan bereiken. Het Verlichtingsidee dat je ethisch goede mensen kweekt door hen een goede opleiding te geven, klopt dus niet. Er bestaan immers ook pientere wreedaards. Versta me niet verkeerd, ik ben een groot voorstander van de technologische vooruitgang, maar je moet wel realistisch blijven natuurlijk en die techniek niet gaan ophemelen.

Is volgens u rationaliteit op zich slecht of is zij louter een middel dat de uitvoering van onze smerige, irrationele plannetjes makkelijker maakt?

Gonçalo M. Tavares: Het tweede, denk ik. De rede stelt ons in staat op veel grotere en bredere schaal te gaan werken. We moeten dus steeds waakzaam blijven wanneer we nadenken. Je kunt het vergelijken met een geweer. Iemand die niet weet hoe hij daarmee om moet gaan, loopt het gevaar zichzelf voor de kop te schieten, terwijl degene die het wapen wel kent er veel meer onheil mee kan aanrichten.

In de psychiatrie toont het rationele geweld pas echt zijn grijnzende tronie.

Gonçalo M. Tavares: De status van een geesteszieke is precair omdat hij bepaalde burgerrechten is kwijtgespeeld. Een gedwongen opname is immers toch niets anders dan een kidnapping? Een psychiatrische instelling richt zich met geweld tegen de gek, en daardoor lijkt zij op een gevangenis. Een psychiatrische patiënt die naar een andere instelling wordt gebracht heeft daarin net zo weinig te zeggen als een gevangene die van gevangenis A naar gevangenis B wordt getransporteerd. Medicatie wordt soms toegediend zonder dat de patiënt zich daarvan bewust is. Dat vind ik heel gewelddadig. Ik wil niet zeggen dat dit slecht is, maar wel dat men moet beseffen dat het een gewelddadig en gevaarlijk systeem is. Wanneer iemand de diagnose levercirrose krijgt, kan dat geverifieerd worden. Iemand gek verklaren en opsluiten is iets heel anders. Die diagnose is veel minder verifieerbaar en daar wordt in dictaturen gebruik van gemaakt om politiek tegenstanders van het toneel te laten verdwijnen. Stalin was daar bijvoorbeeld goed in. Even een medische raad bij elkaar roepen en hopla, alweer een opponent minder. Op zo’n moment kun je wel heel hard roepen dat je niet gek bent, maar dat zegt natuurlijk iedere gek.

Wat is dat kwaad dat u in uw romans wil onderzoeken precies?

Gonçalo M. Tavares: Het is een kwestie van accuraat definiëren. Wanneer je iets als het kwade duidt, bestaat immers het gevaar dat al wat je aanduidt daarmee slecht wordt. Als een president bijvoorbeeld zegt: ‘Wij zijn de goeden en zij zijn de slechten,’ beweert hij in feite dat alles wat wij doen goed is en alles wat zij doen slecht, wat natuurlijk onzin is. Nogal wat mensen beoordelen een daad op basis van het doel waarvoor hij uitgevoerd wordt. Goede doelen zouden dan slechte daden witwassen. Ook daar ga ik niet in mee. Voor mij dient iedere daad op zich geëvalueerd te worden op zijn ethische inhoud, anders eindig je met goeie en slechte martelingen of goeie en slechte bombardementen.

Vindt u dan dat Khadafi’s troepen niet gebombardeerd mogen worden?

Gonçalo M. Tavares: Wanneer je bereid bent om allerlei vreselijke dingen te doen om iets goeds te bereiken, weet je niet of je dat goede wel degelijk zult bereiken. Kijk bijvoorbeeld naar het stalinisme of het nazisme, alle kwaad dat daar gebeurde stond in het teken van het grote einddoel. Ieder jaar opnieuw werd er een jaar toegevoegd aan het geweld dat gerechtvaardigd werd door die schitterende, maar nimmer dichterbij komende toekomst. Persoonlijk kan ik er nog inkomen dat je vandaag iets kwaads doet om over een week iets goeds teweeg te brengen, maar als dat goede er pas over tien jaar komt, begin ik te twijfelen, al moet ik bekennen dat een grens trekken op dit vlak niet makkelijk is natuurlijk.

Hoe pak je dat kwaad aan?

Gonçalo M. Tavares: Kunst, boeken en cultuur kunnen daarbij helpen, in die zin zaten de Verlichtingsdenkers wel in de goede richting. Die zaken kunnen de mens aan het denken zetten en hem inzicht verschaffen. Laat iemand twintig jaar lang boeken lezen en films kijken. Op het einde zal hij daardoor geen beter mens zijn, maar hij zal ongetwijfeld beter begrijpen wat er om hem heen gebeurt. En dat is al heel wat, want veel boosdoeners zijn er zich niet eens van bewust dat ze iemand anders schade berokkenen. Wij zijn nogal eens lomperds zonder enig menselijk inzicht die onze medemensen beledigen zonder dat zelf te beseffen. Geweld is immers meer dan het afhakken van elkaars kop, het kan ook een uitspraak zijn die onbedoeld als een vlijmscherp mes door je gesprekspartner heen gaat. Cultuur kan je doen inzien wat je met een paar achteloos uitgesproken woorden kan aanrichten. De gecultiveerde mens zal het kwaad dus niet altijd nalaten, hij zal het alleen op een bewustere manier uitvoeren.

Kan een sluitend ethisch systeem het kwaad verhelpen?

Gonçalo M. Tavares: Een sluitend ethisch kan alleen gevormd worden wanneer je alles weet, dus wanneer je aan het einde van de geschiedenis staat, maar dat is onmogelijk. Je staat iedere keer weer aan het begin van de geschiedenis. Het is zoals met de democratie, het beste politieke systeem dat we tot nog toe uitgedacht hebben, maar afgaande op de twijfels die erover bestaan zeker niet het volmaakte. Zo ook moet je ethiek altijd voorlopig en onvolmaakt zijn. Aristoteles koesterde de droom een allesomvattende ethiek te kunnen ontwerpen, maar als we zijn Ethica Nicomachea vandaag lezen, merken we dat het bij een droom gebleven is. De wereld verandert constant en geen enkele ethiek is tegen die veranderingen opgewassen. De hedendaagse technologie werpt bijvoorbeeld iedere dag weer nieuwe ethische problemen op. Vandaag is bijvoorbeeld iedereen constant bereikbaar per gsm. Is dat een zegen of een vloek? Sinds Aristoteles is de mens niet zo veel veranderd, evenmin als de natuur, maar de techniek wel. Vandaar dat voor mij de grote vraag van de eenentwintigste eeuw is hoe de techniek zich tot de ethiek verhoudt.


Gonçalo M. Tavares, Jeruzalem, oorspronkelijke titel: Jerusalém, vertaald door Harrie Lemmens, Querido, 226 p., 18,95 euro.

Recensie door Marnix Verplancke

Dit interview verscheen eerst in ‘Uitgelezen’, de boekenbijlage van De Morgen

Links
mailto:marnixverplancke@skynet.be
Share |

De welvaart en trots van naties

Liberales organiseert op dinsdag 28 mei (20u) een gespreksavond met Olivier Boehme over zijn laatste boek 'De welvaart en trots van naties'. Klik hier voor meer info en inschrijven.

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Andreas Tirez
gsm: +32485 24 46 71
andreas@liberales.be