Individualisme is een voorwaarde tot ware solidariteit

interview vrijdag 19 maart 2004

Dirk Verhofstadt

Twee jaar geleden pakte Dirk Verhofstadt uit met zijn boek Het menselijk liberalisme. Daarin keerde hij terug naar de grondslagen van de liberale ideologie en ging hij overtuigend in discussie met de antiglobalisten. Zijn centrale stelling was dat veel mondiale problemen niet te wijten zijn aan een teveel aan liberalisme, maar juist door een tekort aan liberalisme. In zijn nieuw boek Pleidooi voor individualisme gaat Dirk Verhofstadt hier verder op door. Voor de auteur is individualisme een bijzonder positieve beweging. Het is een pleidooi voor de erkenning van elke mens als een uniek wezen dat we alle kansen moeten geven om zelf invulling te geven aan zijn of haar levenslot. Liberales had een gesprek met Dirk Verhofstadt.

Waarom heb je dit boek geschreven?

Dirk Verhofstadt: Ik heb dit boek geschreven omdat het individualisme onder druk staat. Steeds meer politici, filosofen en sociologen wijzen met een beschuldigende vinger naar het individualisme. Ze zeggen dat het individualisme leidt tot een ‘ieder-voor-zich’ mentaliteit en dat daardoor de solidariteit in de samenleving afbrokkelt. Die kritiek komt zowel uit socialistische en neomarxistische hoek als van religieus conservatieve en nationalistische partijen. Daarbij kanten ze zich in één beweging ook tegen het liberalisme dat als enige ideologie de vrijheid en de autonomie van het individu als hoogste doel stelt.

Een argument van veel intellectuelen is dat individualisme leidt tot een ieder-voor-zich mentaliteit.

Dirk Verhofstadt: Welnu, ze vergissen zich. Ze verwarren het begrip individualisme bewust of onbewust met egoïsme, hedonisme en onverschilligheid. Daar heeft het individualisme echter niets mee te maken. Individualisme betekent mens worden met alle rechten en vrijheden die dit met zich meebrengt, maar ook met alle plichten tegenover anderen en ten aanzien van de samenleving. Individualisme is niet tegengesteld met solidariteit. Integendeel, de autonomie en de wilsbeschikking van het individu is noodzakelijk om te komen tot een ware solidariteit. En solidariteit is dan weer nodig om diegenen die niet in staat zijn om over zichzelf te beschikken, kansen te geven. Er bestaat dus een duidelijk raakvlak tussen individualisme enerzijds en solidariteit anderzijds. Dank zij de hulp van autonome mensen kunnen anderen, die in minder gunstige omstandigheden leven, zich alsnog ontplooien en een eigen leven opbouwen.

In tal van landen is er een discussie bezig over een herstel van waarden en normen. Is de jarenlange erosie van waarden en normen niet net een gevolg van het toenemende individualisme?

Dirk Verhofstadt: Individualisme en het daarmee verbonden liberalisme zijn niet waardenvrij. Het erkent de morele grenzen van de vrijheid en het belang van de vrijheid en gelijkwaardigheid van de medemens. Het wil de samenleving zo inrichten dat mensen de kansen en mogelijkheden krijgen om voor zichzelf uit te maken wat goed voor hen is zonder dat dit ten nadele gaat van anderen. En het is pas vanuit die toestand dat het individu in staat is en wordt aangezet om ook de positie van de medemens te bevorderen. De ‘autonome’ mens erkent zijn medemens niet alleen uit compassie, uit sympathie of ‘om een goed gevoel te beleven’, hij kent ook een ‘plicht’ jegens anderen. Immanuel Kant heeft duidelijk aangetoond dat de plicht om er als mens ‘te zijn voor anderen’ onvoorwaardelijk is en niet vervalt omdat iemand geen rechten kan doen gelden op andermans hulp. Op die manier zit in het begrip vrijheid een opdracht verborgen: Du kannst, denn Du sollst. Je kunt ethisch handelen, want het is je plicht. Het is een universele zedelijke wet die je als mens verplicht te doen wat je hoort te doen. Hiermee koppelt Kant de autonomie van het individu aan een plicht tegenover anderen. Een plicht die verder gaat dan een formeel sociaal contract waarbij mensen enkel verplichtingen hebben ten aanzien van anderen voor zover ze vooraf bindende afspraken met elkaar hebben gemaakt.

Nochtans beweren critici van het individualisme dat het een gevaar inhoudt voor calculerend en zelfzuchtig gedrag bij de mens.

Dirk Verhofstadt: Dit is fundamenteel onjuist. Calculerend en zelfzuchtig gedrag vloeien niet voort uit individualisme maar wel uit enerzijds egoïsme en anderzijds uit onrechtvaardigheden in het politiek, sociaal en economisch systeem dat mensen toelaat en zelfs aanmoedigt hun verantwoordelijkheid te ontlopen. Het is een van de redenen van de sluimerende legitimiteitscrisis van het sociale zekerheidsstelsel. Het probleem van de met massale belastingsgelden georganiseerde solidariteit tot een ingewikkeld systeem van sociale zekerheid is dat de doelen en resultaten onduidelijk zijn en dat de structuren waarlangs de hulp gebeurt onpersoonlijk, bureaucratisch en financieel ondoorzichtig zijn. Door de overheid georganiseerde solidariteit moet stoelen op de overtuiging van het zinvolle en zelfs een emotioneel draagvlak hebben. Als dit niet het geval is, verwordt het tot een abstract systeem waar niemand zich nog bij betrokken voelt, waardoor onverschilligheid en onvrede toenemen.

Betekent dit dat we het systeem van de sociale welvaartstaat in vraag moeten stellen? Dirk Verhofstadt: Neen integendeel. Juist dank zij het sociaal zekerheidssysteem, dat ultraliberalen en libertariërs zo verketteren, zijn mensen in staat tot individueel handelen. De sociale zekerheid heeft het voor grote groepen mensen mogelijk gemaakt om onderwijs te genieten, om ondanks ziekte, ongeluk of werkloosheid mee te participeren in de samenleving, om te beschikken over een degelijk pensioen zodat senioren hun oude dag zo lang mogelijk zelf zin kunnen geven. De sociale zekerheid is dus geen rem op de verdere ontplooiing van het individu, maar juist een essentiële voorwaarde. Het is de fundamentele reden waarom ook liberalen dit systeem met kracht moeten blijven verdedigen en versterken en elke vorm van privatisering in deze sector met argwaan moeten bekijken.

De kritiek op het individualisme komt niet alleen uit linkse hoek. Ook religieuze, conservatieve en nationalistische politici en denkers zeggen dat het individualisme ‘doorgeschoten’ is.

Dirk Verhofstadt: Daarbij verwijzen ze naar de teloorgang van de ‘geborgenheid’, de ‘eigenheid’, en zelfs ‘zuiverheid’ van de gemeenschap en het volk en naar de ondermijnende krachten van vreemdelingen ten aanzien van de eigen westerse cultuur. Ze spelen in op de angst voor de ‘Ander’ en bepleiten een afsluiting van de grenzen voor vreemde invloeden. Vanuit hun behoudsgezindheid stellen ze ook de moderniteit zelf in vraag. Ze hebben heimwee naar de tijd waarin de vader als hoofd van het klassieke gezin, de onderwijzer als klashoofd en de pastoor als hoeder over de parochie hun autoriteit konden doen gelden. Voor hen moet de mens ondergeschikt zijn aan ‘hogere’ waarden zoals het geloof, het volk, de natie en het ras. Devotie, zelfverloochening en plichtsbesef tegenover de volksgemeenschap beschouwen ze als positieve, zelfs noodzakelijke waarden. In die zin is de strijd voor individualisme, waarbij mensen zelf invulling kunnen geven aan hun levenslot, bij uitstek een progressieve strijd.

Wat betekent die conservatieve en nationalistische houding concreet voor het individu? Dirk Verhofstadt: Conservatieve religieuzen en nationalisten eisen in feite de opheffing van het onderscheid tussen de private en de publieke levenssfeer. Iedereen wordt geacht te leven zoals de traditie, het geloof, de staat, het volk of de gemeenschap dit voorschrijft. Niet alleen in het publieke domein, maar ook in de beslotenheid van de huis- en slaapkamer. Vandaar ook hun ‘morele codes’, richtlijnen en voorschriften met betrekking tot seks en geslachtsgemeenschap. Voor de enen is het een huwelijksplicht met het oog op voortplanting en voor de anderen is het een plicht ten aanzien van de Volksgemeenschap om deze sterk en gezond te houden.

Worden mensen niet meer individualistisch uit een vorm van onverschilligheid? Is het geen manier van wegvluchten van verantwoordelijkheid?

Dirk Verhofstadt: Individualisme is geen gemakkelijke houding. Het verheft de mens uit de groep en plaatst hem tegenover hemzelf. Daar kan hij zich niet verbergen achter de anonimiteit van het collectieve. Individualisme betekent dat de mens zowel tegenover zichzelf als tegenover de anderen zijn geweten moet laten spelen en zich niet kan onttrekken aan zijn persoonlijke verantwoordelijkheid. Mensen die vasthouden aan het monopolie van de moraal die uitgaat van de collectiviteit, een Führer of een heilige tekst kunnen elk moreel dilemma uit de weg gaan. De gelovige of volgeling wordt dan immers niet verplicht te kiezen tussen goed en kwaad. Hij kan vluchten in onwetendheid, onverschilligheid of superioriteit waartoe de hem (zelf) opgelegde moraal de kans biedt. Door het uitschakelen van het persoonlijk geweten in naam van een abstract en alomvattend plan, van absolute en onveranderlijke waarheden, van blind en irrationeel geloof in het Beter-zijn-dan-de-Ander, vond het drama van de genocide in Rwanda plaats waar honderdduizenden Hutu’s en Tutsi’s werden afgemaakt.

Dat neemt niet weg dat het individu steeds de neiging heeft om weg te zinken in de massa. Hoe kan hij dat verhinderen?

Dirk Verhofstadt: Het individualisme is noodzakelijk, al was het maar als tegenpool tegen de steeds grotere anonimiteit, bureaucratisering en uniformisering van onze samenleving. Het verheft de mens uit de massa en geeft hem de kans zijn eigen weg te gaan. Het vormt geen rem, maar een voorwaarde voor ware solidariteit met de medemens. Het individualisme moet dus niet getemperd maar integendeel aangemoedigd worden, vooral in die gemeenschappen waar mensen wegens religieuze, sociale en culturele tradities onderdrukt worden. Waarbij doorgaans vrouwen slachtoffer zijn omdat ze als minderwaardig worden beschouwd dan de man.

Dat laatste is tot de dag van vandaag het geval in tal van islamitische landen en binnen een belangrijk deel van de moslimwereld in het Westen. Wat kan daar tegen gedaan worden?

Dirk Verhofstadt: Het is een goede zaak dat moslimvrouwen hier zelf tegen in opstand komen. Ik denk aan ondermeer Ayaan Hirsi Ali, Naima El Bezaz, Nahed Selim, Chahdortt Djavann, Samira Bellil en Fadela Amara. Zij staan, net als andere moslimvrouwen die de onderdrukking van de vrouw in de moslimwereld aanklagen, model voor de inhoud van mijn boek. Mijn Pleidooi voor individualisme spoort dan ook met de noodzaak van een derde feministische golf zoals voorgesteld door Ayaan Hirsi Ali tijdens de Opzij-lezing ter gelegenheid van de internationale vrouwendag in maart 2003. Een dergelijke derde feministische golf is noodzakelijk om de vrijheid en de zelfbeschikking – die we in Nederland en België zo vanzelfsprekend vinden voor elk individu – ook mogelijk te maken voor miljoenen moslimvrouwen.

Hoe komt het dat dit thema in de feministische beweging zolang onbesproken bleef?

Dirk Verhofstadt: Onder druk van het politiek correcte denken en het cultuurrelativisme van vooral linkse intellectuelen werd hierover al te lang gezwegen. Het wordt hoog tijd dat we de vrouwonvriendelijke praktijken die voortvloeien uit een orthodoxe interpretatie van de koran niet langer toelaten. Zaken als opgelegde hoofddoeken, gedwongen huwelijken, vrouwenbesnijdenis, eremoorden, verstoting en andere toepassingen van de sharia gaan in tegen fundamentele liberale grondwaarden als de vrijheid van meningsuiting, de gelijkwaardigheid van man en vrouw en de scheiding van Kerk en Staat. Er bestaat voor politici en beleidsmakers geen enkel excuus om vrouwonvriendelijke praktijken nog langer te tolereren. Wie, ondanks alle informatie waarover we vandaag beschikken inzake mishandeling en onderdrukking van moslimvrouwen, nog langer opzij kijkt en zwijgt, is niet alleen moreel laf maar zelfs schuldig medeplichtig.

Ligt het probleem niet in de waarheidsclaim van de monotheïstische godsdiensten?

Dirk Verhofstadt: Ja natuurlijk. De wet en de grondwet moet gelden voor iedereen en moet steeds voorrang krijgen op culturele of religieuze bepalingen. De wetgever moet er ook voor zorgen dat er geen overheidsgeld gaat naar organisaties die de integratie van de moslims in onze samenleving eerder belemmeren dan bevorderen. Overheidsubsidies aan initiatieven waarbij vrouwen niet gelijkwaardig worden behandeld als mannen zijn onaanvaardbaar. Wil onze multiculturele samenleving leefbaar blijven dan moeten we absolute voorrang geven aan de rechten en vrijheden van het individu. Dan moeten we het principe van de ‘universele seculiere moraal’ zoals voorgesteld door Paul Cliteur daadwerkelijk toepassen.

Op de omslag van je boek staan twee vrouwen met een burka aan. Wat is daar de betekenis van?

Dirk Verhofstadt: Hoezeer die rechten van het individu vandaag geschonden worden zien we in orthodox islamitische landen waar vrouwen verplicht worden een burka te dragen. De bedekking van de vrouw is in feite de logische consequentie van de superioriteitsgedachte van de man tegenover de vrouw. Het is het hedendaags equivalent voor de jodenster tijdens de nazi-periode. Daar zijn vier gelijkenissen. De burka is net als de jodenster opgedrongen door een groep die zich superieur acht dan anderen. De nazi’s vonden de ariërs superieur tegenover de joden, vandaag denken orthodox islamitische mannen hetzelfde tegenover hun vrouwen. De burka is het uiterlijk kenteken van die inferieure groep net zoals de gele ster dat was voor de joden. Vrouwen mogen alleen gaan op plaatsen en tijdstippen die door de mannen worden opgelegd, net zoals de nazi’s dat deden tegenover de joden die niet op banken of trams mochten zitten en voor de avondklok binnen moesten zijn. De burka is, in de ogen van de mannen die het opleggen, een middel om een onrein wezen af te schermen tegenover de ‘zuivere’ mannen zoals de jodenster dat ook deed. En tenslotte, maar allicht het meest treffende is het feit dat de burka het individu uitwist zoals ook de ster dat deed met de joden. Joden werden niet beschouwd als unieke mensen met een eigen persoonlijkheid maar als een minderwaardige groep. Hetzelfde overkomt nu vrouwen in de orthodoxe islam waarvan het aangezicht wordt uitgewist. Burkas zijn het hedendaags symbool van de de-individualisering. Het zijn private gevangenissen waarbij de vrouw de wereld alleen kan zien door een gaas, als ware het de tralies van een cel.


Interview door Bart Ameye

Dirk Verhofstadt

Links
mailto:bart@liberales.be
Share |

4de Karl Popperlezing met Hans Achterhuis

Deze lezing vindt plaats op dinsdag 5 oktober om 20u in het Liberaal Archief, Kramersplein 23 te Gent. Na de lezing is er een receptie. Toegang is gratis, maar gelieve wel in te schrijven op verhofstadt.dirk@telenet.be.

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Andreas Tirez
gsm: +32485 24 46 71
andreas@liberales.be