"Liberalisme is een fundamenteel humanistische en menselijke visie die vrijheid van het individu koppelt aan sociale bescherming"

Als liberalen hebben we plicht om mensen die ziek, gehandicapt of oud zijn te helpen vanuit de overheid. We volgen daarmee John Rawls in zijn 'Theory of Justice'.

Als een samenleving rechtvaardig is ten opzichte van diegenen die door het lot het slecht bedeeld zijn, door hen zo goed mogelijk te helpen, dan zullen de mensen in die samenleving die rechtvaardigheid in standhouden. Want een samenleving die in de praktijk zo rechtvaardig is, bevestigt en versterkt de eensgezindheid dat zulke benadering inderdaad de meest rechtvaardige is.

De fundamentele doelstelling voor Liberales is een voor iedereen toegankelijke en kwalitatief hoogstaande gezondheidszorg waarborgen. We streven een efficiënt, doeltreffend en betaalbare gezondheidszorg na. Dit vergt o.a. inspanningen tot afbouw van structuren en investeringen in echte noden die een gezondheidszorgbeleid creëert voor iedereen en waar iedereen zijn verantwoordelijkheid in opneemt, zowel arts, mutualiteit, ziekenhuis, patiënten, edm.

De huidige welvaartsstaat werd uitgebouwd na WO II als een antwoord op werkloosheid, ziekte en inkomensverlies na de actieve loopbaan en werd geconcretiseerd in het stelsel van sociale zekerheid. Enerzijds wilde men bescherming tegen risico's van inkomensverlies (werkloosheid, pensionering, arbeidsongevallen, ziekte en invaliditeit) en anderzijds de indekking van de risico's op hogere uitgaven (gezondheidszorgen en kinderbijslag). De sociale bescherming werd uitgebreid met het recht op een minimuminkomen voor diegenen die niet of in onvoldoende mate tot de sociale zekerheid hadden bijgedragen.

De uitbouw van ons sociale zekerheidsstelsel heeft er ongetwijfeld voor gezorgd dat de ongelijkheid en de armoede in belangrijke mate werd teruggedrongen. We kunnen zelfs stellen dat onze sociale bescherming duidelijk beter is dan in de Verenigde Staten waar er meer gerekend wordt op privé-initiatief en privé-verzekeringen.

Gezien de positieve gevolgen van welvaartssysteem is Liberales voorstander van het optimaliseren van de sociale zekerheid en dus ook de gezondheidszorg. Door het indekken van de sociale risico's draagt de staat bij tot een hogere welvaart en meer welzijn voor ieder mens. De crisis die velen aanhalen van de welvaartsstaat is volgens Liberales niet zozeer door financiële en budgettaire remmingen veroorzaakt, dan wel doordat de welvaartsstaat zich niet tijdig heeft aangepast aan de maatschappelijke veranderingen. De desindustrialisatie, vrouwelijke arbeidsactiviteit, vergrijzing van bevolking, andere samenstellingen van de gezinnen en meer individualisme leiden ertoe dat het huidige systeem grondig moet herdacht worden zonder afbreuk te doen aan het fundament, nl. de solidariteit.

De Belgische gezondheidszorg scoort vanuit internationaal perspectief goed. We moeten evenwel toegeven dat door de spanning tussen de groeiende uitgaven en de economische context (o.a. vergrijzing van de bevolking) ons gezondheidssysteem onder grote druk komt te staan. De uitdaging bestaat erin om het huidige niveau van gezondheidszorg, en sociale bescherming in het algemeen, te bewaren en te koppelen aan een efficiënte en betaalbare financiering van de gezondheidszorg.

"Zieken, gehandicapten, ouderen en behoeftigen zijn in onze samenleving niet vrij. Zij zijn overgeleverd aan leegheid, eenzaamheid, onverschilligheid of paternalistische liefdadigheid. Dat is de reden waarom liberalen het de taak van de overheid vinden om hen te helpen." (cfr. John Rawls)

SUBTITEL1. Knelpunten in de acute gezondheidszorg

SUBSUBTITELSpoeddienst wordt druk bezocht

Het opnemen van verantwoordelijkheid en responsabilisering zijn belangrijke elementen om de solidariteit in de gezondheidszorg te waarborgen. De gezondheidszorg is een kostbaar goed waar men op een verantwoorde manier moet mee omspringen.

De spoeddiensten worden druk bezocht door de patiënten, zeker 's avonds en tijdens de weekends. Veel van die 'bezoeken' horen in feite niet thuis op de spoeddienst. In sommige grootsteden zijn het mensen die weinig sociale contacten hebben, in armoede leven of geen vaste dokter hebben. Maar er zijn ook mensen die gemakshalve naar de spoeddienst gaan. Ze gaan er binnen en buiten zoals in een grootwarenhuis en verwachten een snelle service, soms zonder rekening te houden met de echte spoedgevallen. Het pleidooi van de federale regering om aan dit fenomeen iets te verhelpen kan Liberales onderschrijven.

Spoeddiensten zijn goedkoper voor de patiënten maar niet voor de gemeenschap. Indien er beroep gedaan wordt op de spoeddienst worden meestal allerlei onderzoeken verricht. Omwille van de 'derdebetalersregeling' beseffen de patiënten niet wat de reële kost van hun bezoek is.

Liberales wil geen drempel inbouwen om toegang tot de spoeddienst te krijgen. Maar wij pleiten wel voor meer verantwoordelijkheid van de patiënt. Liberales is voorstander om een supplementair remgeld in functie van het inkomen aan te rekenen bij gebruik van de spoedopname. Deze regel geldt niet indien men doorverwezen werd door een arts of binnengebracht met de ziekenwagen. We kunnen niet alle gevallen op de spoeddienst bestempelen als 'misbruiken'.

Wij zien dit niet als een besparingsmaatregel maar wel als een knelpunt in de acute gezondheidszorg. We moeten ondoelmatig gebruik ontmoedigen. De juiste noden moeten met de juiste middelen behandeld worden.

SUBSUBTITELUitbouw van de eerstelijnszorg

Het duurder maken voor de patiënt van het beroep op de spoedgevallendienst zal geen vruchten afwerken zolang de patiënt ervan overtuigd is dat hij daar beter en op elk moment geholpen zal worden. Liberales pleit er dan ook voor om de uitbouw van de eerstelijnszorg te verbeteren. De eerstelijnsgezondheidszorg is dat stadium in de gezondheidszorg waar elke patiënt een eerste professionele opvang krijgt voor gelijk welke problematiek via huisarts, verpleegkundige, maatschappelijk werker, edm.

De financiële en beleidsmatige onderwaardering van de eerste lijn begint stilaan zijn tol te eisen. Door de uitbouw van de eerstelijnszorg kan de huisarts zijn ware rol vervullen. De artsen maken tijd voor hun patiënt en zoeken actief naar de beste zorg. Liberales wil dat de huisarts de toegangspoort voor de zorg is.

De patiënten moeten beseffen dat de rol van de huisarts zeer belangrijk is. Hij helpt bewaken dat ze de juiste zorg op het juiste moment krijgen. Dit is essentieel om een gelijkwaardige, toegankelijke en hoogstaande zorg voor iedereen te garanderen. Patiënten moeten aangemoedigd worden om die verantwoordelijkheid op te nemen en beloond worden om de meest verantwoorde weg te kiezen in het zorgaanbod.

Via een doorgedreven echellonering en via de uitbouw van de centrale rol van de huisarts moet de eerstelijnszorg daadwerkelijk structuur gegeven worden. Wie meer kosten genereert door rechtstreeks de voor de gezondheidszorg duurdere specialistische geneeskunde te consulteren, moet ook bereid zijn om daar financieel de gevolgen van te dragen. De vrije keuze mag blijven bestaan maar de budgettaire gevolgen van de onverantwoorde keuzes die een patiënt maakt, moeten hem toch worden duidelijk gemaakt. Een vaste huisarts, de responsabilisering van de patiënt en een verhoogde vergoeding voor de specialist die op verwijzing werkt, zijn prioritaire maatregelen.

Oneigenlijk gebruik van bijvoorbeeld de spoedgevallendienst kunnen we tegengaan door groepspraktijken van huisartsen aan te moedigen, aangezien door de permanentie in dienstverlening een waardevol en goedkoper alternatief kan geboden worden. Liberales pleit voor het meer invoeren van huisartsenkringen. Een huisartsenkring is een vereniging van erkende huisartsen die binnen een bepaalde regio, gemeente of stad, hun beroepsactiviteit uitoefenen. Er moet een permanente dienstverlening zijn, 24 uur op 24 uur, 7 dagen op 7. Dit kan uitgewerkt worden door een beurtrolsysteem. Momenteel is het probleem voor veel patiënten de bereikbaarheid van de huisartsen in de weekeinden en 's nachts.

Men kan ook grotere praktijken maken met verscheidene artsen en andere zorgverstrekkers in één gebouw. Er zijn veel variaties mogelijk maar de vrije keuze van de arts moet verzekerd blijven. We moeten geen model opleggen om de permanente dienstverlening op de eerstelijnszorg mogelijk te maken. Er moet wel een kader geschept worden door de overheid dat neutraal is. In dunbevolkte gebieden is de huisarts met eigen praktijk wel nog de aangewezen vorm. De fysieke afstand tot de huisarts mag ook niet te groot zijn. Maar in de grootsteden moeten we andere modellen zoeken. Uit recente studies blijkt dat patiënten er minder vaak een vaste huisarts hebben, ze raadplegen die ook minder, ze denken minder aan hun huisarts als zich een nieuw gezondheidsprobleem aandient, ze vragen de huisarts veel minder om advies alvorens ze een specialist raadplegen, ze hebben minder vertrouwen in zijn deskundigheid en ze klagen over de bereikbaarheid van de huisartsen. De uitbouw van huisartsenpraktijken of huisartsenkringen kan hier in elk geval een oplossing voor bieden.

Er moeten specifieke middelen voorzien worden voor huisartsen in de kansarme buurten van de grootsteden. Dit moet hen toelaten om toegankelijke kwaliteitszorgen te voorzien voor de kansarmen. In sommige grootsteden bestaan op dit moment al wijkgezondheidscentra. Dit zijn centra waar huisartsen, verpleegkundigen en eventueel kinesisten samen in een multidisciplinair verband eerstelijnsgezondheidszorg bieden aan de mensen uit de buurt of de wijk. Deze centra werken meestal in een forfaitair systeem waarin de ziekenfondsen aan het centrum maandelijks een vast bedrag betalen per ingeschreven patiënt. Er wordt dus geen betaling per prestatie verricht.

Het vast bedrag wordt berekend op basis van het gemiddelde van wat het RIZIV betaalt voor alle verzekerden. Dit systeem is niet billijk omdat patiënten die een wijkgezondheidscentrum bezoeken vaak meer zorgbehoevend zijn dan de gemiddelde patiënt. De minister van Sociale Zaken kondigde aan dit systeem te herzien. Het verband tussen lage socio-economische toestand, minder goede gezondheid en grotere behoefte aan gezondheidszorg is reëel. Het is logisch om de vergoeding onder de vorm van een vast bedrag te koppelen aan de zorgbehoefte van de patiënt.

Men beweert dat in het forfaitaire systeem de arts minder aandacht besteedt aan de patiënt. Wij willen dit ontkrachten want de multidisciplinaire aanpak staat voorop en men wordt niet betaald per prestatie. Men kan dus meer aandacht besteden aan de patiënt, dit leidt niet tot een vermeerdering of vermindering van de verloning. Dat de forfaitaire geneeskunde leidt tot een vermeerdering van het aantal patiëntencontacten die dikwijls vluchtiger en oppervlakkiger zijn, is niet aangetoond. Het feit dat men ingeschreven is bij een vaste huisarts is positief. Het forfaitaire systeem opent nieuwe perspectieven. Je kunt doelgroepen selecteren om specifieke gezondheidsrisico's te bespreken.

Wijkgezondheidscentra kunnen de eerstelijnsgezondheidszorg versterken. Patiënten stappen al te vlug over naar specialisten en ziekenhuizen, de tweede lijn. Daar geldt het prestatiesysteem. Er wordt op dat niveau veel onderzoek gedaan en dat kost geld. Een huisarts kan beter inschatten of verder onderzoek nodig is. In een omgeving met multidisciplinaire benadering is dit beter aan te pakken. Weliswaar moet nagegaan worden of forfaitaire geneeskunde duurder is of niet. Het blijkt wel dat, wanneer in een gezondheidszorgsysteem, de eerstelijnszorg wordt aangeboden door zowel alleenwerkende huisartsen als door gezondheidscentra, de patiënten van deze gezondheidscentra minder beroep moeten doen op gespecialiseerde zorg dan degene die beroep doen op hun alleenwerkende huisarts.

Liberales pleit ervoor om de huisartsen die kiezen voor het systeem waar permanente dienstverlening verzekerd is te belonen voor deze inspanning. Het betekent sowieso een besparing voor de overheid op de gezondheidskosten. Er kan gedacht worden aan het financieel (rechtstreeks) of fiscaal (onrechtstreeks) ondersteunen van pooling van patiënten.

Het Globaal Medisch Dossier (GMD), waarin de hele ziektegeschiedenis van de patiënt wordt bijgehouden, is een essentieel instrument om van de huisarts werkelijk de spil te maken van de zorg voor zijn patiënten. Informatisering van het GMD kan een belangrijke kwalitatieve meerwaarde toevoegen aan de opbouw van huisartsengeneeskunde. Wij zijn dan ook voorstander om deze informaticakosten (computer, software) financieel te steunen. Er bestaat op dit moment een systeem van vergoeding voor de huisarts voor het bijhouden van het GMD. Wij pleiten ervoor om die vergoeding fors op te trekken. Voor de patiënt is er ook een voordeel. Hij moet namelijk 30% minder remgeld betalen. Wij volgen het Vlaams Huisartsenparlement in hun eis om het systeem dringend aan een grondige hervorming te onderwerpen.

Liberales is tevreden dat de patiënt meer afdwingbare rechten krijgt. De wet Patiëntenrechten zal dit tot stand brengen. Het wetsontwerp Patiëntenrechten dreigt weliswaar door de artsensyndicaten uitgesteld te worden. Dit wetsontwerp voert een recht in voor patiënten en sommige verwanten op inzage in het medisch dossier, verplichte notitieplicht in een medisch dossier door de artsen, … De artsen vrezen echter bijkomende schadeclaims en voeren druk uit tegen de stemming van het wetsontwerp. Zij willen dat de wet gekoppeld wordt aan de oprichting van een fonds, door de overheid, dat eventuele aansprakelijkheidsvorderingen ten aanzien van artsen moet dekken. Nochtans bevat het ontwerp zeer interessante innovaties die werkelijk voor de patiënten een doorbraak kunnen betekenen. Liberales pleit voor een snelle invoering van deze wet en vraagt met aandrang dat de parlementairen hun verantwoordelijkheid opnemen.

Daarnaast moet de verloning van de huisarts verbeteren. Indien wij opteren voor de uitbouw van de eerstelijnszorg dan moeten er daar ook financiële middelen tegenover staan. De huisarts heeft een belangrijke taak en mag daar ook degelijk voor vergoed worden. Als we verlangen van de huisarts dat hij een kwalitatieve en op de patiënt gerichte aanpak volgt, met de implicatie dat hij meer tijd per patiënt moet vrijmaken, dan is de huidige verloning niet voldoende. Liberales pleit voor positieve impulsen in plaats van bestraffing. Beter voorschrijfgedrag, bijhouden Globaal Medisch Dossier, in het systeem van groepspraktijken stappen met de bereidheid tot wachtdienst, edm. moeten positief gewaardeerd en dus beloond worden. Het remgeld voor de patiënt moet niet verhoogd voor worden, maar er moeten van overheidswege meer financiële inspanningen gebeuren om het beroep van huisarts aantrekkelijk te maken.

SUBTITEL2. Betaalbaarheid van de gezondheidszorg

SUBSUBTITELKosten nemen toe

De kosten voor de gezondheidszorg zullen nog toenemen: de mensen leven langer en er treedt dus ook vergrijzing op, de medisch wetenschappelijke ontwikkeling stelt patiënten nieuwe vormen van diagnose en therapie ter beschikking, nieuwe ziekten ontstaan, door de betere verzorgingsmogelijkheden verlengt de overleving van chronische patiënten, terwijl men hun levenskwaliteit wil verhogen, …. Efficiënt gebruik van middelen is noodzakelijk maar een goedkopere gezondheidszorg is niet evident.

SUBSUBTITELHoe gezondheidszorg betaalbaar houden?

De beste manier om de gezondheidszorg betaalbaar te houden is een actieve welvaartsstaat. Hierdoor stijgen de inkomsten voor de sociale zekerheid.

Een ander middel is preventie. Het snel opsporen van borstkanker bij vrouwen, acties tegen roken, het toedienen van meer calcium voor kinderen zodat het aantal botbreuken vermindert, … zorgen ervoor dat later minder mensen dure behandelingen moeten ondergaan om hun ziekte te bestrijden. De overheid moet veel investeren in preventiecampagnes en moet ze ook goed opvolgen. Lichaamsbeweging moet al op jonge leeftijd gestimuleerd worden. Deze preventie loont immers op lange termijn, niet enkel financieel maar hierdoor kunnen mensen langer gezond blijven.

SUBSUBTITELDe juiste gegevens zijn belangrijk

De betaalbaarheid van de gezondheidszorg is zeker niet te herleiden tot meer of minder geld voor de gezondheidszorg. Het betreft eerder de vraag of met het geïnvesteerde geld de juiste noden worden gelenigd op de meest doeltreffende manier. Een belangrijk element bij de doelmatigheid van de gezondheidszorg is te beschikken over toegankelijke en transparante gegevens. Slechts bij toegang tot deze noodzakelijke gegevens kan de discussie gevoerd worden over de betaalbaarheid van de gezondheidszorg. Snel kunnen beschikken over adequate gegevens over kwaliteit en kosten van gezondheidszorg is een wezenlijk element bij een doelmatigheidsbeleid.

SUBSUBTITELFederaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg

Deze screening van doelmatigheid zou toegekend worden aan een nieuw op te richten Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg. Dit centrum zal de gezondheids- (FOD) en verzekeringsvisie (RIZIV) samenbrengen en op een geïntegreerde wijze rekening houden met de kwaliteit, doelmatigheid en toegankelijkheid. Het centrum zal een cruciale rol moeten spelen in de bepaling van 'de juiste prijs voor de juiste behandeling'. Wat is de juiste waarde van een medische prestatie, van een product, van een onderzoek? Vandaag gebeurt de waardebepaling zonder objectieve gegevens. Als er een nieuw product uitkomt, wordt er nooit een ander geschrapt. Het moet leiden tot een doelmatige aanwending van middelen en moet initiatieven nemen ter ondersteuning hiervan. Wij staan achter het principe van een Federaal Kenniscentrum voor de Gezondsheidszorg maar vragen wel dat dit niet gepolitiseerd wordt en het beheer op een objectieve manier uitgevoerd wordt.

SUBSUBTITELGroeinorm van 2,5 % in vraag stellen

Liberales is voorstander van een doelmatig gebruik van de financiële middelen in de gezondheidszorg. De maatschappelijke bereidheid tot verdere investeringen staat of valt met de waarborg dat de middelen efficiënt aangewend worden. Wij pleiten voor een goede en objectieve doorlichting van het financiële kostenplaatje. Niettemin moeten we er rekening mee houden dat de kosten sowieso zullen toenemen in de komende jaren en decennia. De grootste factor hiervoor is de vergrijzing van de bevolking met zijn implicatie op de kost voor de gezondheidszorg.

Het in evenwicht houden van de begroting van de ziekteverzekering is noodzakelijk. De groeinorm werd verhoogd van 1,5% naar 2,5%, maar jaarlijks kennen we een overschrijding van deze norm. Niet alleen België maar alle Westerse landen worstelen met de kosten van de ziekteverzekering. De gemiddelde groei van de gezondheidsuitgaven in West-Europa schommelt rond de 4%. Dit lijkt aan de realiteit te voldoen en zo kan men de kosten onder controle houden.

Liberales pleit voor het optrekken van de groeinorm tot 4% zoals in de ons omringende landen. Dit zal ervoor zorgen dat er een betere kostenbeheersing kan tot stand komen. Daarnaast pleiten wij ervoor om initiatieven te nemen die ervoor zorgen dat op kwartale of halfjaarlijkse basis evaluaties worden gemaakt die aantonen waar het budget overschreden wordt, of kan worden. Dit evaluatiesysteem moet gekoppeld worden aan een werkbaar correctiemechanisme.

SUBSUBTITELPromoten van generische geneesmiddelen

Wanneer een farmaceutisch bedrijf een nieuw geneesmiddel ontwikkelt, wordt dit gedurende een bepaalde periode beschermd door een patent. De producent heeft zo het recht om dit geneesmiddel als eerste en enige op de markt te brengen. Na de beschermde periode kan een ander farmaceutisch bedrijf dit geneesmiddel ook op de markt brengen tegen een lagere prijs. Een generisch geneesmiddel is evenwaardig en minstens 16% goedkoper dan het oorspronkelijke. Vrije concurrentie en het doorbreken van feitelijke monopolies moeten nagestreefd worden.

De prijs voor een generisch geneesmiddel is minstens lager dan het oorspronkelijke met een patent beschermde geneesmiddel. Dit betekent een financieel voordeel voor de patiënt en de overheid. Ook al is het persoonlijk financieel voordeel niet zo groot, dan nog helpt het gebruik van generische geneesmiddelen mee om de kosten voor de ziekteverzekering onder controle te houden. Zo komt er geld vrij voor het terugbetalen van nieuwe, soms zeer dure maar levensnoodzakelijke geneesmiddelen.

Het gebruik van generische geneesmiddelen betekent dus niet enkel een financiële besparing maar tevens het opnemen van verantwoordelijkheid waardoor solidariteit in de gezondheidszorg kan gewaarborgd worden.

Door een bonus te geven aan huisartsen, die hun voorschrift generisch invullen, kan de ziekteverzekering in België 425,2 miljoen euro besparen. De federale regering heeft het verbruik van generische geneesmiddelen al krachtig gestimuleerd. Liberales pleit ervoor om dit nog te versterken door de invoering van een bonussysteem voor artsen indien zij generische geneesmiddelen voorschrijven. Dit zou het succes bestendigen en een belangrijke besparing realiseren in de ziekteverzekering. In het buitenland kent zo'n bonussysteem veel succes. Uit een enquête die recent werd uitgevoerd bij tienduizend huisartsen blijkt dat 94% van de Belgische huisartsen bereid zijn om rationeel voor te schrijven als de overheid hen daartoe zou stimuleren.

Een bonus kan de vorm aannemen van een collectieve aanmoediging, zoals bij geaccrediteerde artsen, ofwel kan de bijdrage voor het Globaal Medisch Dossier worden uitgebreid.

SUBSUBTITELOpnemen van verantwoordelijkheid

De verantwoordelijkheid voor de betaalbaarheid van de gezondheidszorg ligt bij iedereen. Bij de burgers die voor het minste naar de spoed, dokter of specialist gaan. Bij de artsen die te gemakkelijk voorschrijven.

Een grote verantwoordelijkheid ligt bij de ziekenhuizen die patiënten vaak een dag langer in hun 'bed' houden. Maar ook de specialist doet soms onnodige onderzoeken. Wij pleiten voor een transparante boekhouding voor elk ziekenhuis. De federale ministerraad keurde onlangs een wetsontwerp goed dat ziekenhuizen die hun uitgaven te weinig in de hand hebben, gepubliceerd worden op de website van het RIZIV. Er komt een lijst van standaardingrepen in ziekenhuizen en hospitalen. Diegene die voor meer dan de helft boven de gemiddelde kostprijs liggen, komen op de webstek van het RIZIV. Ziekenhuizen die veel te veel uitgeven - meer dan 10% boven het gemiddelde - zullen in elk geval de overschrijding moeten terugbetalen aan de ziekteverzekering. Op die manier worden ziekenhuizen geresponsabiliseerd. Liberales pleit ervoor om dit initiatief vlug door te voeren.

Liberales roept iedereen op om op een verantwoorde manier om te gaan met de financiële middelen van de gezondheidszorg. Een mentaliteitsverandering bij iedereen kan al enorm veel besparingen opleveren.

SUBSUBTITELVerantwoordelijkheid en responsabilisering van de arts

Men kan enorm veel besparen door beter opgeleide artsen. Er moet een beter voorschrijfgedrag komen, men vraagt zich nooit af wat medicatie kost voor de overheid. Dit zou beter moeten benadrukt worden in de opleiding van de artsen. Door deze mentaliteitsverandering kan er enorm veel bespaard worden. Hierdoor moet er niet geraakt worden aan de kwaliteit van de geneeskunde. De overheid kan het beter voorschrijfgedrag fiscaal steunen.

SUBSUBTITELResponsabilisering van de mutualiteiten

Liberales is voorstander van een systeem van mutualiteiten. Wij willen dat mutualiteiten in de toekomst, nog meer dan vandaag, de belangen van de patiënt verdedigen. Daarom zijn wij tegen een systeem van private verzekeringen.

Mutualiteiten zijn uitvoerder van de ziekteverzekering (n.l. loket langs waar het geld wordt terugbetaald en controle via de adviserende geneesheren); de aanbieder van zorgen (apotheken in eigendom, belangen in ziekenhuizen, …) en patiëntenbelangenbehartiger. Daar bovenop waagt de mutualiteit zich op het vlak van de aanvullende verzekeringen (hospitalisatieverzekeringen, kleine risico's zelfstandigen, …). Dit zou kunnen leiden tot belangenvermenging.

De taak van de mutualiteit zou erin moeten bestaan om prijs en kwaliteit van de aan de hun cliënteel verstrekte zorgen te controleren. Dit is ook de achterliggende zin van ons systeem van gezondheidszorg, in tegenstelling tot dat van landen als Nederland en Groot-Brittannië. Het aandeel van mutualiteiten in ziekenhuizen of het aanbieden van eigen producten en diensten zou dit kunnen doorkruisen. Een probleem dat daarmee nauw verwant is en de kern van het systeem raakt, is het gebrek aan transparantie inzake de eigenlijke kost van de gezondheidszorg.

In elk geval keert Liberales zich af tegen een systeem van private verzekeringen. Liberales pleit voor een duidelijke taak voor de mutualiteiten namelijk het toezien op de belangen van de patiënt. De patiënt staat in de gezondheidszorg centraal, eerder dan ondoorzichtige structuren met ondoorzichtige financiële belangen. Wij pleiten dus voor een patiëntgerichte gezondheidszorg.

SUBSUBTITELVerantwoordelijkheid en responsabilisering van patiënt

De patiënt moet geresponsabiliseerd worden voor de keuzes die hij/zij maakt en kosten die hij/zij zelf mee genereert. Een patiënt die eerst naar de huisarts stapt moet financieel beloond worden voor deze keuze, een specialist die terugverwijst en de huisarts ondersteunt in zijn/haar taak en begeleiding van de patiënt dient beloond te worden. De huisarts vervult bij uitstek een 'filterfunctie': hij kan uitmaken waar al dan niet gespecialiseerde zorg vereist is. Liberales wil de patiënt bewust maken van zijn verantwoordelijkheid en daarnaast belonen indien die verantwoordelijkheid opgenomen wordt.

Het remgeld voor de raadpleging bij een specialist kan wegvallen voor verwezen patiënten. Het bedrag voor de prestatie van de specialist kan opgetrokken worden omdat hij die patiënt pas na verwijzing ziet. We willen pleiten voor een verminderde terugbetaling van de rechtstreekse raadpleging bij de specialist. Er moet dus een systeem komen van differentiële terugbetaling.

De patiënt moet aangemoedigd worden om een vaste huisarts te kiezen. De patiënt behoudt het recht op vrije keuze van de huisarts maar wordt beloond indien hij een individueel medisch dossier bij een vaste huisarts heeft. Zo'n centraal dossier dat de vaste huisarts bijhoudt, bevordert immers de goede opvolging van iemands medische situatie en de diagnose, waardoor ook medische zorgen efficiënter kunnen worden toegediend. Zowel het hebben van een vaste huisarts als het medische dossier, dat de patiënt nog alle vrijheid en natuurlijk privacy laat, zou dan ook financieel aangemoedigd kunnen worden.

SUBTITEL3. Defederalisering van de gezondheidszorg

SUBSUBTITELPrincipieel tegen een splitsing van de gezondheidszorg

Een splitsing van de gezondheidszorg is niet de discussie die op dit moment moet gevoerd worden. Liberales is principieel tegen de splitsing van de gezondheidszorg. We willen de klemtoon blijven leggen op de solidariteit als fundamentele waarde van het liberale gedachtegoed. Ons gezondheidssysteem is één van de beste ter wereld. De solidariteit is steeds de leidende factor geweest voor de uitbouw van ons sociale zekerheidsstelsel, inclusief onze gezondheidszorg.

SUBSUBTITELResponsabilisering van alle actoren

De ontsporingen in de kosten voor de gezondheidszorg hebben voornamelijk te maken met het niet-opnemen van verantwoordelijkheid. Alle actoren moeten geresponsabiliseerd worden. De maatregelen die Liberales naar voor brengt kunnen dit voor een stuk tot stand doen brengen (cfr. 'Betaalbaarheid van de gezondheidssector). De verantwoordelijkheid voor de betaalbaarheid ligt bij iedereen. Efficiënt en doelmatig gebruik van de middelen moet volgens Liberales voorop gesteld worden.

SUBSUBTITELUitgesproken meningsverschillen

We kunnen weliswaar niet ontkennen dat er uitgesproken meningsverschillen zijn tussen Vlaanderen en Wallonië, maar die zijn ook aanwezig binnen Vlaanderen. De conservatieve reflex van sommigen die de verschillen in mentaliteit tussen Vlaanderen en Wallonië over de gezondheidszorg niet in vraag durven stellen, moet doorbroken worden. Evenzeer moeten de verschillen binnen de regio Vlaanderen onderzocht worden.

Vlaanderen promoot thuiszorg, opnames in dagziekenhuizen, in Wallonië kiest men meer voor residentiële zorgen. Niet deze verschillen zijn het belangrijkste. We moeten ons de vraag stellen of een Vlaamse gezondheidszorg echt beter zou zijn, minder zou kosten, efficiënter en doelmatiger zou werken.

SUBSUBTITELEnkel splitsing op basis van manifeste onwil

Een splitsing van de gezondheidszorg kan, ons inziens, enkel overwogen worden indien op basis van objectieve cijfers en gegevens zou blijken dat Wallonië manifest weigert elke maatregel te onderschrijven die louter ingegeven is door redenen van financierbaarheid en efficiëntie en die geen afbreuk doen aan de kwaliteit van de gezondheidszorg.

SUBTITEL4. Vrije artsenkeuze en pluralisme vs. organisatie in de gezondheidszorg: water en vuur?

SUBSUBTITELVrije artsenkeuze is belangrijk

Vrije artsenkeuze is voor Liberales zeer belangrijk. Elke patiënt moet vrij in de keuze van zijn arts. Niettegenstaande willen we er evenwel voor pleiten dat patiënten aangemoedigd worden om een vaste huisarts te kiezen. Deze kan door het bijhouden van het individueel medisch dossier de ziektegeschiedenis van de patiënt optimaal opvolgen. Dit leidt ertoe dat de middelen van de gezondheidszorg doelmatig besteed worden. De SIS-kaart is de sleutel van de patiënt tot zijn centraal medisch dossier en andere persoonlijke gegevens inzake gezondheidszorg. Enerzijds kan dit ertoe leiden dat de patiënt op vrij vlotte manier van huisarts zou kunnen wisselen maar anderzijds dat hij zelf zijn medisch dossier in handen heeft.

SUBSUBTITELWet Patiëntenrechten

Het wetsontwerp Patiëntenrechten zou een wettelijk recht invoeren voor patiënten en sommige verwanten op inzage in het medisch dossier, verplichte notitieplicht in een medisch dossier door de artsen, … De patiënt zou door deze wet meer afdwingbare rechten krijgen. Het wetsontwerp dreigt weliswaar door de artsensyndicaten uitgesteld te worden. De artsen vrezen voor bijkomende schadeclaims en voeren druk uit tegen de stemming van het wetsontwerp. Zij willen dat de wet gekoppeld wordt aan de oprichting van een fonds, door de overheid, dat eventuele aansprakelijkheidsvorderingen ten aanzien van artsen moet dekken. Nochtans bevat het ontwerp zeer interessante innovaties die werkelijk voor de patiënten een doorbraak kunnen betekenen. Liberales pleit voor een snelle invoering van deze wet en vraagt met aandrang dat de parlementairen hun verantwoordelijkheid opnemen.

SUBSUBTITELPluralistische ziekenhuizen

Ziekenhuizen zouden instellingen moeten zijn door en voor de ganse gemeenschap. Alle betrokken partijen, zoals patiëntenorganisaties, mutualiteiten, universiteiten, OCMW's, zouden in elk ziekenhuis moeten vertegenwoordigd zijn en als belanghebbenden er samen toezien op het beheer.

Dit wil dus zeggen dat elk ziekenhuis een pluralistische instelling wordt. Zo wordt concurrentie tussen levensbeschouwelijke netten doorbroken en staat doelmatigheid, gericht op de noden in een bepaalde stad of regio, centraal. Het maakt een taakverdeling mogelijk tussen meer algemene en gespecialiseerde ziekenhuizen, die dan ook in staat zijn door concentratie van de werkingsmiddelen hun taak naar behoren uit te voeren.

SUBSUBTITELEthische comités

Efficiëntie, kostenbesparing, verhoogde controle op instellingen die tenslotte gefinancierd worden met gemeenschapsgeld vormen de troeven van zo'n aanpak. Het pluralisme zou dan ook zijn weerspiegeling vinden in de samenstelling van het ethisch comité in elk ziekenhuis. Zo'n ethisch comité buigt zich over de ethische aspecten van medische handelingen en is dus niet waardenneutraal, zodat naast vakmensen de ethici en hun zienswijze er uiteraard het verschil kunnen maken.

De patiënt, zijn welzijn, zijn bekommernissen en zijn overtuigingen, uiteraard in samenspraak met de behandelende artsen, staan centraal. De verzorgende instelling, die werkt met middelen van ons allen, moet zich dus plooien naar hem of haar en niet omgekeerd. Een analogie met het Liberales-standpunt inzake onderwijs, waar we pleiten voor pluralistische scholen voor allen met respect voor ieders noden en overtuiging, ligt voor de hand. De visie van Liberales is ingegeven zowel door redenen van efficiëntie en spaarzaamheid als door levensbeschouwelijke principes.

SUBSUBTITELToepassing van de Euthanasiewet - Reactie Caritas Catholica

Op 16 mei 2002 werd de Euthansiewet door de Kamer van Volksvertegenwoordigers goedgekeurd met een ruime meerderheid. De nieuwe wet treedt in het najaar in werking. Ze bepaalt dat een patiënt die zich in een medisch uitzichtloze toestand van aanhoudend en ondraaglijk fysiek of psychisch lijden bevindt, euthanasie kan aanvragen. Voor patiënten in zo'n noodsituatie mogen artsen het verbod op doden overschrijden. Wie overlijdt door euthanasie wordt geacht een natuurlijke door gestorven te zijn. De patiënt kan zijn verzoek tot euthanasie mondeling, schriftelijk of via een wilsverklaring aanvragen. De nieuwe wet geldt niet voor minderjarigen en is niet van toepassing op dementen en dementerenden.

Belangrijk is dat geen arts kan gedwongen worden om euthanasie te plegen. De arts moet er ook zeker van zijn dat de patiënt ongeneeslijk ziek is, al is het niet nodig dat de patiënt ook terminaal is. In alle gevallen moet er een tweede arts geraadpleegd worden, die gespecialiseerd is in de ziekte waaraan de patiënt lijdt.

Liberales vindt het recht op waardig sterven belangrijk. De euthanasiewet beantwoordt hier aan. De keuze voor de euthanasie is een persoonlijke keuze. Daarenboven kan geen enkele arts verplicht worden om euthanasie toe te passen. We moeten erkennen dat het sterven bij het leven hoort. We moeten dan ook de mogelijkheid krijgen om te kunnen sterven op de manier die we zelf bepalen. Liberales vindt het zelfbeschikkingsrecht evident.

Caritas Catholica heeft onlangs meegedeeld dat de nieuwe euthanasiewet de ethische houding niet wijzigt van de christelijke ziekenhuizen, voorzieningen voor geestelijke gezondheidszorg en rusthuizen. Het plegen van euthanasie moet volgens Caritas uitzonderlijk blijven, het kan alleen als de patiënt stervende is en als alle palliatieve mogelijkheden zijn uitgeput. Daarom wordt er een palliatieve filterprocedure ingebouwd in haar verzorgingsinstellingen. Caritas, net zoals kardinaal Godfried Danneels, die de wet in strijd vond met de eerbied voor het menselijk leven, verzetten zich met klem tegen de nieuwe wet waarin de wil van de patiënt als enig criterium voor de rechtvaardiging wordt gehanteerd.

Liberales wil er evenwel op wijzen dat deze stelling fundamenteel onjuist is. Diegene wiens geloofsovertuiging zich tegen euthanasie verzet heeft het recht om geen euthanasie op zich toegepast te zien. Dit net zoals diegene wiens geloofs- of persoonlijke overtuiging zich daar niet tegen verzet het recht heeft om wel euthanasie op zich te laten toepassen. Tenslotte wil Liberales er nog eens op wijzen dat euthanasie een beslissing is van de persoon in kwestie, en zijn familieleden en niet van verzuilde structuren en retrograde bastions.

SUBTITEL5. Armoedebestrijding en Ouderenzorg

Armoedebestrijding en ouderenzorg hangen vaak met elkaar vast. Door de veroudering van de bevolking stijgen de gezondheidskosten: men wordt sneller ziek, men heeft meer geneesmiddelen nodig of men moet opgenomen worden in een rusthuis. Dit kost enorm veel geld voor die leeftijdscategorie die zich dan nog moet beredderen met soms te kleine pensioenen. Men wordt met andere woorden afhankelijk. Deze situatie kan leiden tot armoede en bestaansonzekerheid. De vraag stelt zich of we alleen moeten investeren in betaalbare gezondheidszorg voor die specifieke groep of veeleer moeten denken aan het optrekken van de pensioenbedragen zodat hun noden kunnen gelenigd worden. Het betreft volgens ons geen keuze over of/of maar en/en.

Er bestaan ook algemene maatregelen die alle leeftijdscategorieën ten goede komen. Liberales pleit voor een toegankelijke, efficiënte en betaalbare gezondheidszorg voor iedereen. Diegene die uit de boot dreigen te vallen moeten geholpen worden. Zoals John Rawls al terecht stelde in zijn 'Theory of Justice' hebben wij als liberalen de plicht om mensen die ziek, gehandicapt of oud zijn te helpen vanuit de overheid. Liberales is dan ook tegen een gezondheidszorg met twee snelheden. Privatisering van de gezondheidszorg is volgens ons niet aan de orde. De overheid moet blijvende inspanningen leveren om een kwaliteitsvolle en betaalbare gezondheidszorg te verzekeren voor iedereen.

SUBSUBTITELArmoedebestrijding

De strijd tegen de armoede is voor Liberales zeer belangrijk. In onze welvarende samenleving zijn er nog teveel mensen die leven onder de armoedegrens, die verstoken blijven van elementaire gezondheidszorg omwille van de te hoge kosten voor chronisch en langdurig zieken of onbetaalbare behandelingen. Vanuit ons solidariteitsstreven kunnen wij dit niet aanvaarden. Via de 'World Health Declaration' van 1998 heeft België expliciet de principes van gelijkheid, solidariteit en sociale gerechtigheid onderschreven, waarbij werd bevestigd dat bijzondere aandacht zou gaan naar de mensen die het meest nood hebben aan zorg. Wij voelen ons hierdoor gesterkt in onze overtuiging en zijn er tevens van overtuigd dat de federale regering werk zal maken van de armoedebestrijding.

SUBSUBTITELActieve welvaartsstaat versterken

De uitgangspunten van de actieve welvaartsstaat zijn meer participatie, betere sociale bescherming en een hogere kwaliteit van leven. Doelstelling is een samenleving van actieve mensen waar arbeid, gezin en persoonlijk leven soepel combineerbaar zijn en waar adequate sociale bescherming geboden wordt die inspeelt op bestaande en nieuwe behoeften. Activeren betekent in feite dat we mensen moeten aanzetten en stimuleren om zo lang mogelijk actief te zijn zodat per saldo meer middelen vrijkomen voor uitkeringen aan personen die niet langer actief willen of kunnen zijn. De welvaartsstaat moet dus minder de passieve verstrekker van uitkeringen worden, maar meer actief optreden met het oog op (weder)inschakeling in het arbeidsproces. De klemtoon moet dus op de intrede of op de wederinschakeling gelegd worden.

In het kader van het gezondheidszorgbeleid is de rol van de actieve welvaartsstaat volgens Liberales enorm belangrijk. Wij pleiten ervoor om de actieve welvaartstaat te versterken. Dit betekent een besparing voor de overheid en zodoende worden ook meer inkomsten gegenereerd voor de sociale zekerheid.

Om deze intrede of wederinschakeling in het arbeidsproces tot stand te brengen zijn wel een aantal structurele en institutionele maatregelen nodig. De werkloosheidsval dient aangepakt te worden. Deze werkloosheidsval ontstaat als mensen geen financiële aanmoediging krijgen om uit hun werkloosheid te stappen. De overstap van passieve werkloosheid naar de actieve tewerkstelling kan gestimuleerd worden door een aantal maatregelen die praktisch een verschil uitmaken voor de betrokkenen, zoals het fiscaal aantrekkelijk maken van kinderopvang voor werkenden, het aanhouden van een verhoogde kinderbijslag gedurende een bepaalde periode, tewerkstellingspremie, herscholing van langdurig werklozen, individuele arbeidsbemiddeling, … Liberales pleit ervoor om de werkloosheidsval aan te pakken zodat meer mensen actief worden en dus minder afhankelijk worden.

Soortgelijke stimulansen kunnen uitgedacht worden voor de pensioensgerechtigheden. Het voorstel om het pensioen te combineren met werk is alvast een goede denkpiste (cfr. ouderenzorg). Zij kunnen langer actief zijn zonder hun recht op pensioen te verliezen.

SUBSUBTITELMaximumfactuur

Wie toch ziek wordt, moet geholpen worden door de samenleving. Voornamelijk chronisch en langdurig zieken hebben doorgaans te kampen met onbetaalbare gezondheidskosten. Hierdoor wordt hun bestaanszekerheid in het gedrang gebracht. Wie slechts af en toe ziek is, wordt goed beschermd. Wie veel en langdurig ziek is, kan ernstige financiële problemen krijgen en zelfs in armoede belanden.

De federale regering is van plan om de maximumfactuur in te voeren in de wet op de ziekteverzekering. Hierdoor zal het principe van bescherming van het gezin in functie van het gezinsinkomen tegen oplopende remgelden en van een bijkomende individuele bescherming van kinderen in de wet worden ingeschreven.

Liberales schaart zich achter dit principe van de maximumfactuur. Liberales wil een ingenieus systeem van remgeld, dat gekoppeld is aan het inkomen. Het geeft de waarborg aan elk gezin dat het gezin niet meer dan een bepaald bedrag zal uitgeven voor verzekerde en noodzakelijke gezondheidszorgen. De hoogte van dat bedrag hangt af van het gezinsinkomen. De beoogde gezondheidskosten zijn de remgelden en persoonlijke bijdragen voor erelonen van artsen en verpleegkundigen en kosten voor technische prestaties, noodzakelijke geneesmiddelen en hospitalisatiekosten. Het gezin moet neutraal gedefinieerd worden, ook alleenstaanden en samenwonenden zijn een gezin. In het systeem van de maximumfactuur worden gezinnen met een laag of bescheiden inkomen snel terugbetaald indien zij boven het bedrag van de maximumfactuur stijgen.

De maximumfactuur moet voor iedereen gelden. Het moet een recht zijn voor elk gezin onafhankelijk van het sociale statuut van dat gezin: actieven, niet-actieven, werknemers, ambtenaren en zelfstandigen moeten zonder onderscheid van dezelfde bescherming kunnen genieten. Maar zolang zelfstandigen een aparte regeling hebben voor de zogenaamde "kleine risico's", zal de maximumfactuur voor hen een beperkter effect hebben. Liberales pleit er voor dat zelfstandigen geïntegreerd worden in de algemene regeling van de ziekteverzekering, zodat zij voor kleine risico's dezelfde bescherming krijgen.

Goede gezondheidszorg veronderstelt nu een universele bescherming op maat van elk gezin en dat gecombineerd met zorg op maat van elke individuele patiënt. Aan deze combinatie van universele bescherming en individuele zorg op maat moet verder gewerkt worden. Het betreft volgens ons ongetwijfeld één van de grootste uitdagingen voor de hervorming van ons gans sociaal zekerheidsstelsel.

SUBSUBTITELBetere bescherming van de zelfstandigen

De ziekteverzekering (ziekte en invaliditeit) moet veralgemeend worden tot de zelfstandigen. Indien zelfstandigen ziek of invalide worden, vallen zij vaak terug op een te karige uitkering. Deze uitkering ligt zelfs voor sommigen onder het leefloon. Zij komen hierdoor soms in bestaansonzekerheid terecht. De inkomensvervangende uitkeringen bij arbeidsongeschiktheid moeten substantieel verhoogd worden om aan de zieke of invalide zelfstandigen een minimale bescherming te bieden. Zoals het eerste rapport Cantillon stelt, is het nodig om zowel bij werknemers als bij zelfstandigen naar één enkel systeem te evolueren waarin een identieke tegemoetkoming wordt toegekend aan alle gerechtigden die behoefte hebben aan hulp.

Door de nieuwe regels inzake verzekerbaarheid worden in België de kosten inzake gezondheidszorg voor bijna iedereen gedekt. Niettemin blijven voor sommige zelfstandigen twee problemen bestaan. Zelfstandigen die geen bijdragen betaalden aan hun sociaal verzekeringsfonds verkrijgen binnen de verplichte verzekering geen terugbetalingen voor hun gezondheidszorgen (grote risico's). Zelfstandigen die niet (wettelijk of aanvullend) verzekerd zijn voor 'kleine risico's' verkrijgen geen tussenkomsten voor de prestaties die ambulant verstrekt worden (geneesmiddelen, thuisgezondheidszorg en verstrekkingen in rusthuizen).

Deze verschillen kunnen ons inziens best weggewerkt worden teneinde de bescherming van de zelfstandigen te verbeteren. Bepaalde zelfstandigen zullen evenwel niet geneigd zijn om dit systeem te volgen. Maar wij zijn er van overtuigd dat zij wel van mening zouden veranderen indien zij ernstig ziek of invalide worden. Dan is het meestal te laat. Voor de financiering van deze bijkomende bescherming moeten we natuurlijk het stelsel van de bijdragen herbekijken.

SUBSUBTITELVerzet tegen numerus clausus

Liberales is tegen elke vorm van numerus clausus. Sommige partijen denken aan een instapdrempel voor artsen. Toch blijkt uit studies dat dit nefast kan zijn en op termijn kan leiden tot een tekort aan artsen met wachtlijsten tot gevolg. Elke vorm van numerus clausus is volgens Liberales een reflex van behoudsgezindheid. Elke vorm van beroepsbescherming stoot ons tegen de borst omdat het talentvolle jongeren de kans kan ontzeggen om zich te ontplooien.

Jarenlang gold de Nederlandse gezondheidszorg als een voorbeeld voor West-Europa. Ook in België keken we vol bewondering toe op de getrapte toegang, waarbij de huisarts centraal stond, naar de numerus clausus die het aantal artsen en specialisten in de hand hield en naar de goed uitgebouwde preventie. Maar sedert enkele jaren is gebleken dat de werkelijkheid niet zo rooskleurig is. De numerus clausus werd te strikt toegepast waardoor een tekort aan artsen is ontstaan met de gekende wachtlijsten tot gevolg. Wie een consultatie wil bij een huisarts, moet zich eerst voorbij de assistente proberen te praten, die als eerste taak heeft om zoveel mogelijk patiënten af te wimpelen. Patiënten die geopereerd moeten worden, belanden voor maanden op een wachtlijst, eerst om een afspraak te krijgen en daarna om behandeld te worden.

Deze numerus clausus leidt ertoe dat er een geneeskunde met twee snelheden wordt gecreëerd. Eén voor diegene die het zich kunnen veroorloven om zware financiële inspanningen te leveren om zorgen toegediend te krijgen en diegene die moeten wachten op de overheid.

In Nederland geven dokters toe dat lange wachtlijsten mensenlevens kost. In België mogen we dat niet laten gebeuren. In het Verenigd Koninkrijk is de toestand al niet beter. De erbarmelijke toestand van de openbare diensten is er niet langer houdbaar. Duizenden mensen sterven elk jaar omdat ze op ellenlange wachtlijsten terechtkomen. Studies wijzen er uit dat één op vier hartlijders en één op vijf longpatiënten zo lang moeten wachten dat hun kwaal ongeneeslijk wordt. Bovendien is de dienstverlening er slecht. Wie geld heeft, gaat naar de privé-sector. De National Health Service blijft met armen achter. De NHS wordt (op een heel klein deeltje na) gefinancierd door algemene belastingen en is (vrijwel) gratis voor de patiënt. En dat is één van de problemen. Waar de gezondheidszorg gefinancierd wordt door een systeem van sociale verzekeringen, zoals in België, beantwoordt de dienstverlening beter aan de noden.

De federale regering heeft onlangs een ontwerpbesluit goedgekeurd dat bepaalt dat er voor de periode 2004-2011 maar jaarlijks 700 artsen huisarts of arts-specialist mogen worden. Van die 700 mogen er 420 Vlamingen zijn en 280 Franstaligen. 240 Vlamingen mogen arts-specialist worden en 180 huisarts. Van de 280 Franstaligen mogen er 160 specialist worden en 120 huisarts. Ook voor de tandartsen geldt een gelijkaardige regeling. Zowel voor de artsen als voor de tandartsen is er mogelijkheid tot overschrijding van de quota, maar dan moeten de quota voor de volgende jaren met eenzelfde aantal verlaagd worden.

Sommige wetenschappers concludeerden onlangs dat België veel minder huisartsen telt dan men denkt. In plaats van 18 000 zijn er in België nauwelijks 8 000 huisartsen aan de slag. Velen van hen gaan daarenboven binnen 10 jaar met pensioen. We kunnen terecht stellen dat er een tekort dreigt als er niet tijdig maatregelen getroffen worden. De vooropgestelde contingentering kan onmogelijk de gaten opvullen.

Liberales stelt de contingentering van de artsen door de federale regering in vraag. Wij vragen met aandrang om dit ontwerpbesluit alsnog niet goed te keuren of alvast niet uit te voeren totdat sluitende prognoses voorhanden zijn.

SUBSUBTITELSneller registreren en terugbetalen van geneesmiddelen

De terugbetaling van bepaalde geneesmiddelen kan soms zeer lang duren. Het is belangrijk dat de patiënt zo snel als mogelijk toegang krijgt tot de nieuwe geneesmiddelen die op de markt komen. Daartoe dienen de termijnen tussen de registratie en de terugbetaling van geneesmiddelen te worden ingekort. De terugbetaling van nieuwe, noodzakelijke geneesmiddelen moet versneld worden.

Vanuit ethisch oogpunt is het onze taak om zo vlug als mogelijk diegene te helpen die levensnoodzakelijke en soms zeer dure (nog niet terugbetaalde) geneesmiddelen moeten innemen. De termijn die soms kon oplopen tot 600 dagen werd herleid tot 180 dagen. Liberales is voorstander om de termijn van registratie en terugbetaling van geneesmiddelen zo kort mogelijk te houden. Vandaar ons pleidooi tot vereenvoudigde structuren en snellere procedures. De opgelegde timing moet strikt worden opgevolgd.

Zo is het mogelijk om verouderde en minder adequate geneesmiddelen sneller te vervangen door moderne, meer gerichte geneesmiddelen. We kunnen zelfs stellen dat dit ook tot meer concurrentie zal leiden, die dan weer voordelen heeft voor de prijszetting en de innovatieve kracht.

SUBSUBTITELOuderenzorg

Het percentage 65-plussers in de bevolking neemt gestaag toe en deze trend zal zich blijven voortzetten. Dit brengt verschillende problemen met zich: niet alleen zal de zorgbehoefte waarschijnlijk toenemen en zal de gezondheidszorg mogelijk anders moeten worden opgezet, maar ook de levenskwaliteit van de vergrijzende bevolking moet op peil worden gehouden. De gezondheidsbevordering kan hier een oplossing bieden, zowel door ouderen minder afhankelijk te maken van gezondheidszorg en sociale voorzieningen, als door hen te helpen goed te blijven functioneren en hun zelfstandigheid en sociale contacten in stand te houden. De verlenging van het leven, samen met meer jaren in goede gezondheid, betekent een vooruitgang voor het individu.

De vergrijzing doet niet enkel de pensioenkosten stijgen. Het heeft veel meer implicaties voor de kosten van de gezondheidszorg. Het ouderenbeleid komt er volgens Liberales op neer dat men zowel rekening houdt met de pensioenen als met de gezondheidszorg. Deze twee elementen moeten tegelijkertijd aangepast worden aan de noden die op ons afkomen in de komende decennia. Een actieve welvaartsstaat die zich tot doel stelt zoveel mogelijk mensen actief te laten bijdragen tot de welvaart en welzijn van onze samenleving moet er dus voor zorgen dat deze last dragelijk wordt gehouden.

SUBSUBTITELPensioenstelsels hervormen: meer vormen van kapitalisatie aanmoedigen

De leeftijdspiramide met onderaan een brede basis van jonge mensen tegenover een smal topje bovenaan van hoogbejaarden evolueert vandaag - deels ten gevolge van een dalende nataliteit, deels ten gevolge van de stijgende levensverwachting - naar een omgekeerde piramide. Een smalle basis van jonge mensen draagt het volle gewicht van een nog steeds verder uitdijende top van ouderen. We kunnen tot de conclusie komen dat het Belgische systeem van repartitie een steeds groter wordende en op termijn niet langer houdbare last wordt op de schouders van de jongere generaties.

De verschillende financieringsmethoden voor de pensioenstelsels blijft een punt van discussie in België. Zowel repartitie- als kapitalisatiestelsels hebben hun specifieke waarde. Bij repartitie ligt de nadruk op de solidariteit tussen de generaties en de noodzaak om zoveel mogelijk te streven naar sociale samenhang. Bij kapitalisatie gaat het om individuele pensioenopbouw en komt financiering minder in het gedrang bij omkering van de bevolkingspiramide. In Nederland bedraagt het totaal kapitaal in pensioenfondsen ongeveer 115% van het BNP. Het spreekt voor zich dat de last van de vergrijzing daarom niet zo zwaar zal wegen op onze noorderburen als op ons. Een directe omschakeling van repartitie naar kapitalisatie is weliswaar niet realistisch. De huidige actieve generatie zou immers dubbel mogen betalen voor de nu al zware pensioenlast.

Het wettelijk pensioen moet volgens Liberales altijd gegarandeerd blijven. We zijn wel voorstander voor een langzame overgang van het repartitiesysteem naar een kapitalisatiesysteem.

Wij vinden het Zilverfonds een stap in de goede richting. Om tegemoet te komen aan de onvermijdelijke budgettaire gevolgen van de vergrijzing werd dit Zilverfonds opgericht. Dit betreft een reservefonds en geenszins een systeem van kapitalisatie. Dit Fonds heeft als doelstelling om reserves aan te leggen die toelaten om in de periode 2010-2030 de extra-uitgaven van de diverse wettelijke pensioenstelsels ten gevolge van de vergrijzing te betalen. De beste garantie tot betaalbaarheid blijft natuurlijk de afbouw van de zeer hoge Belgische schuld. Daarnaast lijkt het ons interessant dat het Zilverfonds reserves opbouwt die noodzakelijk zullen zijn in de toekomst.

Ook de deelstaten moeten sparen om hun uitgavenstijging door de vergrijzing van de bevolking de komende decennia op te vangen. Vlaanderen doet dat al een beetje met de zorgverzekering, het pensioenfonds voor de ambtenaren en de drastische schuldafbouw. De andere deelstaten doen dat in mindere mate. Liberales roept alle deelstaten op om soortgelijke en nieuwe initiatieven te nemen. Deelstatelijke Zilverfondsen zouden een optie kunnen zijn. Specifieke bevoegdheden die eigen zijn aan de deelstaten en die in aanraking komen met de stijgende kosten van de vergrijzing zouden hiermee deels kunnen opgevangen worden.

SUBSUBTITELVeralgemenen van de aanvullende pensioenen

Liberales is voorstander om een veralgemening van de aanvullende pensioenen door te voeren. Deze tweede pijler zou niet langer vrijblijvend geregeld kunnen worden maar wel door collectieve arbeidsovereenkomsten, binnen de bedrijfstakken, zodat bijna alle werknemers hierbij betrokken zijn. De sociale partners zouden in de komende cao-onderhandelingen in de bedrijven en de bedrijfstakken voluit moeten kiezen voor de opbouw van een aanvullend pensioen voor alle werknemers, eerder dan voor loonsverhogingen. Het bestaan van de aanvullende pensioenen mag niet als argument gelden om het wettelijk pensioen relatief te ontwaarden. De aanvullende pensioenen mogen niet het voorrecht blijven van een kleine minderheid. Wij willen dat iedereen een degelijke bescherming kan genieten voor zijn 'oude dag'.

Daarbovenop komt dan de derde pijler van het individueel pensioensparen via privé financiële instellingen, uiteraard met kapitalisatie. Deze vorm van individueel pensioensparen moet verder aangemoedigd worden.

Op korte termijn pleit Liberales dus voor een gemengde structuur waarin het wettelijk stelsel steunt op repartitie, en waarin aanvullende regelingen steunen op kapitalisatie. Wij vinden de solidaire component die aanwezig is binnen het repartitiestelsel van groot belang. Dit bevestigt onze intergenerationele solidariteit. Daarnaast willen wij een betaalbaar pensioenstelsel dat de actieve bevolking niet teveel belast. Vandaar ons pleidooi voor een langzame opbouw van het kapitalisatiesysteem.

SUBSUBTITELFlexibele vormen van pensionering en combinatie van pensioen met verder werken

Flexibele vormen van pensionering moeten ontwikkeld worden en geleidelijk in de plaats gesteld worden van de verschillende vormen van de bestaande einde loopbaan regelingen (vnl. brugpensioen). We moeten ophouden met mensen steeds vroeger af te schrijven. Een actieve welvaartstaat betekent dat mensen langer actief kunnen zijn en dat ze zelf bepalen hoe ze hun werk en hun leven willen organiseren. De samenleving moet hen die mogelijkheid geven. De mogelijkheid moet gecreëerd worden om tijdens de loopbaan wat meer rustmomenten in te bouwen. Dit zal ertoe leiden dat deze personen op latere leeftijd nog productiever en gemotiveerd zijn.

Mensen moeten dus minder vroeg afgeschreven worden en er moet gekozen worden voor meer vormen van flexibiliteit. Het voorstel van Liberales tot annualisatie van de arbeidsduur, de tijdsspaarrekening en de vierdaagse werkweek zonder arbeidsduurverkorting passen hier perfect in.

Stimulansen kunnen uitgedacht worden voor personen die de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt maar nog verder actief willen zijn. Hier zou de mogelijkheid moeten bestaan voor ouderen om, indien ze dat willen, op hun tempo verder te werken. Zo ontvangen ze naast hun voorziene pensioen gewoon verder een loon dat via de personenbelasting wordt aangegeven. Het lijkt ons opportuun dat deze gepensioneerden minstens de vrijheid zouden hebben om zelf te kiezen of men verder wil blijven werken of niet, en dat met behoud van de pensioenrechten die ze tijdens hun actieve beroepsloopbaan hebben opgebouwd. Dit komt de gepensioneerden ten goede die voort willen werken, de arbeidsmarkt die gemotiveerde arbeidskrachten bijkrijgt, alsook ervaring behoudt en de overheid die bijkomende inkomsten verwerft zonder uitgaven.

SUBSUBTITELEen volwaardig pensioen voor de zelfstandigen

Het verhogen van de pensioenen voor zelfstandigen dient nagestreefd, met dien verstande dat ofwel de integratie van de zelfstandigen in de sociale zekerheid toeneemt ofwel initiatieven tot hun onderlinge solidariteit sterker worden aangemoedigd. Het tweede rapport Cantillon brengt verschillende voorstellen aan om de bestaansonzekerheid van sommige gepensioneerde zelfstandigen te vermijden.

Voor gepensioneerden met in hoofdzaak een loopbaan als zelfstandige en die geen of slechts beperkte rechten hebben opgebouwd in de individuele derde pijler zijn de pensioenuitkeringen absoluut ontoereikend. Ruim 10% van de gepensioneerden in de zelfstandigenregeling ontvangt het 'Gewaarborgd Inkomen voor Bejaarden', tegenover 4% in het werknemersstelsel. De wettelijke minimumpensioenen zijn dan ook te laag. Deze ontoereikendheid gaat gepaard met ondoorzichtigheid van de regelgeving en met belangrijke distorsies tussen bijdragen en uitkeringen. Het 'Vrij Aanvullend Pensioen' kent erg weinig succes. De bekendheid van deze tweede pijler is gering. Een ander probleem betreft de betaalbaarheid van het stelsel in de toekomst. Additionele middelen lijken onafwendbaar.

Liberales stelt voor om bestaande systeem te hervormen. Wij kunnen niet toelaten dat zelfstandigen die hun ganse leven hard gewerkt hebben en die ervoor gezorgd hebben dat er werk voor anderen werd gecreëerd uit de boot vallen en in bestaansonzekerheid dreigen te vallen door de te kleine pensioenen. Het is de plicht van de overheid om voor iedereen minstens het leefloon te voorzien. Het is daarnaast noodzakelijk dat er structureel ingegrepen wordt, zowel aan de zijde van de inkomsten als van de uitkeringen. Liberales pleit dan ook voor een toenadering tot de werknemersregeling. Daarnaast moet natuurlijk het systeem van de bijdragen herbekeken worden.

SUBSUBTITEL'Dump-mentaliteit' wijzigen - uitwerken van goede systemen van thuiszorg - stimuleren van mantelzorg

We moeten de 'dump-mentaliteit' wijzigen. In bepaalde culturen verdienen de ouderen veel respect omwille van hun levenservaring en wijsheid. In onze Westerse cultuur bestaat daarentegen net het tegenovergestelde. Eens men niet meer actief is en men niet meer goed te been is, voeren we mensen af naar het rusthuis waar men stilletjes wacht op zijn of haar dood. Kennis en ervaring houden niet op bij het verlaten van de arbeidsmarkt. Ouderen moeten niet enkel gezien worden als afhankelijken maar als creatieve krachten die een waardevolle inbreng kunnen hebben in de samenleving. Denken we bijvoorbeeld maar aan hun rol in het verenigingsleven, de opvang van de kleinkinderen, … De ouderen verdienen veel respect voor hun rol in de samenleving. We moeten ze dan ook met respect behandelen en afstappen van de 'dump-mentaliteit'.

Het verblijf in een rusthuis kost daarenboven handen vol geld voor de oudere. Een rusthuis kost al vlug 1000 tot 1500 euro per maand. Het aantal mensen met dergelijk pensioen is niet groot. Het minimumpensioen van iemand die een heel leven gewerkt heeft, bedraagt soms niet eens driekwart van de kost van een verblijf in een rusthuis. De meeste ouderen moeten dan ook hun spaarcenten aanspreken of beroep doen op hun kinderen of het OCMW. We moeten ons de vraag durven stellen of we deze 'dump-mentaliteit' nog kunnen volhouden en niet eerder moeten opteren voor de uitbouw van de thuiszorg en de mantelzorg. Slechts in het uiterste geval, wanneer de afhankelijkheid te groot wordt en de zelfredzaamheid volledig verdwenen is, kan het rust- en verzorgingstehuis een optie vormen. Gezien de hoog oplopende kost van de intramurale zorg is het voor Liberales dan ook geen argument om deze zorg te verkiezen boven de ambulante of extra - murale zorg. 'Een kwalitatieve zorg' en 'kostenbeheersing' hoeven zeker geen uitersten te zijn, op voorwaarde dat de zorg goed wordt georganiseerd.

De 'cliënt' moet zich nu vaak aanpassen aan de voorzieningen die hem/haar aangeboden worden. Het huidige systeem kenmerkt zich m.a.w. door een "structureel paternalisme". Structureel omdat het niet een persoon is die bepaalt wat goed is voor iemand, maar een structuur, een wijze van organiseren van de zorg.

Liberales vindt trouwens dat het zorgsysteem meer zou moeten vertrekken vanuit een recht - op - autonomie-filosofie. Wanneer het recht op autonomie van iedere zorgvrager wordt centraal gesteld, impliceert dit een overheidsbeleid waarbij die persoon ook centraal wordt gesteld. Door hieraan een verantwoordelijkheid toe te voegen voor de zorgvrager zelf, moet de overheid erin slagen om de zorg enerzijds kostenbewust én anderzijds toch op maat van de zorgbehoevende te maken.

In Nederland werd in dit kader al eerder de idee gelanceerd van een persoonsgebonden budget. Het komt erop neer dat aan de zorgvrager een budget, overeenkomstig zijn hulpbehoevendheid, ter beschikking wordt gesteld. Volgens de experimenten die hierrond gebeurden, bleek dat veel ouderen op een veel creatievere wijze gebruik maken van dit budget. Bovendien maakten de mensen die deelnamen aan het experiment 3,5 maal minder van de kans gebruik om te verhuizen naar een verzorgingstehuis dan de mensen in de controlegroep die geen budget toegewezen kregen. Hoewel dit voorstel nog in z'n kinderschoenen staat en niet duidelijk is hoe hoog dat budget moet zijn, geeft dit wel aan dat intramurale zorg slechts in laatste instantie een optie hoeft te zijn.

De stijging van het aantal kleinere en minder stabiele familiestructuren kan het sociale netwerk dat de familie is evenwel ondermijnen en het zorg- en oppasaanbod in de families beperken. Het zo goed mogelijk ondersteunen van de oudere en het zo lang mogelijk behouden van de zelfredzaamheid en zelfbeschikkingsrecht moet een absolute prioriteit zijn. Daarnaast moeten we ervoor zorgen dat de oudere zo lang mogelijk thuis kan blijven wonen. Thuis kunnen blijven is nog steeds de wens van de grote meerderheid van de ouderen. Om dit te realiseren moet er onder andere een optimaal aanbod voorzien zijn inzake huisvesting (serviceflats, aangepaste appartementen en huizen, edm.) met bijzondere aandacht voor aangepaste en nieuwe woonvormen. Een actieve welvaartsstaat legt de nadruk op preventie in de ruime zin van het woord (sociaal, mobiliteit, woonbeleid, …). Dit moet in de toekomst meer voorop komen te staan.

Mantelzorg is de niet betaalde zorg, verleend door de omgeving van de oudere. De belangrijkste manteldragers zijn de partner en de kinderen, maar ook buren, vrienden, kennissen en familie. Het vormt een onderdeel van de solidariteit binnen en tussen generaties. Volgens Liberales moet deze mantelzorg op zijn waarde ingeschat worden. Er moet van overheidswege geïnvesteerd worden om deze mantelzorg als vorm van solidariteit mogelijk te maken. Men moet bijvoorbeeld voldoende tijdskrediet kunnen opnemen tijdens de beroepsloopbaan.

De thuiszorg-ondersteunende en thuiszorg-verlenende diensten en voorzieningen moeten uitgebreid worden. De thuisverpleging neemt in het zorggebeuren een belangrijke plaats in. We moeten meer oog hebben voor de situatie van de oudere thuis. Indien we de 'dump-mentaliteit' willen wijzigen en de oudere zelfredzaam houden en hen de kans geven om langer thuis te blijven, moeten we werk maken van een goede thuiszorg: diensten voor thuiszorg, thuisverpleging, maaltijden aan huis, poetshulp, kinesitherapie, … Volgens Liberales moet er een pakket op maat komen voor elke oudere. De verschillende aspecten van thuiszorg moeten daarom geïntegreerd worden in een totaal pakket. De oudere moet de mogelijkheid krijgen om die zaken te kiezen die hij/zij nodig heeft. De organisatie van de zorg op maat moet dan gebeuren door de specifieke diensten. De nodige financiering, onder andere om alles op elkaar af te stemmen en het maatpakket uit te werken, moet van overheidswege voorzien worden.

De oudere moet over het verloop van de levensfase waarin hij aangewezen is op zorg, kunnen rekenen op de zorg waaraan hij behoefte heeft en die hij vrij verkiest. De oudere wordt dus centraal gesteld.

SUBSUBTITELPluralistisch zorgaanbod voor de oudere

Op het domein van de ouderenzorg zijn er verschillende partijen actief: de overheid, de privé-profit en de privé-non-profit of social - profit sector. Naast deze formele sector is er ook een informele sector (de mantelzorg - familie & vrienden, vrijwilligers en zelfzorg). De historiek van deze welfare mix is zo oud als de welvaartsstaat zelf. Dit is dus niet nieuw. Wel nieuw zijn de verschuivingen die zich de laatste tijd voordoen tussen deze sectoren. De informele en commerciële zorg kennen de laatste jaren een groeiende aandacht als alternatief voor de door de overheid verstrekte zorg.

De bereidheid om familieleden te helpen blijft heel groot. Maar door de groeiende vergrijzing en de kleinere actieve bevolking wordt de draaglast steeds groter bij een afnemende draagkracht. Daarom is steun van de overheid onontbeerlijk. Liberales vindt dat de overheid naast het verstrekken van formele hulp ook de informele hulp moet stimuleren.

Ten eerste zijn er uiteraard de vele voorzieningen die de zorgverstrekking door de informele zorgverleners ondersteunen: de diensten voor thuisverpleging, thuisbegeleidingsdiensten,...

Vervolgens zou de overheid de maatregelen die gericht zijn op het tijdelijk ontlasten van de informele verzorgers kunnen uitbreiden en optimaliseren. Meer geld en ruimte voor dagverzorgingscentra, nacht-of dagopvang, kansen op loopbaanonderbreking voor de verzorgers,....

Ten derde kan een "vergoede informele zorg" een optie zijn om deze sector leven in te blazen. Dit is een betaalde, niet-professionele zorg. In concreto zou het kunnen gaan om het vervangen of ontlasten van de mantelzorg, waarbij een overeenkomst wordt gesloten tussen hulpbehoevende en hulpverstrekker. Een soort van - vrij te besteden budget - zou hier van pas kunnen komen. Voorlopig is mantelzorg in België slechts symbolisch financieel ondersteund, terwijl dit in sommige buurlanden wel al gebeurt.

In België is de commerciële sector het meest actief op het vlak van intramurale zorg. Steeds meer rusthuizen worden commercieel uitgebaat, met alle positieve en negatieve gevolgen vandien. Tussen 1980 en 1994 is het aandeel van de commerciële rusthuizen gestegen van 21% naar meer dan 30%, en deze evolutie lijkt hierbij niet te zijn gestopt. Een gelijkaardige tendens herkennen we bij de service flats.

Ook in de ambulante ouderenzorg speelt dit commercieël circuit een rol. Bij de huishoudelijke activiteiten bijvoorbeeld schakelen meer bejaarden private bejaardenhulp en/of poetshulp in dan er zijn die beroep doen op dergelijke hulp uit het formele circuit.

SUBSUBTITELPalliatieve zorgen beter uitwerken en verlonen

Gezondheidszorg moet menswaardig zijn en dus ook aandacht hebben voor het meeleven met en begeleiden van de stervende mens. Veel mensen willen thuis sterven, met hun partner, kinderen en vrienden rond zich. We moeten evenwel vaststellen dat in realiteit de meerderheid in een ziekenhuis sterft. Thuis sterven is meestal duurder voor de patiënt maar goedkoper voor de gemeenschap, voor sterven in het ziekenhuis geldt het omgekeerde. Liberales vindt dat stervensbegeleiding thuis toegankelijker moet gemaakt worden. De overheid moet hier inspanningen voor leveren.

Het taboe rond de dood is in onze Westerse cultuur ingebakken. Het maatschappelijk debat over palliatieve zorg mag weliswaar niet vergeten worden. Palliatieve zorg is nog te weinig bekend. De kennis over pijnbestrijding is weinig verspreid. Liberales pleit voor de inbouw van de palliatieve zorg in de artsenopleiding. Een huisarts die palliatieve zorgen verstrekt moet hiervoor beter verloond worden. De begeleiding van een palliatieve patiënt vraagt immers veel aandacht en zorg; het is eveneens belastend voor de arts.

Elk ziekenhuis moet experts hebben in stervensbegeleiding. Dit lijkt ons belangrijk in verband met de euthanasiewet. Elke patiënt moet de mogelijkheid krijgen om zich voldoende te informeren over pijnbestrijding en stervensbegeleiding.


Liberales

25 mei 2002



Deze tekst werd opgesteld naar aanleiding van de studiedag 'Gezondheidszorg, de zekerheid van Vlaanderen' die VLD en NCD organiseerden.

Liberales

Share |

4de Karl Popperlezing met Hans Achterhuis

Deze lezing vindt plaats op dinsdag 5 oktober om 20u in het Liberaal Archief, Kramersplein 23 te Gent. Na de lezing is er een receptie. Toegang is gratis, maar gelieve wel in te schrijven op verhofstadt.dirk@telenet.be.

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Andreas Tirez
gsm: +32485 24 46 71
andreas@liberales.be