Is dagen zonder vlees betuttelend? - Johannes Derboven

Is dagen zonder vlees betuttelend? - Johannes Derboven

Het lijkt een jaarlijkse traditie te beginnen worden. Wanneer ‘Dagen Zonder Vlees’ net gelanceerd is, wordt door de sectorfederatie van de vleesindustrie de klimaatimpact van vlees met de meest absurde beweringen geminimaliseerd. Zo wist Hendrik Vandamme van het Algemeen Boerensyndicaat dit jaar te melden dat de vleesindustrie de principes van de circulaire economie reeds toepast. De soja die aan de dieren wordt gegeven als voeding, is namelijk het restproduct van de productie van sojaproducten zoals tofu. Daarnaast worden de sojabonen die gebruikt worden om tofu te maken van de andere kant van de wereld naar hier gebracht. Hiermee lijkt hij te suggereren dat de vegetariërs de echte boosdoeners zijn voor het milieu. “Tofu-adepten zouden de veehouders dankbaar moeten zijn voor het opruimen van hun ecologische troep”, zo stelt hij in zijn column hierover in De Morgen. In de realiteit hebben plantaardige producten zoals tofu echter een ecologische voetafdruk die 3 tot 20 keer lager is dan die van dierlijke producten, los van waar de sojabonen geproduceerd zijn.

Maar wat te denken over initiatieven zoals ‘40 Dagen Zonder Vlees’. Betuttelend? Paternalistisch? Dit lijkt niet echt de intentie te zijn. Bewustwording over de impact van vleesconsumptie op het klimaat lijkt eerder de drijfveer. Dat de vleesindustrie een groot aandeel heeft in de uitstoot van broeikasgassen kan niet genegeerd worden. In Europa gaat het hierbij over een aandeel van 12 tot 17 procent. En dat klimaatopwarming een van de grootste problemen is van deze tijd, valt daarnaast ook niet te ontkennen. Op mondiale schaal hebben we als antwoord op dit probleem onder meer het akkoord van Parijs. Door toedoen van dit akkoord zal getracht worden de wereldwijde temperatuurstijging onder de 2°C te houden (ten opzichte van de pre-industriële periode). ‘Dagen Zonder Vlees’ lijkt hieraan te willen bijdragen, maar dan op kleinere schaal en door in te spelen op de impact van het individuele gedrag. Dergelijke vrijwillige initiatieven simpelweg wegzetten als betuttelend, is daardoor veel te simplistisch.

De associatie tussen vegetarisme en betutteling komt natuurlijk niet uit de lucht gevallen. Vegetarisme wordt vaak geassocieerd met ‘biologische voeding’ of met ‘lokale voeding’. Biologische en lokale producten worden dan als de goede keuze naar voor geschoven, want beter voor het milieu. Als je deze producten koopt doe je iets goed! Voor de stelling dat biologische voeding beter is voor het milieu is echter nog geen sterke wetenschappelijke evidentie gevonden. Dit komt onder meer doordat bio-landbouw een veel lagere productieopbrengst heeft, waardoor er meer landbouwgrond voor nodig is. Dat lokale producten altijd beter zijn voor het milieu gaat ook niet op. De milieu-impact van producten hangt namelijk af van verschillende factoren: van de manier van produceren, van het moment van produceren, van hoe lang de producten daarna bewaard worden in koelcellen, enz. Lokale producten komen hierdoor niet altijd als de meest milieuvriendelijke uit de bus.

Wat we wel weten, is dat dankzij de groene revolutie en de globalisering er massaal veel mensen uit de (extreme) hongersnood en armoede zijn geraakt. Lokale producten promoten gaat dus in tegen de kennis die we hebben over de werking van de vrije markt en de manier waarop deze kan zorgen voor goedkopere producten en voor meer welvaart. Het terugplooien op de kleine lokale gemeenschap voor voedselproductie, wordt in ‘groene middens’ vaak naar voren gedragen als een van de oplossingen voor de milieuproblematiek, maar gaat daarbij volledig voorbij aan de negatieve welvaartsimplicaties die dit zou veroorzaken.

Vegetarisme kan dus best los gezien worden dergelijke motieven. Beweringen over biologische voeding en lokale producten zijn gelukkig dan ook (zo goed als) niet te vinden in de communicatie rond ‘Dagen Zonder Vlees’. Wel zetten ze in op volledig plantaardige voeding (veganisme), seizoensproducten, minder voedselverspilling en minder voedselverpakking. Allemaal zaken waarvan de impact op de uitstoot van broeikasgassen moeilijk(er) te betwisten valt.

Wat bij ‘Dagen Zonder Vlees’ wel volledig ontbreekt, is de link tussen vleesconsumptie en dierenleed. Hoewel klimaatopwarming redelijk abstract is, valt dierenleed makkelijker voor te stellen. Het leed van dieren zal in zekere mate overeenkomen met het lijden zoals we dat als mens zelf ervaren. Maar blijkbaar is het makkelijker om vegetarisme te promoten door in te spelen op de negatieve milieu-implicaties hiervan, dan door te wijzen op het dierenleed in de vleesindustrie. Beide aspecten – minder uitstoot van broeikasgassen en minder dierenleed – gaan natuurlijk hand in hand wanneer men ervoor kiest om minder dierlijke producten te consumeren. Daarom zijn er weinig redenen te bedenken om een vrijwillig initiatief, dat mensen wil motiveren om hun handelen zo aan te passen zodat het positieve effecten heeft voor het milieu en voor de dieren, als betuttelend weg te zetten. Of zijn ngo’s zoals Unicef dan ook betuttelend? Want die proberen jou ook te beïnvloeden, door te zeggen waar je jouw geld aan zou moeten spenderen.


Johannes Derboven

De auteur is kernlid van Liberales

Links

johannes.derboven@gmail.com

Fences - Denzel Washington

Fences - Denzel Washington

Pleidooi voor een vermogensbelasting - Pieter Buteneers

Pleidooi voor een vermogensbelasting - Pieter Buteneers