Pleidooi voor de legalisering van drugs – Jef Druyts

Pleidooi voor de legalisering van drugs – Jef Druyts

Het drugsdebat is terug van nooit weggeweest. Al betekent de aanleiding een dieptepunt, want een onschuldig kind stierf door de drugsoorlog die in de Antwerpse straten woedt. Het politiek opbod voor repressieve maatregelen kwam al snel op gang, maar toch is er in deze tijd net moed nodig om de legalisering van drugs te verdedigen. Pleiten voor legalisering houdt niet in dat de risico's en gevaren van drugs worden geminimaliseerd of onderschat. Het is juist een manier om een antwoord te bieden op de negatieve gevolgen ervan. Legalisering is dus geen doel op zich, maar een middel. Hoe paradoxaal het ook mag klinken: legalisering heeft een positief effect op de samenleving.

Uit onderzoek van Sciensano blijkt dat het aantal mensen dat ooit cannabis heeft gebruikt tussen 2001 en 2018 is verdubbeld van één op de tien naar één op de vijf. In tegenstelling tot wat mensen denken, wordt slechts vijf à tien procent gezien als problematisch gebruik[1], terwijl cannabis negentig procent van het illegaal druggebruik[2] vertegenwoordigt. Of het nu voor recreatief gebruik is of omwille van een verslaving, nog steeds moeten deze mensen hun drugs zoeken op de illegale markt. Hierdoor dragen ze onrechtstreeks bij tot de georganiseerde misdaad. Deze criminele organisaties zijn dan ook de grootste voorstanders van een drugsverbod, want een verbod is de beste garantie op consumenten die een hoge prijs betalen. De enorm grote risico’s om in een illegale markt te opereren worden ingecalculeerd in de verkoopprijs en voor de gebruiker is er geen alternatief. Het zorgt dus voor een verdienmodel met torenhoge winsten en drugsbendes die bereid zijn om geweld aan te wenden om die te verdedigen. Het drugsverbod zorgt dus voor méér geweld, niet voor minder.

Toch blijft het vertrouwen in de war on drugs overeind. Deze wordt al sinds de jaren zeventig wereldwijd gevoerd, maar kent tot nog toe weinig success. De douane schat dat tien à vijftien procent van de gesmokkelde cocaïne wordt onderschept[3], terwijl momenteel zestig procent van de middelen voor politie en justitie naar het onderzoeken en vervolgen van drugsfeiten[4] gaat.  Het drugsverbod weegt op de politionele en gerechtelijke diensten, die nu al een enorm hoge werkdruk en achterstand in dossiers kennen. Het is een druppel op een hete plaat, terwijl de maatschappelijke kosten enorm hoog zijn.

Het houdt daar echter niet op. Met een drugsverbod wil de overheid de burger beschermen tegen producten die een gevaar zijn voor de volksgezondheid. Toch is het net door dat verbod dat onze volksgezondheid een groter risico loopt, want gebruikers weten niet wat ze aankopen. Een foute samenstelling van drugs of een verkeerde dosering kan drastische gevolgen hebben. Mensen die drugs gebruiken om welke reden dan ook moeten dat niet bekopen met hun leven. Hopelijk leven we niet in een maatschappij waarin we dat normaal vinden.

Met een drugsverbod is de georganiseerde misdaad dus de winnaar en de volksgezondheid de verliezer. We moeten het geweer van schouder veranderen, want het beleid van de laatste decennia heeft nog nooit gewerkt. De academische wereld pleit daar al langer voor. Al zijn de meningen wel verdeeld over decriminalisering of legalisering. Bij decriminalisering wordt drugsgebruik uit de strafwet gehaald, terwijl bij legalisering er een wettelijk kader is voor de verkoop en het gebruik van drugs.

Toch wil ik pleiten voor een legalisering van drugs, want bij decriminalisering blijft de productie en verkoop zich begeven in de illegaliteit. Wanneer mensen denken aan legalisering is de eerste reactie negatief. Dat is te begrijpen, maar legaliseren betekent niet dat iedereen aan het snuiven slaat. Het gaat hand in hand met reguleren. Net zoals er bij alcohol en tabak voorwaarden zijn voor de productie en consumptie, kan dit ook voor drugs. Alcohol is gevaarlijker dan cannabis of cocaïne[5] en toch is de consumptie ervan genormaliseerd in onze samenleving. Dat is echter nog geen argument vóór de legalisering van drugs. Er kan evengoed gepleit worden om ook alcohol en tabak te verbieden omwille van de negatieve effecten op de samenleving.

Laat ons echter niet vergeten dat repressie nog nooit heeft gewerkt. Dat heeft de geschiedenis ons geleerd. De drooglegging van de jaren twintig in de Verenigde Staten heeft voor een gigantische illegale markt gezorgd, met alle gevolgen vandien. Het verbod op alcohol was niet te handhaven voor politie en justitie en werd daarom dertien jaar later teruggeschroefd[6]. Toch blijft dezelfde redenering voor drugs uit. Hoe je het draait of keert, er zullen altijd mensen zijn die drugs gebruiken. Met de legalisering van drugs haal je die gebruikers weg van de illegale markt en snijd je in de inkomstenbronnen van de georganiseerde misdaad. Met andere woorden: we moeten gaan voor een nieuwe drooglegging, maar deze keer van de georganiseerde misdaad.

Als overheid kan je zelf de productie overnemen of deze laten uitvoeren door verenigingen zonder winstoogmerk. De verkoop van drugs moet allesbehalve een verdienmodel worden, maar moet dienen als een legaal alternatief ten opzichte van de illegale markt. Dat hebben we ook gedaan met alcohol, tabak en gokken. Toch moeten we leren uit de fouten van het verleden en de productie van drugs niet commercialisering zoals we dat gedaan hebben met alcohol, tabak en gokken. Reclamespotjes op televisie of sponsoring van sportcompetities moeten we niet verwachten. Er mag geen winst gemaakt worden op de verslaving van mensen.

Naast de productie kan de overheid ook de verkoop en consumptie reguleren. Hierbij kan ze instaan voor de kwaliteitscontrole zodat de drugs veilig zijn voor gebruik. Ze kan bij de verkoop limieten opleggen en sensibilisering over de negatieve effecten verplichten. Door het gebrek aan informatie gebeurt het nu maar al te vaak dat mensen niet weten wat ze consumeren en hoe ze dat op een verantwoordelijke manier kunnen doen. Het laatste wat we willen is dat mensen sterven, laat staan jongeren die vroeg of laat experimenten met verdovende middelen.

Een wettelijk kader creëren voor de productie, verkoop en consumptie van drugs is vooralsnog niet genoeg om de maatschappelijke problemen op te lossen. Legalisering is dus niet dé oplossing. Het is een onderdeel van een bredere visie op een modern drugsbeleid. Bij legalisering dient ingezet te worden op sensibilisering en preventie. Laat nu net dat zijn waar momenteel geen aandacht voor is. Een derde van het budget in het kader van drugsbeleid gaat naar repressie, terwijl de rest gaat naar hulpverlening[7]. Aandacht voor preventie is er niet.

Dan hebben we het nog niet gehad over het gebrek aan hulp voor mensen met een verslavingsprobleem. Zij moeten maanden wachten alvorens ze behandeld kunnen worden[8]. Beleidsmakers wijzen maar al te graag met een moraliserend vingertje naar druggebruikers, maar ze geven hen te weinig kansen om daadwerkelijk te werken aan hun verslavingsproblematiek. In plaats van die drempels te verlagen, wil de politiek nog hogere boetes voor druggebruik. We moeten drempels wegwerken in plaats van mensen nog dieper in de miserie te duwen.

Het Belgisch drugsbeleid kijkt dus te veel naar repressie, maar het kan anders. Portugal is één van een dertigtal landen in de wereld dat het gebruik van sommige of alle drugs heeft gedecriminaliseerd. De cijfers tonen aan dat het werkt. Sinds Portugal in 2001 alle drugs decriminaliseerde, is het aantal drugsdoden en drugsgerelateerde criminaliteit drastisch gedaald. Druggebruik in Portugal ligt onder het Europees gemiddelde. Met de decriminalisering is er tevens meer aandacht gegaan naar hulpverlening, sensibilisering en preventie. Het is met een pakket aan maatregelen dat Portugal de drugsproblematiek stilaan onder controle krijgt.

Nu, België heeft een unieke plaats in Europa en kan je niet zomaar vergelijken met Portugal. De Haven van Antwerpen is samen met de Haven van Rotterdam dé Europese toegangspoort tot de illegale drugsmarkt. Er is daarom nood aan een Europese aanpak van de drugsproblematiek.  Dat mag ons er echter niet van weerhouden om het voortouw te nemen. Nu al steunt meer dan de helft van de Europeanen de legalisering van cannabis[9]. Waarop wachten we?

Terwijl politici blijven pleiten voor repressieve maatregelen, is er net politieke moed nodig om te luisteren naar de wetenschap. Hoe je het draait of keert, er gaan altijd mensen zijn die drugs gebruiken. Of dat nu gaat om recreatief gebruik of omwille van een verslaving, mensen hoeven dat niet te bekopen met hun leven. Het is net door de legalisering van drugs dat we een veiligere samenleving creëren. Is dat niet het belangrijkste?

 

Jef Druyts

President of the European Youth Parliament Belgium


[1] EOS Wetenschap

[2] HLN

[3] VRT NWS

[4] Universiteit van Vlaanderen

[5] HLN

[6] VRT NWS

[7] EOS Wetenschap

[8] Nieuwsblad

[9] Bloomberg

Print Friendly and PDF
Rechten voor bomen – Floris van den Berg

Rechten voor bomen – Floris van den Berg

Het liberalisme is geen intervidualisme - Victor Schollaert

Het liberalisme is geen intervidualisme - Victor Schollaert