Naar een nieuwe schuldencrisis in de eurozone? – Paul De Grauwe
Verleden week schoten de langetermijnrentevoeten in de meeste Europese landen en de VS verder naar omhoog. In België noteerde de rente op overheidsobligaties van 10 jaar 4,3 procent. Dat was in 15 jaar niet meer gebeurd. Over de oorzaken van deze rente-escalatie is al veel inkt gevloeid: hogere inflatieverwachtingen, stijgende overheidsschuld in een aantal landen waaronder de VS, de grote vraag naar krediet van AI-giganten die steeds meer datacentra bouwen, enzovoort.
Ik zou het in deze column willen hebben over wat er in de eurozone gebeurt. En daar vallen de perikelen van Frankrijk op. Dat land werd in het verleden gerekend bij de lage risicolanden binnen de eurozone. De ‘spread’ met Duitsland lag bijna altijd ver onder 1 percent. De spread is het verschil tussen de rente op overheidsobligaties van een land (in dit geval Frankrijk) en de rente op Duitse overheidsobligaties. Dit verschil weerspiegelt het risico dat beleggers zien in het aanhouden van Franse overheidsobligaties in vergelijking met het risico op Duitse overheidsobligaties.
Nu is Frankrijk het land geworden met de hoogste spread binnen de eurozone, hoger dan Griekenland, Italië en Spanje, de typische hoge risicolanden. Dat heeft geleid tot speculaties door analisten allerhande dat Frankrijk Griekenland achternaholt en dat een nieuwe schuldencrisis in de maak is. Die crisis zou in Frankrijk ontstaan en zou dan ook België kunnen treffen. Wat is hiervan aan?
Nog geen Griekse toestanden
Eerst wat perspectief. De spreads die we vandaag observeren blijven klein in vergelijking met de spreads die we gekend hebben tijdens de schuldencrisis van 2010-’12. Toen bedroeg het renteverschil meer dan 25 percent bedroeg op Griekse overheidsobligaties. De spread op Franse obligaties vandaag is ongeveer 1,5 percent. We staan dus heel ver van Griekse toestanden en ver van wat tijdens de recente pandemie gebeurde, toen de spreads dubbel zo hoog waren.
Een schuldencrisis blijft natuurlijk mogelijk. De eurozone kent een inherente fragiliteit. Die kan als volgt beschreven worden: er ontstaat wantrouwen bij beleggers ten aanzien van overheidsobligaties van een land; die beleggers verkopen obligaties van het land in kwestie; dat drijft de rente op, met het gevolg dat de overheid van dat land het steeds moeilijker heeft om geld te lenen aan redelijke rentevoeten; een liquiditeitscrisis ontstaat: het land vindt geen geld meer en wordt gedwongen tot wanbetaling. Dat was het Griekse drama.
Dit probleem werd opgelost door de ECB de taak van lender of last resort te geven. De ECB beloofde dat ze in tijden van crisis ongelimiteerde hoeveelheden van de overheidsobligaties van het land in crisis zou opkopen. En dat heeft de schuldencrisis in een handomdraai uit de wereld geholpen. Plots verdween het wantrouwen.
Dat is ook de reden waarom landen als de VS met nog grotere tekorten en een grotere schuldpositie niet in zo’n schuldencrisis zullen belanden. De centrale bank van die landen zal door haar regering gedwongen worden om overheidsobligaties te kopen. Die dwang bestaat niet in de eurozone. Geen enkele regering kan de ECB daartoe dwingen.
Rassemblement National
Het probleem van Frankrijk vandaag is dat wantrouwen is ontstaan, gebaseerd op hoge begrotingstekorten en overheidsschuld. Maar nog erger is de politieke impasse. Er is een onvermogen in Frankrijk om een begroting op te stellen, en er is het perspectief van een overwinning van extreme partijen die nog meer budgettaire avonturen zullen nastreven.
Wat gaat de ECB dan doen als er een schuldencrisis ontstaat met Frankrijk? Als de ECB weigert om Frans overheidspapier te kopen, ontstaat een existentiële crisis in de eurozone. Frankrijk is Griekenland niet, dat door de bureaucraten van de ECB en de Europese Commissie afgetroefd kan worden. Het is niet denkbeeldig dat, mocht het Rassemblement National aan de macht komen, zo’n weigering door de ECB voor Marine Le Pen de aanleiding zou zijn om haar oude droom te realiseren en uit de eurozone te stappen. Dat perspectief blijft als een zwaard van Damocles boven de eurozone hangen.
Hoe zit het met België? Gaat ons land Frankrijk achterna? We hebben een vergelijkbare begrotingssituatie, zij het dat de Belgische overheidsschuld lager is. Ik denk niet dat Frankrijk ons in de afgrond zal meesleuren. We kennen niet de politieke polarisatie van Frankrijk, die verlammend werkt. Een begrotingsakkoord dat de schuld stabiliseert is waarschijnlijker dan in Frankrijk. En dat is de beste garantie om uit de greep van de financiële haaien te blijven.
Paul De Grauwe
De auteur is professor economie aan de London School of Economics
Dit opiniestuk verscheen eerst in De Morgen van 6 oktober 2026.


