Een ambtenaar van de Dienst vreemdelingenzaken, vertegenwoordiger van de uitvoerende macht, zou een onafhankelijk lid van de rechterlijke macht kunnen opvorderen voor een louter bestuurlijke aangelegenheid. Heel deze constructie is een juridisch gedrocht met onoverkomelijke problemen die raken aan de scheiding van de machten en de rechtsstaat zelf. De uitgewerkte regeling zal hoogst waarschijnlijk de toets van het Grondwettelijk Hof en van de hoven en rechtbanken niet doorstaan.
