Dit boek vormt het tweede deel van zijn autobiografie. In Geluk beschreef Konrad zijn herinneringen aan de Jodenvervolging en de periode vlak na de Tweede Wereldoorlog. Nu pakt Konrad de draad weer op in 1945. Hij schrijft over zijn studententijd, over het beslissende jaar 1956, over het ontstaan van zijn schrijverschap en de donkere vijftien jaar waarin hem in Hongarije een publicatieverbod was opgelegd. Ondanks het feit dat hij de kans had om naar het Westen te emigreren bleef Konrad in Hongarije. Recensie door Dirk Verhofstadt.
