Woonstbetredingen: een gevaarlijk precedent voor onze rechtsstaat – Henri Heimans, Eva Vanhoorne en Pascal Debruyne
Vanavond (4 november) komen in verschillende Belgische steden en gemeenten mensen op straat tegen het wetsontwerp over woonstbetredingen. Morgen, donderdag 5 november, staat de tekst op de agenda van de Kamer. Ondanks de vele waarschuwingen van magistraten, advocaten, mensenrechtenorganisaties en politiediensten lijkt een parlementaire meerderheid bereid om een gevaarlijke grens te overschrijden. De fundamenten van onze rechtsstaat staan op het spel.
Een bestuurlijke maatregel, geen strafonderzoek
De wet zou het mogelijk maken om woningen, ook die van derden, desnoods met geweld binnen te dringen, met als doel mensen zonder wettig verblijf bestuurlijk aan te houden en te verwijderen. Weliswaar onder bepaalde voorwaarden en met machtiging van een onderzoeksrechter, maar precies daar wringt het schoentje.
De woonstbetredingen waar het hier over gaat, zijn immers geen huiszoekingen in het kader van een strafrechtelijke procedure, maar zouden plaatsvinden in een administratieve context van een bestuurlijke verwijdering. En ze zouden gericht zijn op mensen zonder papieren die ‘een gevaar voor de openbare orde of nationale veiligheid’ vormen. Dat zijn echter ruime begrippen, waar geen strafrechtelijke veroordeling voor nodig is en die te veel ruimte laten voor interpretatie.
Toch verdedigt de regering deze wet telkens weer door te verwijzen naar verkrachters, terroristen of andere zware criminelen. Maar voor de opsporing en vervolging van zulke misdrijven bestaat het strafrecht al. Politie en justitie hebben daarin verregaande bevoegdheden, mét de nodige rechtswaarborgen.
Natuurlijk moet de overheid kunnen optreden tegen mensen die een ernstig gevaar vormen voor anderen. En natuurlijk kan een terugkeerbeleid daar deel van uitmaken. Maar dat beleid moet uiteraard humaan blijven en zeker ook de grondrechten respecteren, ook van derden. Steun voor de aanpak van zware criminaliteit kan geen vrijgeleide zijn om fundamentele rechtswaarborgen af te zwakken.
Een onderzoeksrechter zonder de gebruikelijke waarborgen
Ook stelt de regering sussend dat er toch een onderzoeksrechter aan te pas komt. Dat klopt. Alleen voert die ingeschakelde rechter hier geen strafonderzoek. Het is de Dienst Vreemdelingenzaken die de rechter om de toestemming vraagt voor een bestuurlijke maatregel. De onderzoeksrechter kan daarbij nagaan of aan de wettelijke voorwaarden is voldaan en bijkomende informatie vragen, maar beschikt niet over zijn of haar gewone onderzoeksbevoegdheden. Ook de waarborgen van een volwaardig gerechtelijk onderzoek ontbreken.
Precies daar zit het fundamentele juridische bezwaar. De rechterlijke macht wordt hier ingezet voor een doel van de uitvoerende macht, zonder de gebruikelijke waarborgen die bij de rol van de onderzoeksrechter horen. Dit probleem is niet nieuw. In 2017 vernietigde het Grondwettelijk Hof al een regeling die huiszoekingen via een zogenaamde ‘mini-instructie’ mogelijk maakte. Ook daar kwam een onderzoeksrechter tussenbeide, maar ontbraken essentiële rechtswaarborgen. Het Grondwettelijk Hof vond dat onaanvaardbaar.
Het klopt dat het huidige wetsontwerp over een andere procedure gaat. Maar als een huiszoeking zelfs binnen het strafrecht niet zonder die waarborgen kon worden toegestaan, hoe zou een vergelijkbare ingrijpende maatregel dan wel kunnen binnen een administratieve procedure?
Sinds wanneer zijn grondrechten afhankelijk van populariteit?
We vinden het bijzonder verontrustend dat de regering zo licht over die bezwaren heen gaat. En dat ook parlementsleden, die toch gezworen hebben de Grondwet te respecteren, bereid lijken om dit juridische gedrocht goed te keuren.
En akkoord… het gaat hier over mensen zonder papieren. Er valt weinig electoraal gewin te behalen voor wie voor hun rechten opkomt. Maar politici zouden ook wel eens naar hun eigen verantwoordelijkheid mogen kijken. Mensen belanden immers niet altijd door eigen toedoen in onwettig verblijf. Soms zijn het juist de steeds strengere verblijfsvoorwaarden, de ingewikkelde procedures en het precaire karakter van verblijfsrechten die hen in die situatie brengen.
Maar zelfs los daarvan: sinds wanneer hangt de bescherming van grondrechten af van hoe electoraal interessant of populair bepaalde mensen zijn? Het hele idee van een rechtsstaat is precies dat een overheid niet zomaar alles kan doen wat ze wil, ook niet wanneer een meerderheid van de bevolking dat zou willen.
Zodra we aanvaarden dat fundamentele rechtswaarborgen voor bepaalde groepen mogen worden afgezwakt, scheppen we een gevaarlijk precedent. Want wie garandeert dat dezelfde redenering morgen niet opnieuw opduikt voor andere groepen en onder andere omstandigheden?
Het parlement kan nog terugkomen op zijn beslissing
Dat is waarom het verzet tegen deze wet de voorbije maanden zo breed werd gedragen. En waarom burgers, advocaten, magistraten, middenveldorganisaties en tal van lokale besturen zich hebben uitgesproken. Niet omdat zij een humaan terugkeerbeleid onmogelijk willen maken, maar omdat zij inzien dat het beleid de beginselen van de rechtsstaat moet respecteren.
Wij richten ons daarom uitdrukkelijk tot de Kamerleden die over dit wetsontwerp moeten beslissen. Ook tot diegenen onder hen die de tekst in de commissie hebben gesteund. Het is nog niet te laat om terug te komen op een verkeerde beslissing. Wordt deze wet toch aangenomen, dan moet ze zo snel mogelijk aan het Grondwettelijk Hof worden voorgelegd. De juridische argumenten liggen klaar.
Maar ook buiten de rechtszaal moet er tegenspraak blijven. Van burgers die zich uitspreken, van organisaties die zich verenigen tegen wat hogerop wordt beslist en van lokale besturen die tegen een beslissing van de federale regering durven in te gaan. Dat is ook de inzet van de acties die vanavond in Gent, Leuven, Brussel, Brugge en verschillende Waalse gemeenten plaatsvinden in het kader van No ICE in Belgium. De bezorgdheid over dit wetsontwerp leeft niet alleen in juridische kringen. Ook burgers en middenveldorganisaties weigeren te zwijgen.
Want grondrechten zoals de onschendbaarheid van de woning zijn geen gunsten van de overheid. Ze gelden voor iedereen. Zodra de rechtsstaat de rechten van bepaalde groepen niet meer beschermt, komen uiteindelijk de rechten van iedereen in gevaar. Daarom blijven wij ons verzetten. En roepen we anderen op hetzelfde te doen. Nu het nog kan.
NO ICE IN BELGIUM – Acties woensdag 4 november 2026
Brugge – 18 uur, Burg. Facebookevent
Gent – 18 uur, Botermarkt, aan het stadhuis. Facebookevent
Leuven – 18 uur, aan het stadhuis. Facebookevent
Brussel – vanaf 17 uur, Poelaertplein, met een menselijke ketting om 17.15 uur, toespraken vanaf 18.15 uur en een concert om 19 uur. Facebookevent
Henri Heimans, eremagistraat en voormalig onderzoeksrechter
Eva Vanhoorne, gemeenteraadslid voor Groen in Brugge
Pascal Debruyne, docent en onderzoeker migratie en integratie aan Odisee Hogeschool


