Erfgoed van Europa – Elizabeth Drayson
De these: Europa is islamitischer dan we denken
Er zijn boeken die precies op het juiste moment verschijnen. Erfgoed van Europa van Elizabeth Drayson is daar een treffend voorbeeld van. In een tijd waarin het publieke debat over migratie, identiteit en de plaats van de islam in de westerse samenleving steeds grimmiger wordt, onderneemt de Britse historicus een gedurfde poging om te laten zien dat Europa en de islamitische wereld al veertien eeuwen lang onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Het resultaat is een indrukwekkend, zij het niet foutloos werk dat iedere lezer aan het denken zet.
Het centrale argument van Drayson is even eenvoudig als provocerend: de Europese beschaving zoals wij die kennen, is mede gevormd door de islamitische cultuur. Zonder de islamitische geleerden, die de werken van Aristoteles en andere Griekse denkers bewaarden en vertaalden, had de westerse Renaissance er heel anders uitgezien. Zonder de Arabische wiskunde zouden we nog steeds met Romeinse cijfers rekenen. Zonder de handelswegen van het Ottomaanse Rijk zou de koffie nooit in de Europese salons zijn terechtgekomen, en zou de tulp — nu een symbool bij uitstek van de Nederlandse identiteit — nooit de Hollandse weiden hebben gesierd.
Drayson stelt deze these nadrukkelijk tegenover de invloedrijke botsing der beschavingen-these van Samuel Huntington, die de islam en christelijk Europa als twee fundamenteel onverenigbare werelden beschouwt. Die visie is niet alleen historisch onjuist, betoogt Drayson, maar ook politiek gevaarlijk. Door de islamitische bijdrage aan Europa te verdoezelen of te ontkennen, spelen we rechtse populisten in de kaart die onze samenlevingen willen polariseren.
Een reis door dertien eeuwen
Het boek is chronologisch opgebouwd en neemt de lezer mee van de vroeg-islamitische expansie in de zevende eeuw tot aan de hedendaagse debatten over de moslimidentiteit in Europa. Drayson behandelt een indrukwekkende reeks onderwerpen: de Omajjadendynastie in Andaluësie, de kruistochten, de islamitische verovering van Sicilië, de opkomst van het Ottomaanse Rijk, de val van Constantinopel in 1453, het beleg van Wenen in 1683, de Napoleon-expeditie naar Egypte, het negentiende-eeuwse oriëntalisme en de oprichting van de seculiere staat Turkije in 1923.
Bijzonder sterk is het boek wanneer Drayson zich concentreert op concrete architectuur en kunst. Haar beschrijving van de Mezquita in Córdoba is schitterend: dit gebouw, ooit de op een na grootste moskee ter wereld, belichaamt de verwevenheid van Romeinse, Visigotische en islamitische bouwkunst. Na de Reconquista werd de moskee door de katholieke kerk omgebouwd tot kathedraal — een ingreep waarover zelfs de zeer katholieke keizer Karel V zich beklaagde. Ook haar portretten van de Ottomaanse architect Sinan en de Turkse hervormer Atatürk zijn levendig en overtuigend.
Drayson laat ook zien dat de relatie tussen Europa en de islamitische wereld lang niet altijd vijandig was. Zo sloten islamitische machthebbers in Córdoba allianties met het Byzantijnse Rijk, en werkten Frankrijk en de Nederlandse Republiek samen met het Ottomaanse Rijk tegen de Spaanse Habsburgers. De Duitse keizer Frederik II sprak vloeiend Arabisch en onderhield warme diplomatieke betrekkingen met islamitische vorsten. De grenzen waren poreuzer, de uitwisselingen intensiever dan het huidige debat doet vermoeden.
Sterkten en zwakheden
De grootste kracht van het boek is de toegankelijkheid. Drayson schrijft vlot en beeldend, en weet ingewikkelde historische processen te vertalen naar boeiende verhalen. Voor een breed publiek zonder specialistische voorkennis is Erfgoed van Europa een uitstekende inleiding tot een onderwerp dat in het onderwijs en de media structureel onderbelicht blijft.
Toch zijn er ernstige kritische kanttekeningen te plaatsen. Het boek bevat opvallend veel feitelijke onjuistheden die een zorgvuldige eindredactie had moeten voorkomen. Wie de tekst kritisch leest, stuit regelmatig op historische vergissingen en onnauwkeurigheden die afbreuk doen aan de academische geloofwaardigheid van het werk — des te opvallender voor een emeritus-hoogleraar van de Universiteit van Cambridge.
Dieper nog is het methodologische probleem. Drayson wil aantonen dat de islam de Europese cultuur heeft “gesmeed”, maar verzuimt helder te definiëren wat ze precies bedoelt met Europa, met de islam, en met dat smeden. Ze beperkt zich grotendeels tot regio’s als Spanje, Italië en de Balkan — gebieden waar de islamitische invloed het meest zichtbaar is — en laat Noord- en West-Europa grotendeels buiten beschouwing. Scandinavië, de Lage Landen, Engeland: ze komen nauwelijks aan bod. Daarmee begeeft ze zich op het terrein van de confirmation bias: ze selecteert de voorbeelden die haar these ondersteunen en negeert de gebieden die dat niet doen, om vervolgens toch een uitspraak te doen over de gehele Europese cultuur.
Bovendien behandelt Drayson “de islam” als een monolithisch geheel, als een eenduidige kracht met een duidelijk omschreven essentie die door de eeuwen heen onveranderlijk bleef. Daarmee doet ze de enorme interne verscheidenheid van de islamitische wereld tekort — de tegenstellingen tussen soennieten en sjiieten, tussen mystieke en juridische tradities, tussen Arabische, Perzische en Turkse culturen. Ze toont aan dat moslims betrokken waren bij allerlei cruciale Europese ontwikkelingen, maar bewijst zelden dat deze ontwikkelingen voortkwamen uit de islam als zodanig.
Een essentiële boodschap, een onvolmaakt boek
Ondanks deze tekortkomingen is Erfgoed van Europa een boek dat gelezen moet worden. De boodschap — dat de islamitische en Europese beschaving diep in elkaar geworteld zijn en dat het publieke debat daarover gevaarlijk simplistisch is — is urgenter dan ooit. In een klimaat waarin historisch nationalisme en cultureel chauvinisme terrein winnen, biedt Drayson een noodzakelijke correctie.
Het boek is het meest overtuigend als cultuurhistorisch essay en als politiek pleidooi. Als streng wetenschappelijk werk schiet het tekort. Wie bereid is dit onderscheid te maken, zal 639 pagina’s lang gefascineerd en geprikkeld worden.
Recensie door Siebo M. H. Janssen
De auteur is politiek wetenschapper en historicus van de Nieuwste Tijd
Elizabeth Drayson, Erfgoed van Europa, Uitgeverij Spectrum, 2026, 639 blz.


