Regering zoekt 7 miljard, maar belastingbasis kromp al met 21 miljard euro – Paul De Grauwe

Regering zoekt 7 miljard, maar belastingbasis kromp al met 21 miljard euro – Paul De Grauwe

Sinds 2013, dat was het einde van de financiële crisissen, observeren we een merkwaardig fenomeen in België. De Belgische overheidsontvangsten, inclusief sociale bijdragen, beginnen systematisch te dalen. Terwijl die ontvangsten in 2013 nog meer dan 52 procent van het bbp bedroegen, was dat percentage in 2025 gekrompen tot 49 procent. Anders uitgedrukt: waren die ontvangsten op hetzelfde niveau gebleven als in 2013, dan zou de Belgische overheid vandaag zomaar even 21 miljard meer inkomsten hebben.

Ik weet het: in dit geval zouden een aantal economische variabelen er anders hebben uitgezien (bijvoorbeeld het bbp), zodat die 21 miljard slechts kan worden gezien als een benadering. Maar het bedrag is zo hoog dat er zelfs na aftrek van enkele miljarden nog heel veel overschiet.

Vanwaar komt die spectaculaire krimp? Hier zijn de grote lijnen. Een aantal bronnen van overheidsinkomsten zijn gedaald, met name personenbelastingen, sociale bijdragen en indirecte belastingen. Daartegenover staat een stijging van de vennootschapsbelastingen, maar die is te klein om de trend om te keren. Al bij al dalen de overheidsontvangsten met 3,3 procent van het bbp sinds 2013. Dat zijn die 21 miljard.

Hoe konden die tendensen zich doorzetten? Twee trends hebben samengewerkt. Ten eerste is er de verschuiving van nogal wat Belgen met hogere inkomens uit het statuut van werknemer naar een statuut dat hen toelaat hun wedde te registreren als winst van een vennootschap. Op die manier hebben deze Belgen hun belastingen en sociale bijdragen drastisch kunnen verminderen en hebben ze geprofiteerd van een gunstigere fiscale behandeling binnen hun vennootschap.

Die tendensen hebben bijgedragen tot het merkwaardige fenomeen dat de belastingdruk in België vanaf een bepaald inkomensniveau helemaal niet meer progressief is. Vanaf de top 20 procent van de inkomens begint de belastingdruk te dalen. De top 10 procent, met een gemiddeld maandinkomen van 12.000 euro of meer, geniet van een belastingdruk van 40 procent. Voor de modale Belg met een maandinkomen van 3.400 euro bedraagt die druk 47 procent.

En ongelooflijk maar waar: de top 1 procent, met een gemiddeld maandinkomen van 59.000 euro, gaat gebukt onder een belastingdruk van 23 procent, een druk die lichter is dan wat de groep met de laagste inkomens (de bottom 20 procent) moet torsen. Voor de geïnteresseerde lezer: deze cijfers komen uit het magistrale werk van een groep professoren onder leiding van André Decoster gepubliceerd in 2024 onder de titel De paradox van de ongelijkheid in België.

Er is nog een tweede factor die heeft gezorgd voor een uitholling van de belastingbasis. De indirecte belastingen en de sociale bijdragen zijn door opeenvolgende regeringen aangewend als instrument van economisch en sociaal beleid. Zo werden btw-tarieven verlaagd voor specifieke sectoren (bouw, horeca, energie).

In de sociale zekerheid werden de patronale bijdragen verlaagd om de tewerkstelling van doelgroepen te bevorderen of de competitiviteit van ondernemingen te versterken. Een lappendeken van speciale tarieven is het resultaat en zet mensen ertoe aan activiteiten te verplaatsen of aan te passen om van de gunstigere tarieven te genieten. De beleidsdoelstellingen worden niet gehaald, maar de belastingbasis wordt verder uitgehold.

De regering is op zoek naar 7 miljard euro om het begrotingstekort te drukken. Een succesvolle sanering zal naast een vermindering van de uitgaven – die noodzakelijk blijft – evenzeer de krimpende inkomsten moeten aanpakken. Welnu, er is laaghangend fruit in de vorm van 21 miljard aan potentiële inkomsten.

Als de regering ernstig is, dan moet ze toch daar gaan zoeken waar wat te rapen valt. Ik heb helaas de indruk dat de regeringsleden het hoofd afwenden en niet in die richting willen zoeken. De recente wijzigingen in het statuut van managementvennootschappen zijn zo marginaal dat ze als bliksemafleiders moeten worden beschouwd.

De weinige aandacht van de regering-De Wever die naar het opkrikken van de belastinggrondslag gaat, is er vooral omdat in de coalitie bepaalde partijen een veto hebben uitgesproken tegen een verhoging van de belastingen. Nochtans kan de belastinggrondslag worden opgekrikt zonder de belastingtarieven te verhogen, tenminste wat betreft de personenbelastingen en de socialezekerheidsbijdragen.

Wat wel moet gebeuren, is dat poorten worden gesloten: die open poorten hebben het mogelijk gemaakt voor enkele honderdduizenden Belgische werknemers om te vluchten uit het statuut van werknemer en een minder belaste weg te zoeken. Zo zijn ze erin geslaagd om de last van de sanering te verschuiven naar de schouders van de vele Belgen met lagere inkomens.

 

Paul De Grauwe

De auteur is professor economie aan de London School of Economics. Deze tekst verscheen eerst in De Morgen van 1 juni 2026.

Print Friendly and PDF
De breuk tussen Tech en MAGA komt eraan – Stephen Holmes

De breuk tussen Tech en MAGA komt eraan – Stephen Holmes